Dagboek uit Libanon (Solidariteitsmissie G3W)

De missie van G3W is veilig en wel in Libanon aangekomen. Vanuit Tripoli, een stad in het Noorden van Libanon, is de delegatie doorgereisd naar het Zuiden van het land. Een verslag van dag tot dag.


Zaterdag 19 augustus

Danny Claes: “We zitten in Tripoli (een stad in Noord-Libanon, nvdr), we zijn niet direct vanuit Damascus naar Beiroet kunnen doorreizen, die weg is nog te slecht berijdbaar door de bomkraters. We hebben in Noord-Libanon een kliniek in een klein stadje bezocht, waar de voorzitter van de Secours Populaire Libanais (SPL) woont. Een boeiend werkbezoek. Er hangt hier overal een serieuze overwinningssfeer. Maandag en dinsdag zijn hier feestdagen, en ook de overwinning op Israël zal duchtig worden gevierd. Ook hier, in het noorden, zo’n 200 km van de Israëlische grens, zijn veel bruggen gebombardeerd. Dat toont aan dat Israël niet alleen oorlog voerde om te verhinderen dat Hezbollah Israëlische dorpen en steden zou beschieten, maar heel Libanon echt op de knieën wou.”

Zondag 20 augustus

Danny Claes: “Vanmorgen bezochten we het centraal kantoor van de SPL in Beiroet, en dan zijn we doorgereden naar Nabatiyeh, een stadje in het zuiden. We zitten hier op 25 km van de grens met Israël, 5 km boven de Litani-rivier. Onderweg van Beiroet naar hier zagen we overal enorme publiciteitspanelen die Hezbollah heeft aangebracht, met overwinningsboodschappen. Iedereen spreekt hier trouwens over een overwinning. Als je weet dat Israël bij zijn vorige invasie, in 1982, op drie dagen in Beiroet stond, en deze keer na 33 dagen zelfs nog niet de Litani-rivier had bereikt, dan weet je dat Israël zware klappen heeft gehad. Hun plan om een neutrale en ontvolkte bufferzone te creëren is grandioos mislukt. Het verzet was goed voorbereid en heeft het invasieleger goed opgevangen. Nergens hoor je hier trouwens een slecht woord over Hezbollah, de mensen beschrijven hen als een authentieke beweging die vecht voor Libanon. Dat zij de burgerbevolking als menselijk schild zouden nemen, wordt hier kordaat tegengesproken: de Hezbollah-strijders zouden juist heel voorzichtig te werk gaan, met grote zorg voor het lot van de burgerbevolking.

Op onze rit zagen we hoe Israël met zijn bombardementen heel Libanon heeft ontredderd: alle bruggen kapot, alle snelwegen stukgeschoten. Zowat om de 5 km moesten we een zijweg nemen, soms een echt veldwegeltje, over een beekje rijden, weer 100 meter omrijden,…”

Dr. Marthe Franssen: “We zitten nu in het Hikmat Al-Amin hospitaal van de SPL, waar heel veel oorlogsgewonden toekwamen. Want in de gevechtszones zelf, hier niet ver vandaan, waren alle wegen en alle toevoer naar de lokale gezondheidscentra afgesloten. Een dokter vertelde ons dat de oorlog nu wel officieel gedaan is, maar dat hij elke dag nog doden en gewonden binnenkrijgt: door het ontploffen van achtergebleven fragmenten van clusterbommen. Deze doden en gewonden maken me nog triestiger, zei de dokter, want de oorlog is zogezegd voorbij…”

Selma Benkhelifa: “Als vrouw en als moeder was ik geïnteresseerd in de bevallingen in het hospitaal. De artsen vertelden ons dat veel vrouwen door de stress van de oorlog te vroeg barensweeën kregen en prematuur bevielen. Als advocate heb ik ook al heel wat aanwijzingen dat hier oorlogsmisdaden of zelfs misdaden tegen de menseljkheid zijn begaan door Israël, omdat het vooral de burgerbevolking viseerde. Was het om hen schrik aan te jagen, of ging het echt om een plan om actief de bevolking uit een hele regio te verdrijven? In ieder geval was het een complete schending van het internationaal humanitair recht.”

Dr. Marthe Franssen: “We hebben langdurig de anesthesist hier geïnterviewd, Dr. Tarek Malkhaled. Indrukwekkend. De man had tijdens de oorlog dag en nacht gewerkt, met slechts twee uur slaap per dag. Meer dan 90% van de gewonden die hij onder handen kreeg, waren vrouwen en kinderen. Zekere dag werd het huis van Dr. Malkhaled ook door de Israëli’s kapotgeschoten. Ik vroeg hem wat hij toen voelde. ‘O, dat is niets’, zei hij lachend, ‘vergeleken met al die kinderen die je hier ziet doodgaan’. Lachen is hier een soort afweermechanisme, je moet je emotioneel wel wat afsluiten om met al die miserie om te kunnen. Ik vroeg de dokter of hij soms geen nachtmerries had. Jawel, bekende hij, want tijdens de oorlog was je hier nergens veilig: in het ziekenhuis niet, thuis niet, op straat niet.”

