Pakistan: Kasjmirstrijders scoren als hulpverleners



Ashfaq Yusufzai

BALAKOT, 28 november (IPS) - De voorbije jaren waren ze overal in onmin geraakt, maar nu beleven de islamitische milities in Pakistaans Kasjmir een onwaarschijnlijke comeback. Na de aardbeving van 8 oktober waren ze sneller ter plaatse dan alle andere hulpverleners, en naast het Pakistaanse leger kunnen zij als enige de meest afgelegen plaatsen bereiken. Door hun efficiënte optreden zijn de rebellen sterk in aanzien gestegen.

“Geprezen zijn ze, zij waren hier zelfs voor het leger”, zegt Gul Zameer, een gezondheidswerker uit Balakot. “Ze hebben lijken geborgen en honderden kinderen van onder het puin van ingestorte scholen bevrijd.” Zameer heeft het over de Jamaatud Dawa, de mantelorganisatie van de verboden militie Lashkar-e-Toiba (Soldaten van God).

Ook andere militante groepen, waaronder de Al-Badr Moedjahedien en de Harkatul Moedjahedien, oogsten lof voor hun bijdrage tot de hulpverlening. Meer dan 100 activisten van de Harkatul Moedjahedien waren een uur na de aardbeving al in Balakot, herinnert leraar Omar Raees. Zij hebben veel schoolmeisjes gered, zegt Raees, die in de ramp 300 van zijn collega’s verloor.

De milities, die opleidingskampen hebben in bergachtige noorden van Pakistan, vechten voor de autonomie van het overwegend door moslims bewoonde Indiase deel van Kasjmir. Veel bewoners van Pakistaans Kasjmir zijn het wapengekletter al jarenlang grondig beu. De opeenvolgende raids en aanslagen tegen doelwitten net over de grens en in de rest van India, deden de spanningen in het grensgebied steeds weer gevaarlijk oplopen. Maar voorlopig zijn die zorgen helemaal vergeten.

De milities en hun bewegingen hebben niet alleen soldaten onder de wapens. Ze kunnen ook indrukwekkende aantallen hulpverleners mobiliseren en grote logistieke operaties opzetten, zo blijkt nu. De Jamaatud Dawa heeft voor mobiele ziekenhuizen gezorgd en tentenkampen ingericht, en bouwt nu aan een weeshuis in de buurt van Rawalpindi. “We hebben have al ongeveer 700 slachtoffers met botbreuken geopereerd in Kasjmir”, schat Salman Shahid, de leider van de Jamaatud Dawa. “En nu zijn we begonnen met een grootscheeps heropbouwplan dat 121 scholen, 400 nieuwe moskeeën en 17.000 huizen moet opleveren.” De organisatie helpt ook slachtoffers met geld en hulpgoederen van krukken tot tenten.

Een vervelende zaak voor de Pakistaanse regering, want op aandringen van de VS stelde die de Lashkar-e-Toiba in 2002 buiten de wet. De Jamaatud Dawa kon voortwerken als liefdadigheidsinstelling, maar wordt wel in de gaten gehouden door de regering.

Pakistan kan momenteel niet zonder de milities. De verdeling van de hulp in de ontoegankelijke regio is een enorme uitdaging. De bijstand van goed georganiseerde groepen als de milities is goud waard.

“De eerste drie dagen na de ramp hadden we zo’n 10.000 vrijwilliger op de been in de steden van Kasjmir”, zegt Shahid. “Nu leggen we ons toe op de afgelegen gebieden.” Volgens hulpverleners in Peshawar heeft de Jamaatud Dawa al 22 vrachtwagenladingen met dekens en medicijnen op weg gestuurd naar slachtoffers in de uithoeken van het land. Duizenden vrachtwagenlandingen met hulpgoederen zijn vanuit heel het land samengekomen in verdeelpunten als Peshawar.

De Al-Khidmat Welfare Society (AKWS), een hulporganisatie van de Jamaat-e-Islami, een partij die deel uitmaakt van de regering van de Noordwestelijke Grensprovincie, heeft de Harkatul Moedjahedien ingeschakeld om de voedselbehoeften van de slachtoffers in afgelegen gebieden na te gaan.

De milities zamelen ook geld in om meer hulpgoederen te kunnen aankopen. Ze hebben daarvoor speciale kampen opgezet in Balakot en Muzaffarabad. Anders dan andere Pakistaanse vrijwilligers die in oktober naar het rampgebied trokken maar inmiddels bij gebrek aan middelen en coördinatie de strijd weer hebben gestaakt, gaan de milities koppig door.

Het effect is overal merkbaar. “We zijn bereid gelijk welk offer te brengen als de Jamaatud Dawa daar om vraagt”, klink het bij een groep van slachtoffers in een opvangkamp in Balakot. “Ze hebben sneller gereageerd dan de regering. We mogen niet vergeten hoe ze ons geholpen hebben.”

Het Pakistaanse leger laat de militante hulpverleners ongemoeid. “We zullen de activiteiten van de milities niets in de weg leggen zolang ze op humanitaire doelstellingen zijn gericht”, zegt generaal-majoor Shaukat Sultan.
11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel