Pakistan zoekt alternatieven voor tenten

Pakistaanse en buitenlandse hulpverleners zoeken koortsachtig naar alternatieven voor dun zeildoek om vier miljoen aardbevingsslachtoffers door de winter te helpen. Tenten uit dikker materiaal vormen één oplossing, maar hulporganisaties delen ook al hamers en spijkers uit om mensen toe te laten zelf een noodonderkomen in elkaar te timmeren met wat ze aan bruikbaars vinden tussen het puin van hun huizen.


Veel overlevenden van de aardbeving die op 8 oktober Kasjmir verwoestte, hokken nog altijd onder plastic zeilen, grote stukken karton of overhangende rotsen. De gelukkigen hebben tenten bemachtigd, maar ook die bieden meestal te weinig beschutting tegen de natte en koude Himalayawinter die nu voor de deur staat.

'Tenten, tenten, tenten', dat zijn volgens de Pakistaanse premier Shaukat Aziz nog altijd de prioriteiten om zoveel mogelijk slachtoffers snel in het droge te krijgen. Prefab huizen komen op de tweede plaats.

Tot hiertoe hebben de Verenigde Naties 32.000 tenten naar de getroffen gebieden gebracht; nog eens 150.000 tenten zouden op weg zijn. Pakistan is ook zelf een belangrijke producent van tenten. De Pakistaanse Producentenvereniging van Canvas en Tenten zegt dat ze per dag 8.000 tenten zal leveren. Leveringen aan klanten in het buitenland zijn voor vier weken opgeschort - de regering heeft overigens ook een exportverbod afgekondigd. Islamabad heeft beslist nog eens 50.000 tenten uit India en andere landen in te voeren om snel de nodige tentenkampen te kunnen opzetten. Er zijn zelfs voorstellen om Saudi-Arabië te vragen de tenten ter beschikking te stellen die elk jaar gebruikt worden voor de miljoenen pelgrims die naar Mekka trekken.

Ook hulporganisaties en rijke burgers voeren nog tenten aan naar de getroffen gebieden, maar ze geven toe dat veel van die noodonderkomens binnenkort onbruikbaar zullen worden. Tenten die de winter kunnen trotseren, zijn duur en schaars. 'De prijzen zijn gestegen van 125 tot 250 dollar, en de producenten kunnen de vraag niet bijbenen', zegt Jiwan Das, een expert van de Britse hulporganisatie Save the Children. 'We kunnen nog altijd tenten uit canvas en geteerd zeildoek gebruiken', zegt Das, 'maar binnen zes weken, als het hard begint te sneeuwen, ziet dat er anders uit.'

'Er moeten toch andere oplossingen zijn om de mensen warm te houden?', zucht Shabnam Abdullah, een organisator van evenementen uit Karachi die besliste tenten naar Kasjmir te sturen in plaats van voedsel en kledij.

Er zijn inderdaad alternatieven. Zelfs zinken platen zijn beter bestand tegen stormweer en isoleren beter dan zeildoek; ze zijn bovendien vuurvast, wat niet onbelangrijk is in onderkomens waar vuurtjes moeten worden gemaakt om te koken en om de ruimte te verwarmen. De hulporganisatie Save The Children begint deze week hamers, spijkers, tangen en zagen te verdelen, zodat slachtoffers dakplaten en nog bruikbare balken uit hun verwoeste huizen kunnen halen en daarmee noodonderkomens kunnen bouwen. Veel huizen in Kasjmir hebben hellende zinken daken waarvan een teveel aan de sneeuw naar beneden glijdt.

In Uttaranchal, een Indiase deelstaat in de Himalaya dat een vergelijkbaar klimaat heeft, werden veel slachtoffers van een aardbeving in 1992 snel geholpen met voorlopige huisjes uit zinken platen en bamboepalen.

Een ander alternatief is panaflex, een buigzame maar stevige kunststof waarvan in Pakistan onder meer grote advertentieborden worden gemaakt. Panaflex is bestand tegen de guurste weersomstandigheden. Ideaal constructiemateriaal voor kleine onderkomens, vindt Nasir Lotia, een architect die in de Noord-Pakistaanse stad Abbotabad met panaflex een geïmproviseerde extra zaal bouwt voor een ziekenhuis voor vrouwen en kinderen.

De Britse hulporganisatie Oxfam heeft nog een ander idee. In Kosovo bouwde ze noodonderkomens uit metalen waterleidingbuizen die bedekt werden met dik plastic. Sneeuw en regen worden door de ronde buitenvormen vlot afgevoerd, terwijl de binnenzijde geen vuur kan vatten. Intussen hebben hulpverleners kritiek op de grote tentenkampen die de Pakistaanse regering opricht. In de buurt van Muzaffarabad, de hoofdstad van Pakistaans Kasjmir die bijna volledig in puin ligt, verrijst een tentenstad waar plaats is voor 50.000 mensen.

'Als het dan toch tenten moeten zijn, dan komen die best dicht bij de huizen van de getroffenen, want die willen de resten van hun bezit niet in de steek laten', zegt de architect Arif Hasan. Ook Shershah Syed, een chef-arts uit Karachi die een medisch kamp heeft opgeslagen in Mansehra, vindt grote tentenkampen geen goed idee. Hij vreest dat die kampen snel getto's kunnen worden. Vrouwen en kinderen zijn er niet veilig, en besmettelijke ziekten kunnen zich er makkelijk uitbreiden. (PD)

IPS DOOR:

Deel dit artikel