Danny Claes: “De directeur van het ziekenhuis, Ali Hajjali, vreest dat de oorlog hier snel opnieuw kan uitbarsten, binnen enkele maanden of zelfs dagen. Dit was de wreedste oorlog die ze hier al hebben gekend, zegt hij, Israël ontzag echt niets of niemand. En de volgende oorlog dreigt nog erger te worden. Want het gaat om een algemene oorlogsstrategie, van Israël, maar het is duidelijk dat de Verenigde Staten erachter zitten. De directeur vertelde ons ook, geëmotioneerd, dat de Libanezen eigenlijk een zeer vreedzaam volk zijn, en dat ze juist, 15 jaar na het einde van de burgeroorlog, in vrede en eenheid hun land weer hadden opgebouwd en welvarend hadden gemaakt. Vandaag kunnen ze van voorafaan beginnen. Tenminste, als Israël en de VS het hen deze keer zullen toelaten…”

Dinsdag 21 augustus – De toer van het Zuiden

Dr Marthe Franssen: "Vandaag was het onze zwaarste dag tot nu toe. We hebben de toer van het zuiden van Libanon gedaan, langs de kapotgeschoten dorpen beneden de Litani-rivier. Het zicht van die verwoeste dorpen deed me niet zoveel, dat zijn tenslotte maar stenen, maar als je gaat praten met de mensen, als je hun verhalen hoort, dat is erg aangrijpend. Ik was het meest geraakt door het verhaal van een man in het dorp Taybi, die zijn beide ouders, een broer en een zus verloor. Israëlische soldaten hadden hun huis bezet, en de familie keerde er nog in volle oorlog eens terug om een kijkje te gaan nemen. De Israëli’s, die er nog zaten, schoten de vier familieleden koelbloedig neer: de beide oudjes van 82 jaar en de broer en zus van rond de 50. “Kijk, hier hebben hun lichamen gelegen”, toonde de man ons. De lijken hadden er 17 dagen lang liggen wegrotten…

Selma, onze advocate, noteert zorgvuldig alle verhalen, met naam en toenaam. Elke avond tikt ze dat allemaal netjes in op haar laptop. Wie weet kan dat nog van pas komen voor juridische acties tegen de Israëlische oorlogsmisdaden.

Het is voor ons nauwelijks voor te stellen wat zo’n oorlog betekent. Er zijn niet alleen de moorden en de slachtpartijen, zoals de 35 burgerdoden in het plaatsje Srifa. Er is ook het dagelijks leven in de schuilkelders: kinderen die angstig in een hoekje wegkruipen, mensen die dagenlang niet naar boven of naar buiten durven, oude mannen die voor de ogen van iedereen moeten plassen in de bunker, kinderen die overgeven, de stank, de schaamte, de angst..."

Woensdag 22 augustus – In het Palestijns vluchtelingenkamp Ein El-Hilweh

Dr Marthe Franssen: "Al voor de tweede keer hebben we overnacht in het ziekenhuis van de Secours Populaire Libanais in Nabatiyeh. We hadden al gehoord over slachtoffers van clusterbommen, ook nu de oorlog voorbij is: mensen die op achtergebleven clustermunitie trappen of die oprapen, zodat die ontploft. Wel, vanmorgen zagen we dat met eigen ogen: een jongeman werd het ziekenhuis binnengereden met zijn hand volledig aan flarden. Bij het puinruimen moet hij onbewust zo’n stuk munitie hebben opgepakt, dat in zijn hand ontplofte.

Vandaag stond de zuidelijke kuststad Saïda op ons programma. We bezochten er eerst een kliniekje van de Secours Populaire Libanais, en dan gingen we naar Ein El-Hilweh, een groot Palestijns vluchtelingenkamp even buiten de stad. De Human Call Association, partnerorganisatie van Geneeskunde voor de Derde Wereld, wachtte ons daar op. We konden hen een mooie som geld overhandigen, de opbrengst van de kaartenverkoop en andere steunacties in België. Die zal gebruikt worden voor de uitrusting van hun hospitaaltje, dat midden in het kamp staat. Human Call organiseert ook veel sociale activiteiten, vooral met kinderen. Spijtig genoeg was het vakantie en konden we de kinderen niet bezig zien. De berg knuffels en de stapel kindertekeningen die we voor hen bij hadden, hebben we bij de verantwoordelijke van de sociale actie van Human Call achtergelaten.

Vanavond logeren we in Beiroet, bij de schoonouders van onze compagnon Pierre Abou Zeid, die in België de Secours Populaire Libanais vertegenwoordigt. Zijn schoonzus vertelde dat ze tijdens de oorlog intimiderende telefoontjes kreeg van de Israëli’s. Eerst nog op vriendelijke toon: “Verzet je tegen Hezbollah, laat je niet meeslepen door (Hezbollah-leider) Nasrallah”. Maar een paar dagen later al op een heel andere toon: “We zullen heel Libanon kapotmaken, we gaan over lijken marcheren”. Zowel op gsm’s als op vaste telefoons kregen de mensen dit soort telefoontjes: blijkbaar opgenomen boodschappen die systematisch naar abonees werden gestuurd. Wel erg gesofistikeerde psychologische oorlogvoering!"

intal DOOR:

Deel dit artikel