Verlenging missie F-16's Syrië/ Irak- reactie 11.11.11

De inzet van Belgische F-16's in Syrië en Irak wordt vanaf 1 juli 2017 met 6 maanden verlengd. 11.11.11 is tegen deze verlenging. Het aantal burgerdoden van de Internationale Coalitie bereikte de afgelopen maanden dramatische hoogtes, terwijl er nog steeds geen duidelijk Belgisch engagement is voor een intensifiëring van de politieke en stabiliserende inspanningen in Syrië en Irak. België trekt opnieuw ten oorlog zonder grondig politiek debat, zonder duidelijk juridisch mandaat, zonder duidelijke doelstellingen, zonder transparantie en zonder grondige evaluatie van de eerdere militaire inzet.

Op 15 juni maakte Premier Michel bekend dat de Belgische deelname aan de luchtaanvallen van de Internationale Coalitie in Syrië en Irak met zes maanden verlengd wordt, tot eind 2017. De extra kost wordt geschat op 18 miljoen euro, terwijl het afgelopen jaar al 46 miljoen euro werd uitgegeven aan de inzet van de Belgische F16s.

Premier Michel benadrukte dat de verlenging belangrijk is om een 'betrouwbare internationale partner te zijn'. Eind mei 2017 klonken al soortgelijke geluiden binnen de meerderheidspartijen, die een verlenging een 'goede zaak' vonden 'om te tonen dat we een trouwe bondgenoot binnen de NAVO zijn'.

De verlenging komt er op een moment dat het aantal burgerdoden die gemaakt worden door de Internationale Coalitie een zelden gezien hoogtepunt bereikt.

Dramatische toename burgerdoden

De verlenging komt er op een moment dat het aantal burgerdoden die gemaakt worden door de Internationale Coalitie een zelden gezien hoogtepunt bereikt. Monitoringgroep Airwars stelt dat de Coalitie alleen al in mei 2017 tussen de 348 en 521 burgerdoden maakte in Syrië en Irak, een stijging met bijna 20 % tegenover april 2017 en het op één na hoogste maandelijkse gemiddelde sinds augustus 2014. Dit is 2,5 keer zoveel als het aantal Russische burgerdoden in Syrië in mei 2017.

De VN-onderzoekscommissie voor Syrië trekt eveneens aan de alarmbel, en stelt dat de Internationale Coalitie al minstens 300 burgers doodde bij het offensief om Raqqa (Syrië) te veroveren. De VN waarschuwt voor het lot van 400.000 Syrische burgers in de provincie Raqqa. Ook Human Rights Watch en Amnesty International klagen het groeiende aantal burgerslachtoffers, de lakse procedures van de Internationale Coalitie, de Amerikaanse inzet van witte fosfor in Syrië en Irak en het overmatig gebruik van explosieve wapens in dichtbevolkte gebieden aan.

Volgens Airwars vallen 86 % van de geschatte burgerdoden in Syrië bij Raqqa, terwijl Mosoel goed is voor 93 % van de burgerdoden door de Internationale Coalitie in Irak. De Belgische luchtmacht is erg actief in of nabij beide steden, wat ernstige vragen doet rijzen over de claim dat Belgische F16s nog geen enkel burgerslachtoffer maakten. 'Alarm bells at these high civilian casualties should be ringing in the capitals of every nation participating in the US-led Coalition', stelt ook Chris Woods van Airwars. 'Instead most allies continue to claim their bombs are somehow perfect - and do not harm civilians on the ground. This dangerous assertion - entirely unsupported by all facts on the ground - should be put to rest once and for all.'

De bewering dat buiten de VS geen enkele bondgenoot burgerslachtoffers maakt, is totaal ongeloofwaardig.

Airwars schat dat de Internationale Coalitie sinds augustus 2014 minstens 3.962 burgerslachtoffers maakte. Enkel de Verenigde Staten erkenden verantwoordelijkheid voor 484 burgerslachtoffers, maar andere coalitielanden beweren 0 (nul) slachtoffers te hebben gemaakt. In totaal is er sprake van 22.448 luchtaanvallen, waarbij 84.296 bommen en raketten werden ingezet. De bewering dat buiten de VS geen enkele bondgenoot burgerslachtoffers maakt, is totaal ongeloofwaardig. Uit officiële Amerikaanse en VN-data over luchtaanvallen in Afghanistan, Pakistan en Jemen blijkt dat gemiddeld één burger wordt gedood per zeven tot tien luchtaanvallen. België behoort echter tot de minst transparante landen binnen de Coalitie, waardoor het onmogelijk is om de Belgische verantwoordelijkheid voor burgerslachtoffers onafhankelijk in te schatten.

Nog steeds geen politiek plan

Ministers en parlementsleden struikelden in het voorjaar van 2016 over elkaar heen om te benadrukken dat een militaire aanpak niet volstaat om IS in Irak en Syrië te verslaan. Eén jaar nadat regering en parlement een 'omvattende' aanpak tegen IS beloofden, is er van aanvullende politieke en stabiliserende maatregelen echter nog steeds geen sprake.

Een recent rapport van 11.11.11, "Empty Words", toont dat de belofte dode letter bleef. België investeerde sinds 2014 nauwelijks 300.000 euro in politieke en stabiliserende maatregelen, tegenover 46 miljoen euro voor de luchtaanvallen tussen 1 juli 2016 en 1 juli 2017. Ter vergelijking: militaire wisselpartner Nederland gaf meer dan 13 miljoen euro uit aan dergelijke flankerende maatregelen, maar liefst 46 keer zoveel als België. Op vlak van humanitaire inspanningen scoort België wel goed: 175,9 miljoen euro in 2014-2016.

IS 2.0

Als België zich enkel beperkt tot bombarderen, staat er binnen enkele jaren gewoon een IS 2.0 op. In de praktijk beperkt de Belgische bijdrage zich echter tot het sturen van F-16's en humanitaire hulp, maar ons land neemt op het politieke en stabiliserende niveau nauwelijks een betekenisvol engagement op.

In plaats van de missie van de Belgische F-16's te verlengen, moet België inzetten op politieke, stabiliserende en humanitaire inspanningen. Het kan in dit opzicht op korte termijn een pakket aan maatregelen opstellen om actief bij te dragen aan de uitvoering van de nieuwe Europese Syriëstrategie. Er is daarnaast dringend nood aan een grondiger politiek debat, een duidelijker kader en doelstellingen, grotere transparantie en een grondige evaluatie van de inzet van F-16's het afgelopen jaar.

 

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels