Schrijf je uit op de ...
SOS Opvang: Ngo's sa ...
Staatssecretaris De ...
Steeds meer CO2-uits ...
BERLIJN , 9 december 2011 - Officieel gaan Europese landen de Kyotodoelstellingen wel halen, maar dan rekenen ze de groeiende import uit Azië, met bijbehorende uitstoot, niet mee. De klimaattop in Durban kan beter niet praten over emissie, maar over de CO2-voetafdruk, menen wetenschappers.
In het Kyotoakkoord is afgesproken de uitstoot met 5 procent te verminderen ten opzichte van 1990. Naar de letter (of het cijfer) van de wet gaat de Europese Unie dat met 15 procent reductie makkelijk halen. Maar als we de import van buiten de Unie zouden meerekenen, en de uitstoot die dat met zich meebrengt, zou alleen al in Frankrijk en Duitsland de emissie niet lager liggen, maar 20 procent hoger. Dat blijkt uit twee nieuwe onderzoeken. Hetzelfde geldt voor andere industrielanden.
"Geïndustrialiseerde landen meten CO2-vermindering, maar in werkelijkheid is hun productie naar het buitenland verplaatst, waardoor de mondiale emissie ongeveer gelijk gebleven is", zegt Felbermayr, die de voetafdruk van veertig landen tussen 2005 en 2007 heeft berekend.
Volgens de traditionele meetmethode is China tegenwoordig de grootste vervuiler, net voor de Verenigde Staten. Maar volgens de methode van de CO2-voetafdruk is de VS nog steeds de grootste vervuiler. China exporteert meer dan 27 procent van zijn emissies, gevolgd door Zuid-Afrika (20 procent) en Tsjechië (19 procent).
Carbone 4, een Frans bureau dat CO2-emissies meet, komt in zijn laatste onderzoek met dezelfde conclusies. "Officiële cijfers suggereren dat Frankrijk op het goede spoor zit met de reductie, zonder dat we onze consumptie hoeven beperken", zegt directeur Jean-Marc Jancovici. Volgens de consumptiegerichte methode van Carbone 4 is de uitstoot van Fransen sinds 1990 echter gestegen met een kwart.
De grootste importeurs van emissies zijn Zwitserland (58 procent), Zweden (36 procent), Noorwegen (33 procent) en Nederland (32 procent).
De OESO heeft hier al eerder voor gewaarschuwd. "Pogingen om broeikasgasemissies tegen te gaan zullen minder effectief zijn als landen met emissiedoelstellingen hun koolstofintensieve productie verplaatsen naar landen zonder dergelijke doelstellingen", meldde een rapport uit 2005. De op consumptie gebaseerde uitstoot lag volgens de OESO gemiddeld 16 procent hoger dan de uitstoot gemeten naar productie. In 2009 meldde een nieuw rapport hierover dat dit effect alleen maar toeneemt.
Wetenschappers zoals Felbermayr roepen nu op de CO2-voetafdruk te gaan gebruiken als indicator voor reductiedoelstellingen. "Die voetafdruk kan heel precies worden aangepakt door een belasting in te voeren op de CO2-inhoud van producten." Bovendien zou het een doorbraak kunnen bewerkstelligen op de klimaattop in Durban, denkt Felbermayr. "Het gebruik van de CO2-voetafdruk kan China en India bereid maken deel te nemen aan internationale klimaatakkoorden."
Auteur: Julio Godoy