Desastreuze impact van steenkoolmijnen in Indonesië

indonesie kalimantan steenkool KrisVL
11.11.11-medewerker Kris Vanslambrouck is net terug van een bezoek aan Oost-Kalimantan in Indonesië en was sterk onder de indruk van het aantal mijnen en de desastreuze impact op de omgeving en op het inkomen van de boeren. In de laatste tien jaar alleen al werden in deze regio meer dan 1000 concessies voor het uitbaten van steenkoolmijnen toegekend. 

Indonesië werd op korte tijd de grootste steenkoolexporteur ter wereld. Maar het protest groeit. Een verslag over energiehonger, de gevolgen daarvan en het groeiende protest.Deel 1.

Indonesië is een relatieve nieuwkomer op de steenkoolmarkt. Pas de afgelopen tien jaar werd de ene na de ander mijnconcessie toegekend. Alleen al in de provincie Oost-Kalimantan werden meer  dan 1000 concessies verleend.  In geen tijd werd Indonesië zo de grootste exporteur van steenkool voor energieproductie ter wereld. Nadat eerder al de bossen in  Kalimantan zijn gekapt, is het nu dus de beurt aan wat er onder de grond zit.

De belangrijkste klanten van deze steenkool zijn China, India, Zuid-Korea, Japan, Taiwan, Filipijnen en Thailand. Slechts 20 % blijft in het land zelf. Steenkool voor de export dus. En dat terwijl 20% van de Indonesische bevolking, vooral op de dunbevolkte eilanden  nog geen toegang heeft tot stroom. Bovendien groeit de economie, neemt de bevolking toe en consumeert die alsmaar meer stroom. De regering staat m.a.w. voor een grote uitdaging. Heel wat partnerorganisaties werken dan ook rond energie, één van de hot issues in Azië.

In 2013 was er voor het eerst in 10 jaar een daling van de productie. Enerzijds daalde de prijs, waardoor nieuwe investeringen uitgesteld werden. En in China groeide de ongerustheid over de vervuiling, waardoor het minder steenkool ging importeren.  Maar ook het lokaal protest nam toe. Boeren zijn nu minder snel geneigd om hun land te verkopen aan de mijnbouwbedrijven en vele inwoners, vooral in de stad Samarinda, klagen steeds luider over de vele overstromingen en andere overlast.

ocha Ocha: "Concessies worden zonder enige consultatie van de betrokken inwoners toegewezen. Boeren worden geïntimideerd en tegen elkaar opgezet".

Ik bezocht deze regio in Oost-Kalimantan voor het eerst in 2009 en was sterk onder de indruk van het aantal mijnen en de desastreuze impact op de omgeving en op het inkomen van de boeren. In de drie dagen van mijn bezoek hoorde ik niks anders dan pakkende verhalen over de verdeel-en- heers-strategie van de bedrijven, de corruptie en arrogantie van de overheid en een falend rechtssysteem.

Toxic Tours

Bij het lokaal protest speelde de lokale afdeling van 11.11.11-partner Jatam  een belangrijke rol. Ocha is al tien jaar de inspirerende kracht hierachter. Om verschillende redenen is de bevolking in deze regio niet sterk georganiseerd. Daardoor  lag de weg open voor de politici en bedrijfslui die vaak onder één hoedje spelen om de concessies te verdelen.

Samen met een groepje jongeren die hij op de universiteit had gemobiliseerd, probeerde Ocha daar iets aan te doen. Ze organiseerden 'Toxic Tours' langs vervuilde sites om de bevolking duidelijk te maken dat mijnbouw niet het nieuwe 'normaal' was, ze praatten met de boeren, en stapten met de regelmaat van de klok naar de media om de gevolgen van de mijnbouw aan te klagen: landroof, verlies aan voedselproductie, overstromingen.

Ocha :  "De concessies worden zonder enige consultatie van de betrokken inwoners toegewezen aan de eerst biedende. Pas op het moment dat het bedrijf klaar is voor de ontginning, worden de boeren één voor één ingelicht en gevraagd hun land te leasen aan het bedrijf. Indien er steenkool wordt gevonden krijgen ze een kleine vergoeding, indien er niks wordt gevonden moeten ze het geld teruggeven en krijgen ze een verwoeste akker in de plaats.

Door deze stap voor stap strategie lijkt het alsof de ontginning beperkt blijft en worden de boeren tegen elkaar uitgespeeld. Het bedrijf biedt bewust uiteenlopende prijzen voor de grond, huurt  veiligheidsagenten in om de boeren te intimideren, betaalt militairen om regelmatiger te patrouilleren, verspreidt geruchten over het aantal boeren dat reeds het land leasde..."

Op het einde van mijn eerste bezoek viel het water een half uur lang met bakken uit de lucht, niks ongewoons in de tropen tijdens het regenseizoen, maar wel voldoende om een voorstadje van Samarinda helemaal onder water te doen lopen. In de heuvels was immers net een steenkoolmijn gestart, en dat zorgde voor een ongeziene modderstroom die  alle moestuinen, visvijvers en waterputten in het stadje vernielde.

De inwoners waren de wanhoop nabij. Hun inkomen was zowat gehalveerd na de komst van de steenkoolmijn, en hun protest werd afgewimpeld. "De mijnbouwbedrijven geven meer inkomsten aan de overheid, dus moeten ze blijven." Hun conclusie: "Het is duidelijk dat de politici de bedrijven belangrijker vinden dan hun eigen bevolking."

Kinderen spelen in een ondergelopen straat

 

Nadia

Dit jaar was ik terug in Samarinda, en zag dat Jatam Oost-Kalimantan zo mogelijk nog sterker is geworden. Het aantal vrijwilligers is toegenomen, en samen met een aantal inwoners hebben ze een zaak aangespannen tegen de lokale en nationale autoriteiten, een zgn. Citizen Lawsuit.
Ze verwijten de autoriteiten dat ze bij het uitdelen van de vele concessies de eigen wetgeving rond milieubescherming, klimaat en voedselvoorziening met de voeten hebben getreden. Deze rechtszaak krijgt heel wat mediabelangstelling en is een goede manier om hun grieven onder het grote publiek te verspreiden.

Op 8 april 2014 verdronk de tienjarige Nadia in een verlaten mijnput van 10 meter diep. Ze woonde in een gehucht van Samarinda, Rawa Makmur. De ontginning van steenkool was er in 2011 stopgezet na protest van de inwoners. Maar niemand bekommerde zich om de putten die al gemaakt waren.

Volgens Jatam is Nadia het achtste kind dat sinds 2011 verdronken is bij het zwemmen in verlaten mijnputten. In totaal liggen er zo'n 150 van die putten in en rond Samarinda. Ocha: " De regering oefent geen enkele druk uit op de bedrijven om die te dichten en terug klaar te maken voor landbouw. Samen met lokale actiegroepen hebben we in 2013  zestien mijnen laten sluiten, en er staan er nog 25 op de zwarte lijst. "


Tekst en foto's: Kris Vanslambrouck, Verantwoordelijke 11.11.11 partnerwerking Azië

11.11.11 DOOR:

krisvanslambrouck 120x12011.11.11 medewerker Kris Vanslambrouck reisde door Indonesië en maakte een 3-delige artikelenreeks over de nefaste invloed van steenkoolmijnen op de omgeving en op het inkomen van de boeren.

  1. Desastreuze impact van steenkoolmijnen in Indonesië
  2. Wie wordt beter van steenkool?
  3. Rijstboeren en vissers gooien roet in hightech steenkoolcentrale

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels