Ecuador: roep naar een economie met aandacht voor herverdeling en natuur

Het protest van de bevolking in Ecuador haalde de afgelopen weken ook onze media. Partnerorganisaties Acción Ecológica en CDES ondersteunen de roep naar een alternatief economisch beleid, waarbij de last niet langer enkel op de schouders van de armste bevolkingsgroepen mag terecht komen. Ze vragen ook en vooral een herziening van de privileges en verdoken subsidies van bedrijven en kapitaalkrachtige sectoren die ook nog eens schade berokkenen aan de natuur en haar bewoners.

Een groot deel van de protesten in Zuid-Amerika van de afgelopen maanden houdt verband met verzet tegen de economische recepten die altijd opnieuw worden opgelegd. Na een relatief lange periode van economische voorspoed in de regio, mede dankzij redelijk goede prijzen voor mineralen en petroleum, zijn de staatsinkomsten de laatste jaren serieus gezakt. En dan komen de regeringen aandraven met de klassieke 'economische pakketen' die het deficit in de staatskas moeten dichten.

Zo ook in Ecuador. De regering is terug op de deur gaan kloppen van het IMF, en heeft een akkoord ondertekend dat alweer de grote saneringslast op de schouders van de armste mensen legt. President Lenin Moreno kondigde begin oktober aan om de subsidies voor de benzine te elimineren, en de prijs ervan met 30% te verhogen. In een land als Ecuador impliceert dat meteen dat ongeveer alle levensnoodzakelijke producten en diensten ook 30% duurder worden. Naar aanleiding van die beslissing is een enorme protestbeweging op gang gekomen, geleid door de sterke inheemse beweging. Van alle uithoeken van het land, zowel het hooggebergte als het amazonegebied, trokken mannen en vrouwen naar Quito en de andere grote steden om hun ongenoegen te uiten. De harde repressie maakte onmiddellijk duidelijk dat de regering dit protest zo snel mogelijk wilde neutraliseren, uit schrik om de macht te verliezen zoals dat al wel eerder gebeurde in Ecuador. Grote groepen jongeren en mensen van de stedelijke middenklasse ondersteunden de protestacties, door de aansluiting bij de manifestaties en de organisatie van solidariteitsacties.

Na 2 weken zag de overheid zich uiteindelijk verplicht om tot een akkoord te komen met de CONAIE, het overkoepelend platform van alle inheemse organisaties van Ecuador. De prijsstijging werd voorlopig ingetrokken, en er werd een overlegcommissie opgezet om te zoeken naar alternatieve manieren om te besparen. Daarna is er een periode van gespannen rust aangebroken, waarbij nog steeds niet duidelijk is welke kant het uitgaat.

Geen IMF-recepten meer

Wat vaststaat, is een roep van grote sectoren van de bevolking om het algemene economische beleid in zijn geheel te herzien. De CONAIE heeft een lang beleidsdocument uitgewerkt, waarbij ze vooral aandringt op socio-economische rechtvaardigheid. Geen copy paste meer van de recepten van het IMF, die altijd opnieuw de grote kapitaalkrachtige sectoren bevoordelen, nadruk leggen op het aantrekken van grootschalige investeringen tegen eender welke kost. Meestal door de arbeidsvoorwaarden terug te schroeven en desnoods door het flexibiliseren van milieunormen. De belastingsdruk moet meer bij de rijke sectoren komen te liggen, minder bij de armen; directe belastingen moeten naar boven, indirecte naar beneden.

Partnerorganisatie CDES stelt het akkoord met het IMF al lang in vraag. Aangezien de overheid de inhoud van het akkoord met het IMF geheim hield, startte CDES een juridische actie op om te eisen dat deze publiek gemaakt zou worden. De rechter gaf hen gelijk. Een tweede actie bestond erin het akkoord als ongrondwettelijk te doen verklaren, en te eisen dat eerst het parlement zijn akkoord moest geven. En op meer permanente basis werkt CDES alternatieve voorstellen uit voor een economische rechtvaardig beleid, met elementen die o.m. werden opgepikt in het genoemde voorstel van de CONAIE. 

