Een Zimbabwaanse len ...
Op zoek naar een 11. ...
Zuidamerikaanse leid ...
'Het Zuiden is slach ...
“De CO2-uitstoot in het Zuiden zal toenemen, maar het is pervers ons daarvoor met de vinger te wijzen.”
Hoe kunnen meer mensen in het Zuiden toegang krijgen tot elektriciteit zonder een toename van de CO2-uitstoot?
Lidy Nacpil: De toegang tot energie is een basisrecht dat je niemand kan ontzeggen. In de landen van het Zuiden is er energy poverty. De energieproductie moet dus omhoog en wel op zo’n manier dat het betaalbaar blijft voor de gewone mensen.
Om de uitstoot binnen de perken te houden, is het absoluut nodig om dat te doen met hernieuwbare energie. En daar wringt het schoentje, want de ontwikkelde landen doen onvoldoende aan overdracht van technologie naar het Zuiden. Je botst daar op patentrechten, maar ook op een gebrek aan financiële middelen. Zonnepanelen blijven heel duur en dus voor velen onbereikbaar. Als de financiële engagementen van de ontwikkelde landen niet fors naar omhoog gaan, dan zal het aandeel van hernieuwbare energie beperkt blijven. De CO2-uitstoot in het Zuiden zal dus alleen maar toenemen.
Het is pervers om ons daarvoor met de vinger te wijzen. Met drie kwart van de bevolking veroorzaakt het Zuiden slechts een kwart van de uitstoot. Het is dus in de eerste plaats aan de ontwikkelde landen om hun aandeel te verminderen.
11.11.11-partner Walhi en Greenpeace voeren actie tegen het toenemend aantal steenkoolcentrales in Indonesië. De Wereldbank financiert deze vervuilende centrales maar werpt zich tegelijk op als beheerder van de klimaatfondsen. Rare combinatie!
Welke rol speelt de Wereldbank in dit energiebeleid?
Lidy: Eén van de opdrachten van de Wereldbank is het terugdringen van de armoede. De WB beweert dat ze werkt aan het dichten van de energy gap, maar niets is minder waar. De gewone bevolking krijgt de kruimels van hun projecten die vooral gericht zijn op het ondersteunen van multinationals. Bovendien duwen ze de laatste tien jaar de regeringen naar de privatisering van de energiesector. In Indonesië en de Filipijnen is de privatisering compleet en de prijzen zijn alleen maar gestegen! Gevolg: nog minder mensen hebben toegang tot energie.
Bovendien ondersteunt de WB vooral grote projecten van de private sector met centrales op basis van fossiele brandstoffen zoals steenkool. Zo neemt de uitstoot alleen maar toe.
De Wereldbank wil haar energiepolitiek herzien. Hoe moet die er volgens jou uitzien?
Lidy: In het Zuiden willen de mensen vooral de Wereldbank weg. Ze willen dat die zich zo weinig mogelijk bemoeit. Deze instelling is zo gediscrediteerd dat we alleen een lijstje hebben van wat de WB niet zou mogen doen. Ze moet stoppen met de promotie van de privatisering, zowel van energie als van water, van alle diensten, stoppen met het financieren van centrales op basis van fossiele brandstof, en stoppen met het opleggen van politieke voorwaarden bij hun leningen, zoals de privatisering van essentiële diensten.
Heeft de Wereldbank voor jou dan geen enkele rol te spelen in het opvangen van de klimaatwijzigingen?
Lidy: De WB speelde vroeger helemaal geen rol op het vlak van klimaatbeheer. Toen er sprake was van klimaatfondsen wierp de bank zich op als centrale beheerder ervan. Het hoort thuis bij een VN-instelling, met een democratisch bestuur.
Wij vinden de WB niet betrouwbaar en ondemocratisch. Landen hebben er stemrecht in verhouding met hun financiële inbreng. Bovendien werkt de WB met leningen. Klimaatfondsen moeten geen leningen geven, want het gaat hier over compensatie en schadeloosstelling voor de aangerichte schade in het Zuiden. Als iemand je huis vernielt en je daarna een lening aanbiedt om het terug op te bouwen, ga je dat toch niet aanvaarden. Je zal een schadevergoeding eisen. Met de klimaatverandering is het niet anders.
Eddy Maes
Bron: Pagina11