Europese Unie bereikt een politiek akkoord over conflictertsen

congo conflict2

Na maandenlange moeizame onderhandelingen tussen het Europese Parlement en de Europese Raad is er nu eindelijk een akkoord bereikt over verantwoordelijke handel in ertsen, ontgonnen in conflictgebieden. Dit akkoord komt er 2 jaar na het voorstel van wetgeving opgemaakt door de Europese Commissie.

Het akkoord is een belangrijke stap vooruit in de strijd tegen geweld en mensenrechtenschendingen door de ontginning van ertsen, maar toch blijft het risico dat men er niet in slaagt om conflictertsen effectief aan banden te leggen en de Europese markt volledig vrij te maken van conflictertsen.

Compromissen

Om tot dit akkoord te komen zijn heel wat compromissen gesloten en hebben de onderhandelaars uiteindelijk gekozen voor een voorzichtige en stapsgewijze aanpak met de mogelijkheid om het beleid bij te sturen waar nodig.

De druk vanuit de bedrijfswereld om de concurrentiekracht van de Europese ondernemingen niet te benadelen was zeer groot, vandaar hun verzet tegen een regelgeving die hen nieuwe verplichtingen zou opleggen.

De opdracht was dan ook niet makkelijk. Er moest een balans gevonden worden tussen het doel om conflictertsen uit de toeleveringsketens en de markt te houden zonder de importeurs van conflictvrije ertsen te ontmoedigen.

De OESO-richtlijnen voor verantwoorde ontginning van ertsen in conflictgebieden vormen hiervoor de belangrijkste leidraad. In de praktijk blijkt echter dat deze vrijwillige richtlijnen 10 jaar na hun lancering nauwelijks toegepast worden. Daarom vroeg het Europees Parlement vorig jaar dat de nieuwe Europese verordening zich niet zou beperken tot ‘zelfregulering’ maar ook een verplichtend karakter zou hebben.

Europa loopt het risico om eerder een zwakke schakel te worden in de globale strijd tegen conflictertsen.

Terwijl de Raad zich eerst achter het zwakkere voorstel van de Commissie schaarde, slaagde het Nederlandse voorzitterschap erin overeenstemming te vinden met het Europees Parlement. Dit compromisvoorstel houdt in dat er een verplichting komt op het naleven van de OESO-richtlijnen voor smelterijen en importeurs van ertsen en metalen (de zgn upstreambedrijven), en dat de bedrijven uit de downstreamsector ( bedrijven die halffabricaten of eindproducten importeren) slechts zullen worden aangemoedigd om deze richtlijnen toe te passen. 

Twijfel over impact

Doordat de richtlijn enkel verplichtingen oplegt voor een deel van de betrokken bedrijven bestaat er grote twijfel over de impact van de nieuwe wetgeving.

11.11.11 had verwacht dat er minstens een verplichting zou komen voor de grote industriële en commerciële ondernemingen van halffabricaten en eindproducten zoals het geval met de Dodd-Frank wet uit de Verenigde staten. Europa loopt dan ook het risico om eerder een zwakke schakel te worden in de globale strijd tegen conflictertsen.

Koen Warmenbol
Coördinator Gemeenschappelijke Strategische kaders

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels