Elektrische sprong voorwaarts voor Senegalese dorpen

De Senegalese overheid is gestart met een grootscheepse elektrificatiescampagne voor de afgelegen dorpen op het platteland. Elektriciteitsfirma’s uit binnen- en buitenland kunnen meedingen voor de exclusieve verdeelrechten in achttien concessiegebieden. De stroom wordt geleverd door zonnepanelen, dieselgeneratoren of aansluiting op het bestaande elektriciteitsnet.


De coördinatie is in handen van het in 2001 opgerichte Senegalese Agentschap voor Rurale Elektrificatie (ASER). Sindsdien zijn tot in de verste uithoeken van het land arbeiders in de weer met kabels en zonnepanelen. Momenteel zijn slechts 600 van de ruim 13000 Senegalese dorpen aangesloten op het stroomnet. Binnen twintig jaar moet ruim zestig procent geëlektrificeerd zijn.
Het lage energiegebruik in de dorpen, de verspreiding van de plattelandsbevolking en de hoge kosten hebben de rurale elektrificatie totnogtoe geremd. In 6500 Senegalese dorpen wonen minder dan 250 mensen. Minder dan vijf procent van deze dorpen had in 2001 toegang tot elektriciteit. In de steden bedraagt de elektrificatiegraad meer dan 55 procent.
De regering heeft 18 plattelandsregio’s verdeeld over elektriciteitsfirma’s. Die krijgen voor de duur van hun contract de exlusieve rechten op stroomdistributie in hun gebied. In ruil verplichten ze zich ertoe een afgesproken aantal dorpen van elektriciteit te voorzien. Dat kan door de installatie van zonnepanelen of dieselgeneratoren of door een verbinding te maken met het net van de Nationale Stroommaatschappij (SENELEC).
Twee Spaanse firma’s, ISOFOTON en ATERSA, hebben in het project als 25 miljoen dollar geïnvesteerd. Ze bieden zonnepanelen aan voor 38 dollar per persoon. Na een wachttijd van twee tot drie maanden begint de gebruiker een bijdrage te betalen in functie van het energieverbruik.
Op een recente evaluatievergadering in Dakar kwamen dorpsbewoners vertellen over de veranderingen die de elektrificatie van hun dorp had veroorzaakt. “We kunnen nu later buiten blijven zonder ons zorgen te moeten maken over slangenbeten of andere gevaarlijke dieren”, zei Ibrahima Diouf uit de noordelijke regio Louma. “De televisie is in ons dorp het centrum van belangstelling geworden. Vroeger moesten onze jongeren elke avond een heel eind te voet om hun favoriete programma’s te gaan bekijken in de dorpen langs de hoofdweg”.
Abdou Faye
Xml=7
Ref: dv af sc

IPS DOOR:

Deel dit artikel