Jean Ziegler komt na ...
Kalender: Koffiestop ...
GreenMacheen compute ...
Marguerite Barankits ...
In 2004 ontving Marguerite - Maggie - Barankitse o.m. al een eredoctoraat aan de Université Catholique de Louvain. Op 22 juni 2005 mocht zij in Brussel de Nansen Vluchtelingenprijs van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR officieel bij haar vele onderscheidingen voegen.
De “Engel van Burundi”, zoals ze ondertussen bekend is, krijgt de prestigieuze prijs voor haar inspanningen voor 10.000 kinderen die op de één of andere manier getroffen werden door de Burundese burgeroorlog en andere regionale botsingen. Zeker 300.000 burgers kwamen bij die conflicten om het leven.
Marguerite Barankitse, een Tutsi, groeide op in een katholiek weeshuis. Haar ondertussen twaalf jaar durende religieus geïnspireerde reddingsoperatie begon op 24 oktober 1993. Drie dagen na de moord op de eerste, ternauwernood verkozen Hutu-president Melchior Ndadaye drong een bende Tutsi’s het bisschoppelijk paleis van Ruygi binnen, waar Marguerite behalve haar zeven eigen pleegkinderen tientallen gevluchte Hutu’s had verschanst. 72 vluchtelingen werden voor haar ogen afgemaakt, een 25-tal kinderen kon zij met een losgeld vrijkopen. Na maandenlange omzwervingen met een snel aangroeiende groep kinderen, zette zij met de hulp van het Duitse Caritas op een stuk land van haar ouders in Ruyigi “Maison Shalom” op, haar eerste opvangtehuis. Tien jaar later heeft Barankitse meerdere organisaties warm kunnen maken voor haar initiatief. Zij kreeg o.m. Unicef aan boord, en richtte nog een drietal “opvangcommunes” op, o.m. in Gisuru, op de Burundees-Tanzaniaanse grens.
Unicef raamt het aantal Burundese kinderen die ten minste één ouder verloren op 558.000. 77.000 daarvan zijn beide ouders kwijt. De meeste van hen zijn getuige geweest en/of slachtoffer van wreedheden. Ca. 10.000 van die vaak getraumatiseerde kinderen zouden in de voorbije tien jaar langs één van Barankitse’s “communes d’acceuil et de réinsertion” zijn gepasseerd. De ondertussen tot kleine dorpsgemeenschappen uitgegroeide opvangcentra bieden onderdak, gezondheidszorg en psychologische bijstand aan kinderen van alle leeftijden, ongeacht hun etnische of religieuze afkomst. Zij krijgen er onderwijs of vorming, zodat zij “gewapend” in de maatschappij kunnen stappen.
De laatste jaren concentreert de werking in Maggies centra zich op familiehereniging van vluchtelingen die uit ballingschap in Tanzania naar Burundi terugkeren, en op hiv- en aidsbestrijding; veel van “haar” kinderen zijn immers seropositief.
Barankitse krijgt over de hele wereld erkenning voor haar werk, maar hier en daar wordt ze ook voor gek verklaard, o.m. omdat ze zich als Tutsi bekommert over Hutukinderen. Marguerite: “Ik ben zeker naïef geweest: ik dacht nl. dat de oorlog een week of twee ging duren, en tien jaar later was ik nog kinderen aan het rondhalen. En ik bén misschien wel een beetje gek. Maar ik ben niet met die slachting begonnen. Zeg nu zelf, wie is er gekker: diegene die mensen uit de weg ruimt, of diegene die hen probeert te redden”…
Links: