Congo: Lobbyen voor lokaal aankopen voedselhulp

Het programma van Vredeseilanden in RD Congo ondersteunt landbouworganisaties bij de commercialisering van hun productie. Een markt vinden om je landbouw- producten te verkopen, het blijkt niet altijd even gemakkelijk in Congo. Terwijl veel mensen toch juist die voedselproducten nodig hebben denkt u? Inderdaad, het is een paradoxale situatie.


Een van de pistes waar VECO Congo en haar partnerorganisaties op inzetten, is het zoeken naar lokale afzetmarkten. Een van de interessante mogelijkheden die nu opduiken, is het leveren van producten zoals maïs, cassava en bonen aan het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de Verenigde Naties. Het Wereldvoedsel- programma is heel actief in de regio, vanwege de vluchtelingenstromen en de regelmatige voedseltekorten in het land.

Maïs

Bij het voedsel dat het WFP verspreidt gaat het echter meestal om de landbouw- overschotten uit de VS en Europa die als voedselhulp naar Afrika verscheept worden. Voor de Congolese bevolking zou het echter beter zijn als het WFP het voedsel lokaal aankoopt, zodat de Congolese economie wordt aangezwengeld en zodat de vluchtelingen die de noodzakelijke voedselhulp krijgen hun traditionele voeding kunnen blijven eten en geen westers menu krijgen voorgeschoteld. Het WFP erkent ondertussen in haar beleidsteksten dat deze lokale aankopen de bevolking ten goede zou komen, maar er moet toch nog geijverd worden om dit daadwerkelijk naar de praktijk te vertalen.

De verschillende Vredeseilanden-partners (APADER, FUPAC, LOFEPANOKI, COOCENKI, APAV en SYDIP) lobbyen nu voor om een contract bij het WFP binnen te halen. Een alliantie is nodig om het nodige gewicht te hebben in de onderhande- lingen met het WFP. Vredeseilanden RD Congo speelde hier een belangrijke rol door de partners samen te brengen en samen met hen de onderhan- delingsstrategie te bepalen. Ze beschikken al over de nodige opslagplaatsen, vooral de opslagplaats van COOCENKI is hierbij bijzonder, van gelegen in het centrum van Butembo (Noord-Kivu) en met een opslagcapaciteit van 200 ton. Het plan is dat de verschil- lende boerenorganisaties hun productie in deze opslagruimte samenbrengen en het WFP hier kan opkopen.

APAV - Partner van Vredeseilanden

Door het lobbywerk dat op gang getrokken werd door VECO RD Congo en verder gezet wordt door de verschillende boerenorganisaties, staat COOCENKI inmiddels op de lijst van mogelijke leveranciers aan het WFP. Om deze lokale aankopen ook werkelijk gerealiseerd te krijgen, is nog meer lobbywerk bij de vertegenwoordigers van het WFP in Goma en Kinshasa nodig.

Interessant is de wisselwerking met lobbywerk hier in België. De Belgische attaché voor voedselhulp en de Belgische ambassade geven adviezen en brengen mee argumenten aan om in te brengen in de onderhandelingen, wat in een land als Congo zeker onze positie versterkt.

Het directoraat-generaal Ontwikkelingssamenwerking geeft ons ook de kans om in mei tijdens een WFP-vergadering het belang en de voordelen van lokale aankopen door het Wereldvoedselprogramma mee te bepleiten. België stuurt eveneens een medewerker naar Kinshasa om de uitvoering van het beleid rond deze lokale aankopen mee te ondersteunen.

www.vredeseilanden.be

Deel dit artikel