Bevolking Kivu kamt verkiezingskandidaten uit

Uvira, Bukavu - Of de verkiezingen een radikale ommekeer betekenen voor Congo's politieke landschap? In Zuid-Kivu blijven de mensen scepsis. Het ordewoord luidt: we geven de verkozenen vijf jaar en kammen intussen hun doen en laten uit. Zo hebben de Kivutiens het trouwens ook tijdens de aanloop naar de verkiezingen aangepakt.


In de provincie Zuid-Kivu waren er 1.666.615 mensen als kiezer ingeschreven (waarvan 129.168 in het Territoire de Fizi en 278.178 in het Territoire d'Uvira). Daarvan zou rond 80% effectief zijn of haar stem hebben uitgebracht. Een grote betrokkenheid bij het politieke leven is er in elk geval. Het middenveld is er sinds decennia trouwens op grote schaal in ngo's en drukkingsgroepen georganiseerd.

Maar gaan deze verkiezingen wezenlijk iets veranderen? Of, zoals de voorzitster van een vrouwen-ngo in Baraka zegt, komt er gewoon een andere scheidsrechter terwijl de spelers dezelfden blijven? Het antwoord luidt pragmatisch dat de verkozenen vijf jaar krijgen om te tonen wie ze zijn. Dan zal de bevolking hen opnieuw beoordelen. Sanola is het ordewoord, we gaan politici en partijen als een weerbarstig kapsel uitkammen, tot enkel de haarstengels met de stevigste wortels overschieten. Joseph Kabila heeft dat ordewoord tijdens zijn campagne mee-gelanceerd.

De bevolking in Zuid-Kivu brengt het al dagelijks in de praktijk. Topfiguren van de nationale en lokale politiek zijn tijdens de aanloop naar 30 juli onverbiddelijk over de hekel gehaald.

Het begon met de katholieke aartsbisschop Monsengwo. Op 20 juli verklaarde Monsengwo dat de verkiezingen niet serieus zouden verlopen. Dat was tien dagen voor de allereerste èchte stembusgang in Congo sinds mei 1960! In Bukavu zijn zelfs de katholieke priesters geschandaliseerd. Een Italiaanse pater die jarenlang Monsengwo's econoom is geweest in Kisangani, beschouwt de verklaring van de aartsbisschop als een verdoken oproep om de verkiezingen te boycotten. Een voorman uit de civiele maatschappij is niet verbaasd. Hij herinnert zich hoe Monsengwo begin de jaren negentig voortdurend dictator Mobutu uit de wind heeft gezet. Dat was tijdens de jarenlange Nationale Conferentie die Congo zogenaamd een meerpartijendemocratie zou brengen. Telkens er een voor Mobutu nadelig doorbraak aankwam, schortte Monsengwo de conferentie op. Een activist vat het als volgt samen: "sans calotte, il serait crapule", droeg Monsengwo zijn purperen bisschopsmutsje niet, dan zou hij gewoon tuig zijn.

Voor velen is Monsengwo van het slag van Etienne Tshisekedi, ex-medewerker van Mobutu maar dikwijls getypeerd als de eeuwige opposant. Tshisekedi boycot de verkiezingen, maar steunt wel het politieke verbond rond ex-rebel en vice-president Jean-Pierre Bemba.

Bukavu heeft Tshisekedi laten laten weten dat hij moet wegblijven uit de stad. De reden: voorjaar 2002, in volle oorlog, heeft Tshisekedi een alliantie gesloten met de harde kern van de oorlogscollaborateurs, verenigd in de partij RCD-Goma. In Bukavu is men dat niet vergeten. Daarom is de gemeenschap van de Kasaiens, de streekgenoten van Tshisekedi, gewaarschuwd. Als hij Bukavu durft te bezoeken, dan zullen jullie samen met hem weer vertrekken.

