Wat doet 11.11.11 me ...
Wat is duurzame ontw ...
Wat is eerlijke hand ...
Wat is Gats?
GATS is de afkorting van General Agreement on Trade in Services - Algemeen Akkoord over de Handel in Diensten. Het werd voor de eerste keer ondertekend in 1994 en is één van de belangrijkste akkoorden binnen de Wereldhandelsorganisatie (WTO).
GATS wil alle diensten aan een commerciële logica onderwerpen
GATS is geen handelsakkoord in traditionele zin. GATS raakt aan de fundamenten van onze samenleving.
GATS stelt iedereen voor de keuze: zullen we toelaten dat diensten in de toekomst allemaal op commerciële basis worden georganiseerd, ook het onderwijs, de gezondheidszorg, de waterdistributie, de post, het vervoer, het theater, de monumentenzorg, het milieubeheer, enz.
En: laten we de dienstenindustrie en de handelsdiplomaten hierover alléén beslissen?
Wat maakt GATS zo belangrijk en bijzonder?
De dienstensector is de grootste economische sector : goed voor 2/3 van het wereldwijde BNP en de tewerkstelling
Alle diensten, ook de meest essentiële worden geviseerd. De dienstensector wordt zeer ruim gedefinieerd : van de hele bouwsector, over ingenieurs- en architectuurdiensten, boekhouding, computerdiensten, reinigingsdiensten, bank-en verzekeringsdiensten, over openbare nutsvoorzieningen zoals gas, water, electriciteit, openbaar vervoer, post, telecommunicatie, tot diensten aan personen zoals gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, bejaardenzorg, sociale zekerheid en alles wat met cultuur te maken heeft.
Openbare diensten zijn amper beschermd. De strengste regels van het huidige GATS-akkoord gaan alleen maar op voor die diensten die men zelf heeft aangeduid. Maar GATS heeft ook algemene regels die gelden voor alle diensten, behalve : als ze door de overheid worden aangeboden op niet-commerciële basis en zonder te concurreren met privé diensten. Deze uitzondering gaat dus niet op als men, bijvoorbeeld, voor openbare gezondheidzorg moet betalen en de privé deze zorgen ook aanbiedt. De uitzondering gaat met ander woorden heel zelden op.
GATS gaat vooral over investeringen en het verplaatsen van personen.
GATS geeft wel een bijzondere eigenaardige betekenis aan het begrip handel. In feite kunnen maar weinig diensten verkocht worden of geëxporteerd als een gewoon product. Een architect kan een plan versturen naar de andere kant van de wereld, maar een toerist verplaatst zichzelf om van zijn vakantie te genieten (dat heet dan consumptie in het buitenland) en een bank opent een filiaal om in het buitenland zijn diensten aan te bieden. Een filiaal openen is in feite een investering, maar in GATS noemt men dit handel door commerciële aanwezigheid. Dikwijls stuurt de bank trouwens eigen experten mee om het filiaal op te starten. Sommige bedrijven verhandelen hun diensten zelfs uitsluitend door het uitzenden van personen. Het dienstenakkoord gaat dus ook over het uitvoeren van arbeid.
GATS dringt door tot in de binnenlandse regelgeving.
Vermits GATS dus niet zozeer gaat over pakjes over de grens brengen zoals de traditionele handelsakkoorden, maar over investeringen en arbeid; gaan de regels ook niet zozeer over douanetarieven, maar over de rechten van de dienstenverstrekkers die in een land worden toegelaten. Meer zelfs, GATS is er opgericht om bepalingen op te leggen die gelden voor alle dienstenverstrekkers zonder meer (eigen of buitenlandse). Volgens GATS mogen binnenlandse regels voor diensten geen onnodige handelsbelemmering vormen of niet meer handelsbelastend zijn dan nodig. Let wel er staat niet: zoweinig mogelijk milieubelastend, of zoweinig mogelijk gezondheidsbedreigend. Handel dus als hoogste principe in de maatschappij.
TOP-DOWN EN BOTTOM-UP: algemene en bijzondere regels.
De meeste WTO-akkoorden zijn top down: er zijn algemene regels die voor iedereen gelden (mits enige uitzonderingen). In GATS zijn dat de regels die bepalen dat:
GATS is ook bottom up, dat wil zeggen dat er ook bijzondere regels instaan die alleen maar gelden voor die diensten die men zelf heeft aangeduid, en dan nog mits een heleboel beperkingen die men zelf kiest. In GATS mag men kiezen voor welke diensten men markttoegang verleent, onder welke voorwaarden dit gebeurt en of men deze diensten vervolgens dezelfde (nationale) behandeling geeft als de eigen diensten.
Aan GATS komt geen einde.
Het akkoord heeft een ingebouwde agenda die de ondertekenaars verplicht om voortdurend nieuwe onderhandelingen aan te gaan om de dienstensector verder te liberaliseren. GATS heeft algemene regels die opgaan voor alle diensten, en bijzonder regels die alleen opgaan voor die diensten waarvoor men engangementen is aangegaan. In elke nieuwe onderhandelingsronde worden de algemene regels strenger, en moet men meer diensten liberaliseren, meer uitzonderingen schrappen, enz. In principe kan men dus kiezen welke diensten men aan de bijzondere regels onderwerpt, maar het is de bedoeling dat uiteindelijk toch alles voor de bijl gaat.
