“Een dag Irak-oorlog of gezondheidszorg voor 423.529 kinderen”

Irak: een andere versie dan Petraeus’ peptalk

Volgens de Amerikaanse opperbevelhebber in Irak, generaal Petraeus, gaat het de goede kant op: minder doden, minder incidenten. Maar critici stellen dat er aan ‘cherry-picking’ wordt gedaan zoals het niet meetellen van verschillende categorieën slachtoffers. Twee rapporten bewijzen dat de oorlog ook budgettair ontspoort, met kostenplaatje tussen de 1.000 tot 2.200 miljard dollar!!!


Het Irak-rapport dat Petraeus afleverde aan het Amerikaans Congres bevat weinig verrassingen. Petraeus besteedde een belangrijk deel van de maand augustus aan PR-activiteiten om het succes van de Amerikaanse ‘surge’ dik in de verf te zetten bij Congresleden, pers en politici van andere landen. Petraeus benadrukte dat het verslag door hemzelf en Ryan Crocker - de VS-ambassadeur in Irak - is opgesteld. Hij antwoordde daarmee op berichten in de Amerikaanse pers die stelden dat het Witte Huis de pen zou hebben vastgehouden met inbreng van een hele reeks functionarissen van verschillende departementen.[1]

 

De Amerikaanse viersterren generaal startte zijn verklaring met de mededeling dat de militaire objectieven bereikt waren. “Hoewel het om een over Irak oneven verspreide vooruitgang gaat, is het aantal veiligheidsincidenten in 8 van de laatste 12 weken gedaald, met het aantal incidenten in de laatste twee weken op het laagste niveau sinds juli 2006”[2] Al Qaida heeft zware nederlagen geleden, leiders van de door Iran gesteunde Sjiïtische extremisten zijn opgepakt en de gemeenschappelijke operaties met de Iraakse troepen hebben het sektarische geweld verminderd, zo luidt de verklaring van Petraeus.

 

Vervolgens haalt Petraeus de cijfers naar boven. Het aantal burgerdoden zou gedaald zijn met 45 procent sinds het hoogtepunt van het sektarische geweld in Irak in december van 2006. In Bagdad was de daling nog veel uitgesprokener (80 procent). Ook het Iraakse leger boekt vooruitgang, met 445.000 mannen op de betaalrol van Defensie en Binnenlandse Zaken waar tegen eind dit jaar nog eens 40.000 extra manschappen bijkomen. En nog goed nieuws: net als in 2006 zal Irak ook in 2007 zelf meer uitgeven aan zijn troepen dan wat de VS aan budgettaire inspanningen bijdragen. Hij liet daarbij niet na om een aantal leden van het Congres te bedanken voor hun inspanning om de verkoop van militaire uitrusting te versnellen, zodat er misschien nog voor eind dit jaar aan 1,8 miljard dollar kan geleverd worden aan de Iraakse troepen. Hij zweeg daarbij zedig over een eerder rapport van het Congres dat stelde dat rond de 190.000 wapens die de VS eerder hebben geleverd aan de Iraakse veiligheidstroepen gewoonweg zijn ‘verdwenen’. Het rapport kwam er juist omdat het Congres een oordeel moest uitspreken over de vraag naar bijkomende financiering van de Iraakse troepen.

 

Besluit van dit succesverhaal. Tegen eind dit jaar kunnen er 4.000 troepen terug naar huis, aangevuld met nog eens een contingent van 24.000 militairen tegen de zomer van volgend jaar. Dat is, met andere woorden, evenveel als de fase voor de ‘surge’ die begin dit jaar werd afgekondigd.

 

Wat staat er niet in?

Veel critici hebben het rapport al afgedaan als ‘goednieuwsshow’. Zo is er de vraag vanwaar sommige cijfers komen. Plots blijkt dat de Iraakse burgerdoden toch worden geteld, terwijl daarvoor de lijn was dat er niet aan ‘body-counting’ wordt gedaan. Eind 2005 stopte het Amerikaans leger het tellen van de Iraakse doden met het argument dat de media ze uit de context rukten. In The Washington Post (9 september 2007) werden heel wat vraagtekens geplaatst bij de statistieken van de militairen, met het verwijt dat deze zich aan ‘cherry-picking’ (het beste eruit kiezen) bezondigen. De krant citeert een hoge functionaris die voorbeelden geeft van de doden die niet in de statistieken zijn weerhouden. “Als een kogel langs achter het hoofd is binnengedrongen dan gaat het om een sektaire moord, indien via de voorkant dan is het een criminele moord”. Deze laatste categorie wordt niet in rekening gebracht. Of nog: de doden als gevolg van rivaliserende gevechten tussen Sjiïtische milities in Zuid-Irak worden evenzeer uitgesloten, iets dat het militaire hoofdkwartier in Bagdad zonder blozen toegaf. Dat geldt verder ook nog voor aanvallen van Soennitische stammen in hun strijd tegen Al Qaida en zij die gedood worden door autobommen. Eind vorig jaar stelde de Iraqi Study Group (onder leiding van ex-minister van Buitenlandse Zaken James Baker) in het al even geruchtmakende rapport (waarin voor geleidelijke terugtrekking werd gepleit) dat er sprake is van een systematische onderschatting van het aantal doden. Recente schattingen in bepaalde media voeden de twijfels over de door militairen verstrekte cijfers. Associated Press telde 1.809 doden in augustus, wat het hoogste aantal is sinds het persbureau cijfers bijhoudt in april 2005.

 

Het Amerikaanse Governement Accountability Office, een officieel orgaan, gaf eveneens begin september een rapport uit waarin gesteld wordt dat het onduidelijk is of het sektaire geweld in Irak is gedaald of niet. Het rapport benadrukte – anders dan de verklaringen van Petraeus en Crocker, dat er van de 18 voorwaarden slechts 3 door de Iraakse regering zijn vervuld. Het wees dus met andere woorden op minstens een gedeeltelijke mislukking van het politieke proces in Irak.

 

Het prijskaartje

Waar het Witte Huis ook al liever niet aan wordt herinnerd, is dat de oorlog ook budgettair uit de hand aan het lopen is. Voor het fiscale jaar 2008 vraagt Washington een recordbedrag van 200 miljard dollar enkel om de oorlog in Irak te financieren, een bedrag dat bovenop de 500 miljard dollar komt (het geschatte bedrag tot eind juni 2007) die reeds in de oorlog is gestopt, dus zonder de resterende kost voor 2007.

 

Afgelopen zomer verschenen er verschillende rapporten over de kosten van de oorlog. Een officieel rapport van het Congressional Budget Office (CBO) stelde dat de kostprijs van de hele oorlog uiteindelijk ver boven de 1.000 miljard dollar kan uitkomen, met inbegrip van de langetermijnkosten zoals het vervangen van beschadigde uitrusting, medische kosten en vergoedingen voor familieleden van gesneuvelde soldaten.[3] Interessant om weten is dat het CBO ervan uitgaat dat de Amerikaanse militaire aanwezigheid nog minstens 10 jaar zal duren. Een eerste scenario gaat ervan uit dat er nog maar 30.000 troepen in Irak zullen gelegerd zijn vanaf 2010 tot 2017. In dat scenario raamt het CBO de kost tussen de 481 en 603 miljard dollar voor de periode 2008 tot 2017. Dat bedrag lijkt aan de lage kant gezien president Bush alleen al voor 2008 200 miljard dollar vraagt. In het tweede scenario zullen er nog 75.000 troepen gelegerd zijn vanaf 2013 tot 2017 goed voor een bedrag tussen 924 en 1.010 miljard dollar. In dit laatste scenario zou de oorlog en de bezetting sinds het begin van de invasie in 2003 dus meer dan 1.500 miljard dollar kunnen bedragen. Pikant detail: toen een topadviseur van president Bush, Lawrence Lindsey, in 2003 schatte dat de hele oorlog en bezetting 200 miljard dollar zou kosten werd hij ontslagen. Rumsfeld zelf schatte de kost toen op 50 tot 60 miljard dollar, wat dus amper 3 tot 5 procent is van de actuele schatting door het CBO. Het illustreert hoe erg verkeerd het Witte Huis de oorlog en daaropvolgende bezetting heeft ingeschat.

 

Het American Friends Service Committee, een groep gelieerd aan de Quakers liet eveneens een berekening maken uitgevoerd door Joseph Stiglitz, Nobelprijswinnaar en voormalig topmedewerker van de Wereldbank, en Linda Bilmes, voormalig onderminister voor Handel onder president Clinton en professor voor Publieke financiën aan de Harvard University.[4] Zij berekenden de oorlog op 720 miljoen dollar per dag of 500.000 dollar per minuut!!! Ook zij nemen indirecte langetermijnkosten in rekening. De totale kost ramen de twee onderzoekers op 2.200 miljard dollar wat dus nog een stuk hoger is dan de schattingen van het CBO. In hun bevindingen maken ze tot de verbeelding sprekende vergelijkingen. Met het geld dat elke dag in de oorlog wordt gestopt kunnen huizen worden gekocht die onderdak verlenen aan 6.500 families of kan aan 423.529 kinderen gezondheidszorg worden verstrekt of nog, kunnen 1,27 miljoen huizen worden uitgerust met hernieuwbare elektriciteit.

 

Blijft de vraag of de Democraten de moed zullen opbrengen om een einde te maken aan deze verspilling. De democraat en vice-voorzitter van de Senaat, Dick Durbin, sprak van een “morele verplichting” om de financiering van de bezetting stop te zetten. Maar hij was op dat ogenblik de enige die zich daar zo duidelijk over uitte en hij stelde er meteen bij dat hij niet zou gaan lobbyen bij zijn collega’s om dit standpunt over te nemen. In maart volgt er een nieuwe evaluatie door Petraeus. Het ziet er naar uit dat er tot dan weinig zal veranderen aan de Amerikaanse politiek in Irak.

 

Ludo De Brabander



[1] Los Angles Times, 15 oktober 2007

[2] Report to Congress on the Situation in Iraq: General Petraeus. General David H. Petraeus, Commander, Multi-National Force-Iraq Joint Hearing of the U.S. House of Representatives Committee on Foreign Affairs and the Committee on Armed Services Washington, DC September 10, 2007. Het verslag is opvraagbaar via http://news.bbc.co.uk/2/shared/bsp/hi/pdfs/10_09_07_petraeus_text.pdf

[3] CBO Testimony. Statement of Robert A. Sunshine, Assistant Director for Budget Analysis. Estimated Costs of U.S. Operations in Iraq and Afghanistan and of Other Activities Related to the War on Terrorism before the

Committee on the Budget U.S. House of Representatives, 31 juli 2007 (dit document kan opgevraagd worden via: http://www.cbo.gov/ftpdocs/84xx/doc8497/07-30-WarCosts_Testimony.pdf  

[4] http://www.afsc.org/cost/AFSC_CoW_FAQ_v2.pdf

Vrede DOOR:

Deel dit artikel