Jean-Pierre Bemba heeft zich wel in Bukavu gewaagd. Het is hem slecht bekomen. Op 17 juli houdt Bemba een meeting in het sportstadion van Kadutu, de proletariërsgemeente van Bukavu. Bemba voelt de vijandige sfeer en geeft zijn toespraak een draai. Wat willen jullie? wat kan ik voor jullie doen? zo vraagt hij aan de menigte. Het antwoord zal hem heugen. In de publiek begint iemand te roepen: Utukulé! en snel nemen anderen het over. Utukulé! Mangez-nous! En als toppunt van hoon stromen de mensen het stadion uit zodat Bemba er als laatste achterblijft. Opnieuw, Bukavu is ook Bemba's oorlogsverleden niet vergeten. Eind 2002 hebben soldaten van zijn militie in Noord-Oost-Congo burgers vermoord, geroosterd en opgegeten. Dat kannibalisme wordt Bemba persoonlijk aangerekend, omdat hij de onbetwiste leider is van zijn strak-hiërarchisch gestructureerde MLC-beweging. Bemba verweerde zich door een grondig onderzoek in eigen rangen te beloven. Maar midden 2003 zei zelfs de Amerikaanse ambassadeur in Congo dat die enquête een grap was.

De strijdbare vrouwenbeweging in Bukavu had naar verluidt eenzelfde onthaal gereserveerd voor de andere ex-rebel en vice-president Azarias Ruberwa van de RCD-Goma. Moest hij een meeting gehouden hebben, dan zou de menigte "Utubakéi Violez-nous!" geskandeerd hebben.

Maar, zo wordt verteld, Ruberwa heeft in Bukavu enkel 's nachts en in besloten kring vergaderd en daar met pakken modder naar Kabila gegooid. Kabila beloofde dat hij de water- en electriciteitsvoorziening provisoir zou laten herstellen, volgens Ruberwa was dat pure electorale prietpraat. Maar dan blijkt dat Kabila voor deze projecten wel degelijk een budget heeft uitgetrokken èn het aan de vice-goeverneur van Zuid-Kivu heeft overgemaakt. En die zit in Ruberwa's eigen RCD-partij.

Ook de lokale politica Shenila Mwanza krijgt het van de Kivutiens te verduren. Bij het begin van haar campagne werpt Shenila zich als onafhankelijk kandidaat op. Maar tijdens één van haar eerste meetings verplichten universiteitsstudenten in Bukavu haar kleur te bekennen. De studenten hebben hun huiswerk gemaakt. Ze hebben met opzet een wees uit het dorp Makobola meegebracht, waar de RCD-militie in december 1998 een massaslachting heeft aangericht. Shenila moet haar echte politieke kleur bekennen. Ze komt uit de collaboratiebeweging en zit in de RCD-fractie van het overgangsparlement. Haar moeder, Aziza Kulsum Gulamali, heeft tijdens de oorlog in coltan getrafikeerd en met de opbrengsten de RCD-milities gefinancierd en bewapend. Shenila's familie is rijk, ze bezit het sigarettemerk Sportsman. Shenila deelt tijdens haar campagne dus kwistig geschenken uit. Maar er pleit nog een feit tegen haar. In november 2005 heeft ze in het plaatsje Katogota een immense concessie, gekocht tijdens de oorlog, in gebruik genomen om er tabak te telen. De lokale Bafulero-bevolking is woedend. Bij protesten wordt een dorpsvrouw doodgeschoten. De zaak is hangende bij het parket. Maar of de verantwoordelijken voor het conflict en de repressie, luitenant-kolonel Masala en mwami Mbabaro, ooit vervolgd worden, is zelfs volgens een auditeur bij het parket in Uvira twijfelachtig. Beiden behoren tot de RCD en zouden "onaantastbaar" zijn.

Extreem-rechts manifesteert zich marginaal in Zuid-Kivu. In Bukavu vernielen zijn militanten 's nachts het campagne-materiaal van kandidaten uit het vredeskamp. De onafhankelijke kandidaat Idesbald Byabuse bij voorbeeld klaagt dat op zijn affiches systematisch zijn ogen worden doorprikt. Byabuse heeft tijdens de oorlog consequent actie gevoerd tegen de terreur op het platteland rond Bukavu.

Een enkele keer mengen Mobutisten uit de Diaspora – smalend Les Diaspouris genoemd – zich in publieke discussies met populistische aanvallen tegen Joseph Kabila. Eén van hun stellingen is dat Joseph Kabila schande brengt over Congo omdat hij geen diploma zou hebben, "Mobutu was tenminste een geschoold journalist". Waarop iemand antwoordt: maar Mobutu heeft zich anderhalve maand na de onafhankelijkheid al door de CIA laten recruteren!

Raf Custers

intal DOOR:

Deel dit artikel