Colombiaanse ‘Slachtofferwet’ erkent voor het eerst het bestaan van miljoenen slachtoffers

“De slachtoffers moeten gehoord worden en Europese bedrijven mogen niet profiteren van de landroof”

Vandaag keurt de Colombiaanse president Santos een wet goed waaruit blijkt dat het land voor het eerst het bestaan van miljoenen slachtoffers van het gewapende conflict erkent. Dit gebeurt in aanwezigheid van Ban Ki-Moon, de secretaris-generaal van de VN. De goedkeuring is een stap vooruit na decennia van vergetelheid en  miskenning door de regering van Álvaro Uribe. Die liet niet alleen na om de slachtoffers te beschermen, maar bestempelde hen bovendien ontelbare keren als sympathisanten of aanhangers van terroristische groeperingen.

Toch garandeert deze wet niet dat alle slachtoffers toegang zullen hebben tot de waarheid, rechtvaardigheid en herstel. Hoewel de wet in verschillende artikelen wijst op het belang van ‘actieve  participatie van de slachtoffers’, waren de slachtofferorganisaties niet betrokken bij de uitwerking ervan. Oidhaco vraagt dat de EU luistert naar deze slachtoffers, alvorens haar beleid wat betreft Colombia vast te leggen. “Burgerparticipatie is een principe van de EU. Zij moet erop toezien dat dit ook werkelijk uitgevoerd wordt,” onderlijnt Vincent Vallies, woordvoerder van Oidhaco. “En de vrees van de slachtofferorganisaties tegenover deze wet is gerechtvaardigd,” besluit hij.

Ook wijst Vallies erop dat de wet discriminerend is. “Enerzijds voorziet ze slechts economisch herstel vanaf 1985, en teruggave van land vanaf 1991. Wat gebeurt er met slachtoffers die beroofd werden voor die tijd? Anderzijds moeten slachtoffers van groepen die tegenwoordig ‘Bacrim’ (Bandas Criminales Emergentes, Opkomende Criminele Bendes) genoemd worden, expliciet opgenomen worden in de wet. De regering moet immers erkennen dat deze organisaties ontstaan uit gefaalde pogingen om de paramilitaire groepen te demobiliseren en dat de meldingen van samenzweringen tussen hen en de openbare macht aanhouden; de regering mag hun misdrijven niet beschouwen als gewone criminaliteit en op die manier duizenden slachtoffers negeren,”  benadrukt Vallies.

Een ander betwistbaar aspect van de wet is dat ze de rechten van de slachtoffers niet ten volle respecteert. Neem nu een ‘transactiecontract’. Dat spoort de slachtoffers die een administratieve schadevergoeding ontvangen hebben aan om ervan af te zien om de Staat gerechtelijk te vervolgen. “Door dit contract lijkt de administratieve schadevergoeding op omkoperij van slachtoffers,” waarschuwt Vallies. Ook het wereldwijd erkende Colectivo de Abogados José Alvear Restrepo wijst erop dat zaken als het ‘contract voor het gebruik van gerestitueerd grondgebied’ impliceren “dat als er op de terug te geven gronden agro-industriële projecten gevestigd zijn, de continuïteit van deze projecten voorrang krijgt op de rechten van de slachtoffers om hun land terug te krijgen.” Daarom vragen de organisaties die deel uitmaken van Oidhaco aan de EU om betrouwbare mechanismen te creëren die ervoor zorgen dat bedrijven met Europees kapitaal geen direct of indirect voordeel kunnen halen uit de Colombiaanse landroof. Ze hebben dat al meerdere keren gevraagd, en doen dat met nog meer aandrang nu de EU op het punt staat om een vrijhandelsverdrag met dit land te ondertekenen.

Op 7 juni werd in Medellín Ana Fabricia Córdoba vermoord, bekend door haar strijd voor de ontheemden en leidster van de processen van teruggave van land. Dit is het zoveelste bewijs dat er te weinig efficiënte maatregelen zijn ter bescherming van gemeenschappen en de organisaties die hen begeleideom hun land terug te krijgen. “Deze wet,” zegt Vallies,” bevat geen efficiënte maatregelen ter bescherming van de personen die ervoor strijden om in waardige omstandigheden terug te keren naar hun grondgebied.”

“Ban Ki-Moon, secretaris-generaal van de VN, woont vandaag de presidentiële bekrachtiging van de wet in Bogotá bij. Wij willen dat hij er bij de Colombiaanse president Juan Manuel Santos op aandringt terdege rekening te houden met de opmerkingen van het Hoog Commissariaat van de Verenigde Naties voor de Mensenrechten in Colombia, wat betreft de volgende principes: geen discriminatie, toegang tot rechtspraak, integraal eerherstel, gedifferentieerde benadering, bescherming en participatie van de slachtoffers,” oppert Vallies.


De goedkeuring van de slachtofferwet en de recente erkenning van het gewapende conflict hebben het publiek debat over de slachtoffers van het conflict doen oplaaien, wat op zich een goeie zaak is. 

De Colombiaanse regering, de EU en de VN moeten luisteren naar de slachtoffers die niet betrokken waren bij de uitwerking van de wet  

 De EU en de VN moeten eisen van Bogotá dat de wet duizenden slachtoffers van gisteren, vandaag en morgen niet discrimineert . 

De huidige wet discrimineert en schendt de rechten op waarheid, rechtvaardigheid en eerherstel van talrijke slachtoffers . 

 De  EU moet eisen dat Bogotá degenen die het voortouw nemen bij de teruggave van land beschermt. Tijdens de tien maanden durende regering van Santos zijn al zestien leiders gedood.  

Oidhaco (Oficina Internacional de Derechos Humanos – Acción Colombia) vertegenwoordigt een netwerk van 32 Europese organisaties die opkomen voor de mensenrechten in Colombia. Patricia Verbauwhede, regioverantwoordelijke Colombia van Broederlijk Delen, is de voorzitster.

Meer info:
Patricia Verbauwhede, regioverantwoordelijke Colombia, Broederlijk Delen – 0494/03 77 24
Karel Ceule, persverantwoordelijke, Broederlijk Delen – 0476/33 02 21

Broederlijk Delen DOOR:

Deel dit artikel