Jean Ziegler komt na ...
Een inleefstage in h ...
Politiek werk zet zo ...
Dagboek van een inle ...
|
|
||
![]() |
||
| In de zomer van 2005 trokken zestien 11.11.11-sympathisanten op eigen kosten voor drie weken naar Tanzania. Samen als Wereldpartners de partners van 11.11.11 ter plekke leren kennen. Hieronder kan je een selectie lezen uit het groepsverslag. We vestigen hier uiteraard de aandacht op de rol van de vrouw. Voor wie interesse heeft, kan je ook hier een ander stuk van het verslag lezen. | ||
Vrijdag 8 juli 2005
Bezoek aan Nambala
We zullen hier activiteiten bekijken van WADEC (vorming en netwerking rond duurzame landbouw aan 300 vrouwen) en WEGCC. Twee organisaties waar de vrouw centraal staat. WADEC organiseert vorming en netwerking rond duurzame landbouw. WEGCC staat in voor de economische vorming van en kredietverlening aan vrouwengroepen. We brengen een bezoek aan Evelyn Sumari en Concesa Njuzi.
Zij kan dankzij WADEC verbeterde variëteiten kweken van bananen, bonen en maïs. Vroeger teelde ze bananen op de traditionele manier, maar toen volgde ze de training bij WADEC. Ze plantte voor het eerst de nieuwe variëteit op 26 augustus 2004. Ze is zeer tevreden met de huidige opbrengst: 1 ha levert 30 à 40 ton op. Twee maal per jaar kan ze een rijke oogst binnenhalen. De bananen dienen om te eten en om bier van te maken; de bladeren als veevoer.
Bezoek aan Malula Village
We gaan langs bij de culturele activiteiten van VIA VIA en het werk van BEST.
Woensdag 13 juli 2005
We gaan in Mwenge op bezoek bij een groepje van acht vrouwen en mannen die als bijbaantje landbouwproducten verwerkt tot papajawijn, pindakaas en confituur. Het hele productieproces wordt uit de doeken gedaan. Het brouwen van wijn hebben ze geleerd via een overheidsinstelling die kleine bedrijven ondersteunt. Ze bottelen hun wijn ook zelf: alleen de etiketten kopen ze van dezelfde instelling. Hun productie ligt op 1000 liter wijn per jaar.
De papajaconfituur bevat naast papaja ook banaan, limoen en sinaasappel en suiker. De suiker-fruitverhouding is 1 op 2.
De pindakaas bestaat uit geroosterde en gemalen pinda's, suiker, zout en plantaardige olie, een mengsel dat au bain marie wordt gekookt en dan in bokalen verpakt. Ze verkopen op de lokale markt en aan winkels. VECO wil hun nog leren om een realistische prijs op hun producten te plakken, zodat ze niet met verlies werken.
Het groepje heeft ook nog een bijkomend project: een 'droogkast' voor fruit en groenten. In een kast met een bodem van zwart plastic en een deksel van doorzichtig plastic worden de vruchten in de zon te drogen gezet. Na één dag is het eindproduct klaar: ook dit wordt lokaal aan de man/vrouw gebracht.
Doris, de bezielster van het project heeft een prijs gewonnen van de VN als model kleine ondernemer.
Donderdag 14 juli 2005
De volgende dag brengen we een bezoek aan het hoofdkantoor van de Kisiwani 'ward' (kanton). Een hele groep vrouwen en mannen is aanwezig voor onze ontvangst en voor een training over voedsel en voedingswaarde gesponsord door VECO. Zich voorstellen is heel belangrijk. Omwille van tijdgebrek wordt het namen noemen vervangen door het uitwisselen van lijstjes met onze namen en die van de Tanzanianen. (slim bekeken van Maim).
De cursus over voedsel duurt drie dagen en wordt na zes maanden nog eens opgefrist. Als een onderdeel ervan bereiden vrouwen kindervoeding voor kinderen van 6 maanden tot 2 jaar. Maïs (80%), sojabonen (10%) en pinda's (10%) worden geroosterd om de houdbaarheid te bevorderen en dan wordt alles tot meel vermalen. Het product wordt verkocht voor 1000 Tsh. per kg, ingepakt in plasticzakjes die worden gesloten door de warmte van een kaars.
Na een rit met uitgestrekte vergezichten komen we aan in Mhezi. We maken er kennis met de ‘Vukika Women's Group' die zich bezighoudt met voedselverwerking. Ze zijn pas opgestart in juni in de hoop meer inkomen te verwerven. De kerk wordt gebruikt als klas voor de cursus duurzame landbouw waaraan vooral vrouwen deelnemen. Het gaat om een vijfdaagse cursus met lessen 's morgens en 's avonds.
Onderweg naar Haza Café voor de lunch, stoppen we nog bij een 'modelwoning' met zelfgemaakte houtbesparende oven, een graansilo en een bijenkorf voor niet-stekende bijen. De vrouw des huizes licht alles toe. De oven bespaart 90% op het houtverbruik. Nu zijn maar twee blokken hout meer nodig voor de bereiding van een maaltijd – vroeger twintig. De vrouwen produceren ook lokale ketchup en tabasco voor de verkoop. Ze maken ook jam.
Zondag 17 juli 2005
We bezoeken een ‘genderproject’ van ADP. Dat bestaat erin om vrouwen eigendomsrecht te verschaffen over hun vee (koeien). Per gezin wordt één koe ter beschikking gesteld – via een contract, door de vrouw te ondertekenen. Wanneer de koe twee vrouwelijke kalveren heeft voortgebracht, wordt ze eigendom van het gezin. De kalveren worden doorgegeven aan de andere leden van de groep. De koeien zijn 'Fresians', het zijn koeien die meer melk geven (8 liter per dag) dan de 'local cows' (1 liter per dag). Er zijn veel families vragende partij om te participeren aan het project. Momenteel hebben al zes gezinnen een koe. Mannelijke kalveren mogen behouden blijven om te slachten. Eén vrouw heeft ook een beer (mannelijk zwijn) die verhuurd wordt voor de voortplanting.
Onze groep stelt zich wel enkele vragen over het 'gendergehalte' van dit project. Enkel de mannen geven uitleg en blijkbaar kan een vrouw maar een contract ondertekenen als de man ermee instemt. Volgens Justin is dit al een groot verschil met vroeger. Toen beslisten de mannen alles alleen.
Na een lunch gaan we te voet naar een kippenkweekcentrum. ADP stelde een aantal kippen uit Malawi ter beschikking die veel meer eieren leggen dan de plaatselijke kippen en bovendien nog
een zeer goed vleesras zijn. Ook dit wordt weer voorgesteld als een 'genderproject'. We zien inderdaad enkele – trotse – vrouwen. Maar alweer zijn het alleen de mannen die het woord voeren. De kweek van dit andere kippenras is een schot in de roos. De mensen komen zelf ter plaatse kippen kopen. De vraag is vele malen groter dan het aanbod. De prijs is navenant: 8000 Tsh. voor één kip. Verder wordt nog meegedeeld dat men een lokaal vaccin gebruikt tegen vogelpest: een mengsel van aloë-vera en doornappel.
Eén van de 'cross-cutting issues' waar ADP veel aandacht aan besteedt, is sensibiliseren over hiv/aids en andere epidemieën. Dit blijkt ook wel nodig. We hoorden dat er b.v. een groot probleem is doordat veel leerkrachten met hiv besmet zijn. De lonen van de leerkrachten worden uitbetaald in de steden. Als de (mannelijke) leerkrachten met (relatief) veel geld in de stad rondlopen, bezwijken ze al gauw voor de vele 'verleidingen'. Prostituees zijn erop gericht om hun zo snel mogelijk van hun geld af te 'helpen'. Indien de leerkrachten in hun dorp zouden worden uitbetaald, zou veel miserie bespaard blijven.
(Greet had nog een andere suggestie: laat de vrouwen van de leraars het loon gaan afhalen.)
Maandag 18 juli 2005
Vandaag brengen we een bezoek aan ADP Mbozi. Deze organisatie is vooral actief op de volgende terreinen: paprikateelt, bijenkweek, zonnebloemen en zonnebloemolie, lokale kippenkwekerijen, paddestoelenkweek, geitenkweek.
Paddestoelenproject
Mevrouw Kajoen, een echte robuuste zakenvrouw beschrijft trots heel het kweekproces van de paddestoelen.
Een plasticzak gevuld met rijststro, in water gedrenkt met calciumcarbonaat, suiker en maïsmeel wordt in de grond geplant voor 12 uren en gesteriliseerd. Na de sterilisatie moet de inhoud met zak een aantal uren afkoelen. De handen van de boer/boerin moeten steriel zijn als de sporen in de zak gestoken worden. Dan worden er kleine gaatjes in de zak geprikt en wordt de zak met inhoud 16 dagen in een volledig donkere kamer gezet. Na deze periode verschijnen er kleine paddestoeltjes. De zakken worden dan in een andere kamer met meer licht gezet gedurende zeven dagen, maar eerst worden de gaatjes vergroot zodat de paddestoelen meer ruimte krijgen om door te breken. Dan moeten ze nog drie dagen blijven staan, met een serieuze lichtinval. Het hele proces duurt dus ongeveer een maand en dan kan er worden geoogst. 1 kg levert 2000 Tsh. (2 dollar) op.
De paddestoelen worden gebruikt voor consumptie, maar ook voor medicinale doeleinden (voor astma, bloeddruk, …) De sporen worden in Mbeya aangekocht.
In Benin en Togo in West-Afrika promoot VECO al langer projecten van paddestoelenteelt.
Mevrouw Kajoen toont ons nog een ander project: het maken van balen stro. In de grond wordt een gat van 50 cm gemaakt (een put gegoten in cement). Daarin wordt eerst een koord gelegd en dan wordt het losse maïsstro aangestampt in de kuil. Vervolgens wordt de koord dichtgeknoopt om het stro compact bijeen te houden. Zo worden echte balen maïsstro gemaakt, die veel minder plaats innemen. Mevrouw Kajoen heeft een patent op dit systeem.
Dinsdag 19 juli 2006
We komen op het drielandenpunt tussen Tanzania, Malawi en Zambia. Normaal is de weg naar het dorp waar we heen gaan 3 km lang, maar we moeten nu 10 km rijden omdat er geen brug is. Uiteindelijk komen we aan in Mtima (betekent hart). Hier bezoeken we een waterdistributieproject gefinancierd door VECO. Simon stelt ons voor aan het dorpshoofd. De 'chief' is gekleed in een lang zwart kleed met een wit boordje aan de hals. Dit gewaad toont zijn status. Ook de dorpssecretaris is aanwezig.
Project 1 waterdistributie
Probleem: 2 km hoog op de helling ligt een bron, dus de vrouwen moesten telkens 2 km klimmen om aan zuiver water te raken. Het water van de rivier veroorzaakte ziekte en diarree en was ook periodes van het jaar uitgedroogd.
Inhoud van het project: op de helling werd een reservoir van 45.000 liter gebouwd om het water uit de bron op te vangen. De middelen hiervoor werden in België gevonden (via VECO). De voorraad water in het reservoir en de waterdruk zijn voldoende om al de omliggende dorpen van water te voorzien. Het is de bedoeling dat er acht distributiepunten komen. Twee waterpunten zijn al af. Een aansluitingspunt/aftappunt voor distributie kost 400.000 Tsh. of 400 dollar. Voor de andere zes punten moet nog geld gevonden worden. Ook een dorp dat in Malawi ligt, wordt vanuit dit reservoir met water bediend. De dorpen en huizen liggen heel verspreid, dus de andere punten zijn zeker nodig. Iedereen moet toegang krijgen tot drinkbaar water.
We maken een klim om het reservoir van dichtbij te bekijken. De vrouwen (met baby's op de rug) volgens ons langs een andere weg, vele op blote voeten. Ook de kinderen klimmen mee.
Wanneer we weer beneden zijn, luidt Marina de klok die aan de boom hangt en de palaver onder de boom kan beginnen. De vrouwen gaan in een groep bij elkaar zitten, de mannen gaan in een andere groep opzij zitten. Simon vraagt of we ons in twee groepen zullen verdelen om apart met mannen en vrouwen ondereen te praten. Wij verkiezen natuurlijk een gemengd publiek.
De 'chief' en de secretaris houden een toespraak. Simon vertaalt.
De inhoud: dank u; twee aftappunten zijn niet genoeg; vraag om geld en samenwerking; het dorp doet zelf inspanningen: ze hebben 240 euro op de bank als eigen contributie en ze geven ook geld voor de brug.
Twee vrouwen spreken als woordvoerster voor de vrouwen.
De inhoud: dank u; melkgeiten gefinancierd door VECO; waterproject – er moet nog meer toegang komen; ze verzorgen twintig weeskinderen in moeilijke omstandigheden; er is niet genoeg onderwijs; de groeten aan Marc Helsen.
Lieve beantwoordt deze speeches met een woordje en de belofte voor individuele financiële steun.