Ecologische maatregel

Changemaker van de huidige 11.11.11-campagne Acción Ecológica heeft uiteraard ook van zich laten horen. Bij het optrekken van de benzineprijs, had de overheid immers geargumenteerd dat dit ook een ecologische maatregel was, belangrijk voor de natuur. Acción Ecológica startte een campagne op om te laten zien dat er wel alternatieven zijn voor de recepten van het IMF, alternatieven die een reële impact op de natuur kunnen hebben. De organisatie toont in de campagne aan hoe de overheid immers blijft inzetten op de uitbreiding van oliewinning, grootschalige mijnbouw en agrobusiness. Ze leggen de mechanismen bloot via dewelke de regering perverse, verdoken subsidies toekent aan bedrijfsactiviteiten met een nefaste impact op de natuur en het klimaat. 

Deze subsidies bestaan onder meer uit de flexibilisering van milieuregels : de bedrijven krijgen vergunningen om te ontbossen, om agrochemicaliën op grote schaal te gebruiken, om enorme hoeveelheden zoet water te gebruiken voor industriële verwerking en voor het omtoveren van de rivieren in giftige afvalstortplaatsen. Alleen al het affakkelen van gas bij de petroleumwinning gedurende 25 jaar kan je gelijkstellen aan een vermomde subsidie van 5 miljard dollar. Mijnbouwbedrijven krijgen enorme voorrechten, zoals onder meer de vrijstelling van inkomstenbelasting gedurende 10 tot 15 jaar, de teruggave van de btw, de vrijstelling van de belasting bij het overdragen van van valuta naar het buitenland, de vrijstelling van de belasting voor buitengewone winsten, de vrijheid om vanuit belastingparadijzen te opereren. De palmolie-industrie profiteert van voordelige kredieten, een nultarief voor machines en reserveonderdelen, vrijstelling van inkomstenbelasting voor nieuwe investeringen in grensgebieden. Een andere maatregel bestaat uit het verlagen en vereenvoudigen van de belastingen in de bananensector, met als argument de sector te stimuleren en werkgelegenheid te genereren. Hier wordt over het hoofd gezien dat deze activiteit gebaseerd is op precair werk en dat de productie helemaal afhankelijk is van giftige sproeimiddelen en de invoer van landbouwmachines. De grootschalige, export-gerichte landbouw breidt zich alsmaar uit, ten koste van de meer duurzame kleinschalige landbouw die 60% van de Ecuadoriaanse bevolking voedt. Hierdoor komt de voedselsoevereiniteit van het land ernstig in gevaar.

Model gebaseerd op schulden

Dit hele model is gebaseerd op een grotere schuldenlast, en op de verkoop van olie die in de toekomst zal opgepompt worden en van licenties van mijnbouwrechten. Zo heeft de staat zich in hoge schulden gestoken bij China, die in petroleum moet worden terugbetaald. Dat is de reden waarom de olie uit het beschermde Yasuni-gebied wordt gehaald. Schulden aangegaan bij internationale financiële instellingen dienen grotendeels om externe schulden terug te betalen en om bedrijven te betalen na vonnissen uit de gecontesteerde arbitragemechanismen. 

Voor Acción Ecológica moet dit soort subsidies worden herzien, omdat ze het extractivisme en de agribusiness verder bevorderen. Het zijn vooral deze sectoren die schade aanrichten in het grondgebied van de boeren en de inheemse gemeenschappen, en schendingen van de rechten van de mens en de natuur impliceren.
Waarom geen belastingen heffen op olie- en mijnbouwbedrijven? Waarom Chevron Texaco niet verplichten zijn sociale en ecologische schuld te betalen, geschat op meer dan 9 miljard dollar?

Met de stijging van de prijs van brandstoffen en het transport sluit de regering de ogen voor de echte milieumisdrijven en de meest verontreinigende processen, en schuift ze de verantwoordelijkheid voor de klimaatverandering door naar de armste bevolkingsgroepen.

Voor Acción Ecológica is tenslotte duidelijk dat de inheemse gemeenschappen op dit moment de grootste changemakers zijn in Ecuador : "We begroeten en danken de inheemse beweging voor haar aanwezigheid op straat. Hun strijd is de verdediging van water, bossen, zaden, natuur. We zijn trots op die wortels die onze cultuur en ons land cementeren."

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels