Vorig jaar meldden we U al dat er in 2010 meer dan 925 miljoen mensen waren die honger leden. De Wereldbank schatte in juli 2011 dat het afgelopen half jaar 44 miljoen mensen extra in extreme armoede zijn terechtgekomen door de stijgende voedselprijzen. Zij moeten overleven met minder dan 1,25 dollar per dag. Een nieuwe voedselcrisis is uitgebroken, met als meest bekende brandhaard de landen van de Hoorn van Afrika waar 12 miljoen mensen in acute nood leven.
Bijna een miljard mensen dat honger lijdt... Te weinig energie om te werken. Geen kracht om initiatief te nemen. Mannen, vrouwen, kinderen die doodgaan van niks. De eerste millenniumdoelstelling die staatshoofden wereldwijd in 2000 ondertekenden, voorziet de halvering van honger tegen 2015. Nee, het ontbreekt de wereld niet aan straffe verklaringen. Maar veel zicht op beterschap is er anno 2011 niet. Nochtans hoeft honger niet uitzichtloos te zijn.
Tweederde van die hongerigen leeft in een boerenfamilie, en is voor een inkomen afhankelijk van de landbouwsector. In de eerste plaats moeten boeren en boerinnen daarom hun werk kunnen doen, én ervan kunnen leven. Daar is geld en technische ondersteuning voor nodig, maar ook méér dan dat. Er is goed beleid voor nodig.
Nadat hij Vlaanderen al uitlegde aan de Walen, Wallonïe aan de Vlamingen, en België aan de Fransen, doet Bert Kruismans een poging om u de wereldwijde voedselcrisis uit te leggen. Liberalisering van de voedselmarkt, onverantwoorde investeringen, voedselspeculatie, biobrandstoffen,... aan "geniale" ideeën geen gebrek! Naar aanleiding van Wereldvoedseldag 2011 (16 oktober) stelt de Coalitie tegen de Honger u een absurde video over het absurde voor.
Met: Bert Kruismans, Olivier Prémel Realisatie: Julien Truddaïu & Ben Flinois Decor: Thibaud Roy Regie/Script: Sylvie Traisnel & Stephane Desgain Vormgeving Sonore: Matanzas My Pixel is rich & SDLM Prod
Geniale ideeën Juist / Fout?
1.Mondiale concurrentie, een geniaal idee?
FOUT. Dit idee blijft de basis van de handelsbetrekkingen onder controle van de Wereldhandelsorganisatie.
Hetzelfde idee is opgenomen in de akkoorden die Europa wil ondertekenen met de ACS-landen (Afrika, Caraïben en Stille Oceaan) en stuurt de hervormingen van het GLB. Dit idee is catastrofaal. Niet enkel omdat de machtige landen de eigen landbouw op wettige wijze ondersteunen via steunmaatregelen en arme landen verhinderen om dit te doen via invoerheffingen.
Het idee is in beginsel slecht. Binnen de landbouwsector bestaan er op wereldvlak grote verschillen en het is nutteloos om deze sector in concurrentie te brengen. Door de concurrentie verdwijnt de meerderheid van de landbouwers in de wereld, hoewel ze op dit ogenblik 70% van de wereldbevolking voeden. Voorts veroordeelt deze concurrentie jaarlijks 50 miljoen boeren om van het platteland te vluchten naar de sloppenwijken.
Tot slot doet deze concurrentie kleinschalige landbouw verdwijnen. Deze vorm van landbouw is nochtans het best geplaatst om de productiviteit te verhogen en het leefmilieu en het klimaat te beschermen, om nog maar te zwijgen van de toekomstperspectieven die deze landbouw biedt aan miljoenen jongeren. We zullen deze boeren en boerinnen in de toekomst nodig hebben om de 9 miljard mensen op onze aardbol te voeden.
2.Alles voor de export, een geniaal idee?
FOUT. Dit simplistische idee bevestigt dat men zich het best kan ontwikkelen door de economie open te stellen en zich te richten op de export.
Door te verkopen aan rijke landen om te voldoen aan hun overconsumptie, zou men meer rijkdom creëren in de exporterende landen. De zogenaamde ontwikkelde landen zijn niet op deze manier aan hun dominante positie geraakt. Verder is het zeer gevaarlijk om zich te specialiseren in export, terwijl de basis voedingsbehoeften van de bevolking niet vervuld zijn. De voedselafhankelijkheid ondermijnt de toekomst van lokale landen en werpt het land in chaos, terwijl de voedselprijzen sterk stijgen, zoals dat het geval was in 2008, 2009 en 2011.
3. Transparantie, een geniaal idee?
FOUT. Transparantie zal het probleem van speculatie op voedselproducten niet oplossen. Sinds de kredietcrisis van 2008 is er sprake van speculatie op voedselproducten. Sinds dat jaar gebruiken financiële actoren zoals banken, investeringsfondsen, speculatiefondsen, pensioenfondsen ... voedselgrondstoffen om geldverlies te beperken of landbouw termijnmarkten om winstmarges te behouden.
Indien men het volume kent van de publieke voorraden over de hele wereld (transparantie), zou men speculatie op tekorten kunnen vermijden bij wereldwijde goede oogsten. Alle andere vormen van speculatie zouden zeker niet vermeden worden. De oorzaak van het probleem ligt elders. Onder het presidentschap van Bill Clinton, slechts een tiental jaar geleden, hebben de Verenigde Staten financiële actoren de toelating gegeven om actief te zijn op de markten van voedselgrondstoffen en termijnmarkten van landbouwproducten.
De meeste landen hebben deze deregulering gevolgd. Dit heeft ertoe geleid dat slechts 2% van de landbouwcontracten resulteert in de levering van het materiële voedingsmiddel. Deze markten dienen als speculatie voor financiële actoren en bieden een betere rentabiliteit dan aandelen en obligaties.
Transparantie is nodig als dit dient om te weten wie speculatieve posities inneemt en hoeveel, maar is totaal ontoereikend. Het zou nuttiger zijn om de landbouwmarkten en termijnmarkten voor te behouden voor actoren die effectief kopen. Men moet ook het aantal posities beperken om te verhinderen dat dominante actoren de koersen beïnvloeden om speculatieve redenen.
4. Landroof, een geniaal idee?
FOUT. Dit is enkel juist indien het gaat om een "win – win" systeem waar investeerders een rendabele sector vinden en het verkopend land landbouwinvesteringen krijgt die het anders nooit had kunnen doen.
Deze investeringen zullen de voedselafhankelijkheid niet verminderen, aangezien het doel in veel gevallen exportproductie is. Sinds de voedselcrisis van 2008 en de recente stijging van de prijzen voor voedselproducten hebben landen zoals China en olieproducerende landen geen vertrouwen meer in de wereldmarkt om hun bevolking te voeden.
Deze landen dwingen nationale investeerders om elders gronden te kopen om voor hen te produceren. Hierbij komt dat een derde van de landbouwgronden bestemd is voor de exportproductie van landbouwbrandstoffen. Omdat de landbouwsector opnieuw rendabel is na 30 jaar prijsdalingen zijn investeerders, op zoek naar rentabiliteit, sterk geïnteresseerd in grond.
De lokale bevolking profiteert niet of heel weinig van deze investeringen. Men beoogt rentabiliteit tegen iedere prijs en men maakt vaak gebruik van vruchtbare gronden en waterbronnen. Wat als de infrastructuur wordt achtergelaten door een investeerder die het land verlaat omdat grond en water zijn opgebruikt? De gronden die zogenaamd niet gebruikt worden, zijn vaak wel in gebruik. Deze gronden zullen ook nodig zijn om werk en voedsel te geven aan een groeiende wereldbevolking.
Waarom een Coalitie tegen de Honger? De Coalitie tegen de Honger is een coalitie van Nederlandstalige en Franstalige organisaties opgericht in 2002.
De Coalitie werkt aan het Belgisch beleid tegen de honger. Het doel is het beleid te verbeteren en het verbeteren van de coherentie van de verschillende beleidsdomeinen die een invloed hebben op het recht op voedsel en ontwikkelingspraktijken.
Hierbij maakt de coalitie gebruik van een dialoog tussen de verschillende actoren in de ontwikkelingssamenwerking. Het doel is een gemeenschappelijke visie van strijd tegen honger waarbij boerenorganisaties, familiale landbouw voor lokale markten en agro-ecologie centraal staan. De politieke lobbyacties en dialogen worden gefinancierd door de coalitieleden en door het Belgisch Overlevingsfonds.