Je bent hier:
Start
Thema's
Dossiers
11.11.11 wil invloed uitoefenen op het beleid. Dat geldt bij uitstek wanneer je streeft naar meer rechtvaardige verhoudingen tussen rijke en arme landen. Het besef groeit dat we de problemen van armoede en ongelijkheid niet kunnen oplossen door voedselpaketten uit te delen of waterputten te graven. Rechtvaardige handelsrelaties en een degelijk sociaal beleid in de landen zé lf, kunnen dat wel. Het komt er op aan de machtsstructuren te veranderen die veel mensen de kans ontzeggen om aan elementaire behoeften zoals voeding, gezondheid en scholing te voldoen.
1.
Een beter officieel ontwikkelingsbeleid
Dat is dé klassieker binnen ons politieke werk. Onze leden steunen dan ook op de expertise van het koepelsecretariaat om hier zelf actief rond te zijn.
De voornaamste aandachtspunten zijn:
- De regering moet haar belofte in de programmawet van 2002 nakomen om 0,7% van het BNI aan ontwikkelingssamenwerking te besteden tegen 2010. De eerste jaren maakte ze daar weinig werk van, maar met de streefdatum in zicht werd de begroting voor ontwikkelingssamenwerking voor 2010 tot 0,7% opgetrokken. Een riem onder ons hart! Uiteraard moeten we waakzaam blijven voor de begroting 2010.
- De begroting mag niet artificieel worden opgepoetst met zaken die geen nieuwe middelen leveren voor het Zuiden (zoals schuldkwijtschelding of de aankoop van zuivere lucht in het kader van het Kyoto-verdrag).
- De hulp moet zo doeltreffend mogelijk besteed worden. Het is aan de partnerlanden om hun prioriteiten te bepalen en aan donoren om zich hierop af te stemmen. Donoren moeten ook meer samenwerken.
- Er moet een coherent ontwikkelingsbeleid zijn. Wat men geeft via ontwikkelingshulp mag bijvoorbeeld niet via handelsovereenkomsten worden teruggenomen.
- Speciaal project in 2010: met partners (vooral uit Centraal-Afrika) willen we nagaan in welke mate de overheden hun beloften inzake de millenniumdoelstellingen hebben ingelost.
2.
Handelsrelaties moeten ontwikkeling bevorderen

Rechtvaardige handelsrelaties kunnen, meer dan ontwikkelingshulp, kansen voor ontwikkeling creëren in het Zuiden. Het rijke Noorden dringt echter al te agressief een vrijhandel op, waarvan zwakke groepen in het Zuiden vaak schade ondervinden. Onbeperkte vrijhandel is goed voor sterke spelers. Maar prijst lokale boeren in het Zuiden uit de markt en remt de opkomst van lokale industrieën
Daarom zullen we de komende jaren:
- pleiten voor een transparant handelsbeleid van de Europese Unie
- waakzaam zijn tijdens de onderhandelingen van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
- lokale bewegingen helpen om zich te organiseren tegen al te agressieve handels- en investeringsakkoorden van de EU (EPA's).
3.
Controle op de rol van internationale financiering
De Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de regionale ontwikkelingsbanken sturen in grote mate het ontwikkelingsbeleid van landen, hun investeringsbeleid en grote infrastructuurwerken.
Onder druk van bedrijven worden bestaande beschermingsmaatregelen voor lokale bevolking en milieu afgezwakt. We steunen campagnes om deze trend te stoppen en juist tot een betere bescherming te komen.
Ook de financiële sector vormt een bedreiging voor ontwikkeling. We zoeken internationale bondgenoten i.v.m. regulering van speculatie en het aan banden leggen van fiscale paradijzen.
4. 
Natuurlijke rijkdommen: eerder vloek dan zegen
De meeste landen waar we met partners werken, beschikken over grote voorraden natuurlijke rijkdommen, ertsen, petroleum en tropisch hardhout. Door corruptie en het gebrek aan regelgeving en/of toepassing ervan, ervaart de lokale bevolking enorme nadelen van de exploitatie en zelden of nooit enig voordeel.
We zullen werken:
- aan de organisatie van getroffen gemeenschappen in het Zuiden voor de uitoefening van politieke druk en maatschappelijke controle
- aan corruptiebestrijding en betere regelgeving op sociaal en ecologisch vlak: mijn- en bosbouwcodes, impactstudies, participatie in de besluitvorming.
- aan de regulering van bedrijven die in deze sector actief zijn.
5.
Klimaatsverandering en de Noord-Zuidrelaties
Het Noorden zorgt voor de opwarming, het Zuiden ondergaat ze. Samen met onze partners en andere milieu- en ontwikkelingsorganisaties werken we aan rechtvaardige internationale akkoorden. Het Noorden kiest daarbij voor afbouw van het steeds groter verbruik van fossiele energie. Het Zuiden krijgt de financiële mogelijkheden om zich aan te passen en kan zicht tegelijk ontwikkelen op basis van meer duurzame energiebronnen.
6.
Onze Noord-Zuidrelatie bij uitstek: Centraal-Afrika
Deze regio blijft een belangrijk thema voor de Belgische politiek. Onze leden verwachten van 11.11.11, als koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging, dat wij de Belgische en internationale gemeenschap stimuleren om ontwikkeling in deze regio mogelijk te maken.
Hierbij staan onder meer de volgende punten op de agenda:
- gerichte steun aan de broze democratische structuren, bijzondere aandacht voor decentralisatie van nationale overheid naar lokale niveaus
7.
MigratieNatuurlijke, economische en politieke omstandigheden hebben mensen er altijd al toe aangezet hun woonplaats te verlaten om elders een beter leven op te bouwen. Migratie heeft echter een grote impact op ontwikkeling. 11.11.11 gelooft in een aanpak waar iedereen baat bij heeft: de triple win.
Migratie is een wereldwijd fenomeen. In een wereld waar geld en goederen steeds vrijer mogen bewegen ontstaat er een mondiale arbeidsmarkt. Die zet mensen er toe aan om ook werk te zoeken buiten de grenzen van hun geboorteland. De groeiende ongelijkheid en het gebrek aan perspectief op ontwikkeling in de eigen streek, zijn de belangrijkste redenen voor emigratie uit het Zuiden.