Voor GATS is er geen weg terug.
De logica van het akkoord is verderschrijdende liberalisering. Terugkomen op een genomen beslissing kan alleen maar mits betaling. Als een regering inziet dat de liberalisering van een bepaalde sector schadelijke effecten heeft, dan kan ze haar engagementen wijzigen, maar moet ze compensatie aanbieden door een andere dienst te liberalseren. Het algemene niveau van liberalisering moet even hoog blijven en blijven stijgen.
GATS 2000 en de nieuwe WTO onderhandelingen
Diensten uitverkopen achter gesloten deurenJarenlang heeft de Europese Unie geijverd voor een nieuwe uitgebreide onderhandelingsronde in de WTO over allerlei thema's. Daarover gingen de discussies op de WTO-conferenties van Seatlle (USA, december 1999) en Doha (Qatar, november 2001). Uiteindelijk heeft de Europese Unie in Qatar haar zin gekregen en is de zogenaamde Doha-ronde er van start gegaan.
Maar omdat GATS een ingebouwde agenda heeft, heeft men voor GATS niet op de Doha-ronde moeten wachten en zijn de onderhandelingen voor een nieuw GATS-akkoord al in februari 2000 gestart. Deze onderhandelingen hebben twee luiken: vooreerst, over nieuwe en strengere algemene regels, bijvoorbeeld over welke subsidies nog mogen, of waaraan overheidsaanbestedingen moeten voldoen en bovenal hoe binnenlandse regelgeving zoweing mogelijk handelsverstorend kunnen gemaakt worden. Daarnaast moeten de WTO-leden meer engagementen opnemen voor meer diensten en zoveel mogelijk uitzonderingen laten vallen.
Tegen einde juni 2002 moesten alle 145 WTO-leden aan elkaar laten weten wat hun vraag was: welke diensten vindt elk land dat elk ander land zou moeten liberaliseren. Tegen einde maart 2003 moeten de WTO-leden op basis van die vraag een aanbod doen: welke diensten is elk land bereid om te liberaliseren. Nadien wordt er van land tot land (bilateraal) onderhandeld om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen.
De Europese lidstaten en de Europese Commissie hebben hun dienstenindustrie uitgebreid en langdurig (gedurende minstens drie jaar) geconsulteerd bij de voorbereiding van de vraag. De Europese Unie stuurde haar vragen naar 109 landen en kreeg vragen van een dertigtal landen. Géén enkele van deze documenten is publiek! Wie er zich zal mogen uitspreken over het aanbod is niet duidelijk. En er is ook weinig tijd. De Europese Commissie, die voor al de Europese lidstaten onderhandelt, zal haar eerste voorstellen van aanbod pas eind januari klaar hebben en einde maart moeten ze al ingediend worden bij de WTO! Of dit aanbod bovendien ooit publiek zal gemaakt worden is verre van zeker.
Wil Europa fundamentele vragen over de liberalisering van haar diensten afhaspelen op 7 weken tijd, zonder fatsoenlijke inspraak van burgers, werknemers en consumenten ?!
GATS, WTO en de ontwikkelingslanden
Als de Europese Unie 109 vragen verstuurd heeft en er maar en dertigtal gekregen, dan betekent dit dat ongeveer 70 landen er niet in geslaagd zijn om hun vraag te formuleren. Inderdaad een groot aantal ontwikkelingslanden heeft niet voldoende middelen om de eigen offensieve belangen te formuleren, of op gelijkwaardige wijze deel te nemen aan de onderhandelingen.
Dat geldt niet alleen voor GATS, maar voor de WTO-onderhandelingen in hun geheel. Het is dan ook niet verwonderlijk dat WTO-akkoorden zijn afgestemd op de belangen van de industrielanden en dat een heleboel liberaliseringen aan de ontwikkelingslanden worden opgedrongen. Pogingen om de bestaande akkoorden bij te schaven, of bijzondere bepalingen ten voordele van ontwikkelingslanden uitvoerbaar te maken, leiden maar niet tot tastbare resultaten.
Van kwaad naar erger?
Nog meer nieuwe bevoegdheden voor de WTO: investeringen, overheidsaanbestedingen en concurrentieregels.
Met het GATS-akkoord dringen de WTO-regels diep door in de binnenlandse regelgeving en worden ze alsmaar bepalender voor de manier waarop we niet alleen de handel maar ook de productie, en tenslotte heel onze maatschappij organiseren.
De Europese Unie is de drijvende kracht om de WTO nog veel verder te laten gaan in die richting. Zaken die nu al in het GATS-akkoord zitten, zoals bepalingen over investeringen, overheidsaanbestedingen en concurrentieregels, wil de Europese Unie niet alleen voor de dienstensector, maar voor alle sectoren.
Ontwikkelingslanden hebben deze Europese eis tot nu toe nog kunnen afweren, maar de kwestie wordt opnieuw de inzet van de Vijfde Ministerconferentie van de WTO in Cancun (Mexico) in september 2003.Daar maakt de WTO een tussenstand van de Doha-ronde op en worden eventueel nieuwe thema's toegevoegd.
Marc Maes, 11.11.11-Beleidsmedewerker Handelbeleid