Pas verschenen boek schetst ondergang van de middenklasse

In de jaren tachtig konden de werknemers van het staatsoliebedrijf YPF zich rekenen tot de Argentijnse middenklasse. Maar na de privatisering zitten veel van hen werkloos thuis. De ontwikkelingen bij YPF zijn representatief voor de snelle verarming van de middenklasse, stellen Alberto Minujin en Eduardo Anguita in hun boek La clase media, seducida y abandonada (De middenklasse, verleid en verlaten).


Minujin, statisticus bij Unicef, en journalist Anguita analyseren in het boek de ondergang van de Argentijnse middenklasse en de versnelling van dat proces na de economische crisis van eind 2001.
De Argentijnse middenklasse bestond in de tweede helft van de vorige eeuw uit goedopgeleide werknemers, zowel in de steden als op het platteland. Maar de afgelopen dertig jaar ging het bergafwaarts. Werknemers die werkloos raakten, werden steeds verder gemarginaliseerd. 'Zelfs als de economie zich herstelt, dan zal het erg moeilijk worden om deze mensen weer volwaardig te laten deelnemen aan het arbeidsproces. Ze zoeken niet meer naar werk, zijn hun sociale netwerk kwijtgeraakt en missen actuele vakkennis,' zegt Minujin.
De kinderen van deze werklozen zijn nog slechter af. Het kost hen moeite de middelbare school af te maken en werk te vinden. En als ze werk vinden, dan is het meestal slecht betaald werk dat weinig zekerheid biedt.
Begin jaren negentig sloeg de malaise toe onder de middenklasse, waartoe ongeveer de helft van de Argentijnse bevolking behoorde. De categorie 'inkomensarmen' groeide tussen 1980 en 2002 van 3,1 naar 35,8 procent. In 1980 belandden 219.000 werknemers uit de middenklasse in een situatie van armoede, in 2002 groeide dit aantal tot 4,3 miljoen.
Volgens Anguita staan de werknemers van het voormalige staatsoliebedrijf YPF (nu het Spaans-Argentijnse Repsol-YPF) model voor de ontwikkelingen. Voor de privatisering verschafte YPF niet alleen werk, maar speelde het bedrijf ook een grote sociale rol. 'YPF zorgde voor een bioscoop, richtte een plaatselijke vereniging op, organiseerde muziekfestivals en zorgde voor basisvoorzieningen,' zegt ex-werknemer Aurelio in het boek. Hij werkte bij YPF in Cutral-Có, in de zuidelijk provincie Neuquén. De oliestad is nu veranderd in een spookstad. Slechts 400 van de 4.000 werknemers bleven na de privatisering in dienst.
De privatiseringsgolf die onder voormalig president Carlos Menem (1989-1999) plaatsvond, leidde tot het ontslag van tienduizenden overheidswerknemers. Ze kregen slechts korte tijd een uitkering, terwijl Argentinië er niet slaagde voor hen vervangende banen te creëren.
De auteurs merken op dat de sterke groei van de Argentijnse middenklasse in de tweede helft van de vorige eeuw samenhangt met een sterk staatsapparaat dat industrialisatie en ontwikkeling bevorderde via overheidsbedrijven. Werknemers bij die bedrijven kregen hoge salarissen en hadden vrije toegang tot goed onderwijs, universiteiten, onderzoeksinstellingen en ziekenhuizen.
Die sociale structuur werd doorkruist na de vrijmarkthervormingen in de jaren negentig, waardoor flink gesneden werd in de uitgaven en de buitenlandse schulden stegen. Volgens het Nationale Instituut voor Statistiek en Consensus waren de topsalarissen in 1983 dertien keer hoger dan de minimumlonen, in 2002 vijftig keer.
Overheidsstatistieken laten zien dat meer dan de helft van de werkende Argentijnen moet rondkomen van omgerekend maximaal 189 euro per maand. Een familie die bestaat uit vier personen, heeft 200 euro nodig om boven de armoedegrens te blijven.
Als gevolg van de dramatische inkomensdaling, wordt ook het onderwijsniveau in Argentinië aangetast. Waar in het verleden kinderen van ongeschoolde ouders in de gelegenheid waren een universitaire opleiding te volgen, is de situatie nu omgekeerd: voor het eerst in lange tijd zijn veel kinderen weer slechter af dan hun ouders. Het aantal verkochte studieboeken daalde tussen 1980 en 2002 van 12 miljoen naar 2 miljoen, omdat ouders geen geld meer hebben ze aan te schaffen. Dat probleem wordt deels opgelost door boeken uit te lenen en te werken met kopieën, maar neemt niet weg dat de oude middenklasse zich de 'gewoonte om boeken te lezen' heeft afgeleerd.
De economische malaise heeft ook in mentaal opzicht zijn weerslag op de Argentijnen. Het aantal psychosomatische kwalen en problemen als slaapstoornissen, hypochondrie en depressies, psychoses en zelfmoordpogingen, nam flink toe, bevestigt Silvia Gross afdelingscoördinator van het Alvear Ziekenhuis in Buenos Aires.
De impact van het verval van de middenklasse is volgens de auteurs te vergelijken met de gebeurtenissen in Oost-Europa na de val van de Berlijnse Muur. Toen het communisme daar plaats moest maken voor de vrijemarkteconomie, raakten de burgers plotseling een groot deel van bescherming van de staat op het gebied van onderwijs, gezondheid en arbeid kwijt.
Minujin denkt dat het mogelijk is een halt toe te roepen aan neergang in Argentinië, 'als er een eerlijker inkomensverdeling komt, zodat de middenklasse weer in kracht kan groeien'. Die nieuwe middenklasse zal er echter anders uitzien dan de oude, en ze zal bestaan uit andere mensen. Voor de Argentijnen die de afgelopen dertig jaar op een zijspoor raakten, is een weg terug nauwelijks nog mogelijk, voorspelt hij. (JS/ADR)

IPS DOOR:

Deel dit artikel