Mercosur probeert aanspraken op water veilig te stellen

Het Zuid-Amerikaanse handelsblok Mercosur laat onderzoeken hoe het internationale aanspraken op het water uit het Guaraníreservoir, het grootste zoetwaterbekken van Zuid-Amerika, kan voorkomen. Nu water een steeds schaarser goed wordt in de wereld, baart vooral de interesse van de VS in het 'blauwe goud' hen zorgen.


Tijdens de laatste top van de Mercosurlanden, die 8 juli in Argentinië werd gehouden, werd een werkgroep op hoog niveau in het leven geroepen. Die moet onderzoeken op welke manier de vier Mercosur-landen, Argentinië, Brazilië, Paraguay en Uruguay, hun rechten kunnen laten gelden op de enorme grondwaterreserves in de regio.
''De werkgroep is opgericht om onze souvereniteit over het zoetwaterbekken te herbevstigen”, zegt William Ehlers, de Uruguayaanse vice-minister van Buitenlandse Zaken. “Water wordt ten onrechte door veel landen gezien als gemeenschappelijk eigendom van de mensheid,''. ''Niemand zal beweren dat gas en olie van iedereen zijn, dus voor water geldt dat ook niet.''
Het Guaraníreservoir is een netwerk van waterhoudende lagen van poreuze rots, zand of grind. De totale oppervlakte bedraagt ongeveer 1,2 miljoen vierkante kilometer. Het reservoir strekt zich uit over het grondgebied van de vier landen. Het grootste deel van het Guaraníreservoir, 840.000 vierkante kilometer, ligt in het zuidwesten van Brazilië. De 'waterbel' zou naar schatting meer dan 5 miljard mensen tweehonderd jaar lang dagelijks van honderd liter water kunnen voorzien.
Een jaar geleden werd al een plan gelanceerd voor grondwaterwinning in het gebied. Aan dat plan hebben wetenschappers, milieuactivisten en overheidsdeskundigen vier jaar gewerkt, met steun van de Global Environment Facility, een onderdeel van de Wereldbank. Het project kwam op initiatief van de overheden van de betrokken landen tot stand, met hulp van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS). Maar niet-gouvernementele organisaties (ngo's) sloegen al in een vroeg stadium alarm over pogingen van de Wereldbank en de Verenigde Staten om invloed te krijgen in het project.
De VS kwamen na 11 september met de bewering dat zich in het grensgebied tussen de landen 'slapende terroristische cellen' bevinden. Volgens sommigen is die beschuldiging is een vals argument om militairen in de regio te kunnen stationeren en zo controle te krijgen over het grondwater. De Mercosur-landen en de leiding van het project hebben herhaaldelijk ontkend dat er een ‘samenzwering’ tussen Washington en multilaterale donors bestaat. De werkgroep werd mede opgezet om dergelijke geruchten de wereld uit te helpen.
Luiz Amore, algemeen coördinator van het project, zegt blij te zijn met de werkgroep, omdat die een aanvullende rol speelt. Amore werkt met deskundigen aan technische kwesties; de werkgroep onderzoekt de juridische aspecten van het project.
Volgens Elsa Bruzzone, historica en defensiedeskundige, moet water beschouwd worden als een ''sociaal bezit, maar tegelijkertijd ook als een strategisch bezit voor elk land''. ''Als mensen beweren dat water tot het gezamenlijke bezit van de mensheid behoort, dan komt dat omdat de zeven rijkste landen, in het bijzonder Amerika, ernaar lonken,'' meent Bruzzone.
Bruzzone was een van de deelnemers aan het Regionale Sociaal Forum over het Guaraníreservoir dat eind juni werd gehouden. Het forum, onderdeel van het Wereld Sociaal Forum, werd bezocht door 1.300 vertegenwoordigers van ngo's, en richtte zich vooral tegen de pogingen van de VS om invloed te krijgen in de regio. Er werd een brief verstuurd naar de Mercosurtop, waarin de ngo's hun zorg uitten over de toenemende exploitatie van natuurlijke reserves, in het bijzonder het Guaraníreservoir.
In een reactie op de brief stelde Mercosur de zorg te delen. Volgens Bruzzone is het echter al te laat. ''De Wereldbank zit al in het project.'' Wil Mercosur zelf weer volledig controle krijgen over het water, dan zullen de landen de bijna 27 miljoen dollar van de Global Environment Facility van de Wereldbank terug moeten storten en een zelf een onafhankelijk onderzoek naar het grondwaterpotentieel moeten uitvoeren, stelt zij.
Volgens Bruzzone moeten de vier landen er zo snel mogelijk voor zorgen dat ze zich indekken tegen internationale aanspraken op het water. Anders lopen ze het risico dat hun bronnen ter beschikking worden gesteld aan 'de mensheid'. ''Een bedekte term voor de belangen van de rijke landen,'' aldus Bruzzone. (JS/ADR)

IPS DOOR:

Deel dit artikel