Verder knokken voor de Tobintaks

Voorzichtig optimistisch
Enkele maanden geleden waren we voorzichtig optimistisch over de levenskansen van een belasting op munttransacties, of op financiële transacties in het algemeen. In het gewoel van de grote financiële crisis in 2008 – 2009 waren de politieke leiders, tot op het niveau van de G-20 op zoek naar een manier om de banken en andere groten uit de financiële sector een deel van de opgelopen averij te laten betalen. Het idee van een belasting op financiële transacties paste relatief goed in dat plaatje.
Het rijtje internationale prominenten dat op zijn minst lippendienst verleende was indrukwekkend. Het idee van de taks vond ook zijn weg naar de instellingen. Het Europees Parlement stemde resoluties ten gunste van de taks. De parlementairen vroegen de Europese Commissie ook om een rapport dat het nut en de wenselijkheid van een financiële transactietaks en andere vormen van innoverende financiering zou onderzoeken. Op nog hoger niveau gaf de G-20 opdracht aan het Internationaal Munt Fonds om te zoeken naar manieren om de financiële sector te laten meebetalen voor de schade die de financiële crisis heeft veroorzaakt. Het fonds moest ook aangeven hoe schade door dergelijke crisissen in de toekomst zou kunnen worden beperkt.

Met een bekeerde Belgische regering?     
Op Belgisch niveau was de vooruitgang spectaculair. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Leterme lanceerde in oktober 2009 in Parijs (in het kader van de vooral door Frankrijk getrokken ‘leading group on innovative financing’), samen met een twaalftal ministers uit andere landen, een ministeriële werkgroep rond de belasting. Die groep stelde een expertenpanel samen waarin naast Lieven Denys (een van de auteurs vna de Belgische ‘tobinwet’ in 2004) nog enkele notoire voorstanders van de CTT waren opgenomen. Het voorbeeld werkte aanstekelijk. Onze overheid sponsorde een vergadering van het internationaal expertenpanel in Brussel. Minister van Ontwikkelingssamenwerking Charles Michel ging op een vergadering van Europese collega-ministers de taks actief verdedigen. Op een consultatievergadering in voorbereiding van het Belgisch EU-voorzitterschap verklaarde zelfs Didier Reynders zich bereid om i.v.m. de taks Europese initiatieven te steunen. Bij DGOS (Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking) loopt men met plannen rond om in de marge van de VN-top rond de Millenniumdoelstellingen in september 2010 mee te werken aan een evenement rond de taks.

Niet zonder slag of stoot
De tegenstanders gingen niet zomaar liggen bloeden. President Obama kwam met het voorstel van een veel zwakkere bankbelasting. Een ‘elegante uitweg’ die door heel wat andere regeringsleiders werd aangegrepen. De Europese Commissie produceerde een agressief, negatief rapport dat de FTT onbehoorlijk veel kritischer behandelde dan andere voorstellen voor innoverende financiering. De Commissie klampt zich vast aan oude weerlegde tegenargumenten (zoals grote delocalisatie van activiteiten, de nood aan een globale toepassing en de onverenigbaarheid met Europese verdragen.)

Het rapport van het IMF circuleert in een voorlopige vorm. Nuttig is dat het IMF alvast de haalbaarheid van de FTT bevestigt. Het fonds haalt uiteindelijk wel twee andere voorstellen uit de mand. Een eerste belasting moet dienen om een buffer op te bouwen om in geval van een nieuwe crisis reddingsoperaties te financieren. Ze zou vooral gericht zijn op grote banken die bij faling een risico zouden betekenen voor het financieel systeem. De tweede taks zou geheven worden op de winsten van de banken en overdreven  bonussen van bankiers. Die tweede taks kreeg de gepaste afkorting ‘FAT’ tax (Financial Activity Tax). Het zijn  deze voorstellen die in juni op de tafel van de G-20 zullen belanden (bij een eerste toetsing in de G-20 kreeg ook het IMF-voorstel overigens heel wat tegenwind). Volgens experten gaat het IMF met zijn voorstellen een stuk verder dan wat de meeste G-20 leiders willen. Maar een FTT of CTT  is het niet, niet naar opbrengst en niet naar regulerende invloed op de financiële sector.

Maar toch…
Ondanks alles staat de deur nog altijd op een kier. Er is nog geen beslissing gevallen over de IMF-voorstellen. De zwakke argumentatie van de Europese Commissie moet publiek worden gekraakt. Met de ‘nieuwe’ financiële crisis in Europa hebben de Europese ministers van Financiën (in een perscommuniqué na een recente ECOFIN) de Financiële Transactie Taks toch weer op de politieke tafel gelegd.  En het rapport van het expertenpanel van de ‘Leading Group on Innovative Financing’ kan weer wind in de rug geven aan nieuwe acties. De steun van ngo’s , internationale netwerken en vakbonden is groter dan ooit. Het wordt hoog tijd om al die steun ook te bundelen  rond één gezamenlijk voorstel en gezamenlijke actie. Om de FTT stevig aan bod te doen komen in de VN-conferentie over de millenniumdoelen en om écht druk te zetten op de G-20.
De internationale gemeenschap kan zich eigenlijk niet veroorloven om een uitstekend instrument als de FTT niet te gebruiken.

Rudy De Meyer, 11.11.11.

Deel dit artikel