FARC zal landbouwhervorming eisen in vredesgesprekken

In de vredesgesprekken tussen de Colombiaanse regering en de FARC, die overmorgen (woensdag) in Oslo starten, gaat de rebellenbeweging een grote landbouwhervorming eisen. "87 procent van de boeren heeft geen grond", zegt FARC-onderhandelaar Rodrigo Granda in een gesprek met persagentschap IPS.

 

In Oslo vindt enkel de eerste ronde van de vredegesprekken plaats. Volgens FARC-kopstuk Rodrigo Granda, die deel uitmaakt van het onderhandelingsteam van FARC, moeten we daar nog niet te veel van verwachten.

Het is een kennismakingsronde, waar praktische afspraken gemaakt moeten worden, zegt hij. En waar het vertrouwen moet groeien. "We zullen er elkaar leren kennen, twee vijanden die elkaar in veel gevallen pas voor het eerst in levende lijve ontmoeten. We zullen moeten beginnen met het creƫren van vertrouwen."

De echte gesprekken beginnen enkele weken later in het Cubaanse Havana. Voor de FARC-delegatie wordt een grondige landbouwhervorming een van de breekpunten.

Rodrigo Granda: "Colombia is het enige Latijns-Amerikaanse land waar geen landbouwhervorming heeft plaatsgevonden en waar nog grote landbouwbedrijven tot 100.000 hectare bestaan, terwijl 87 procent van de boeren geen grond heeft.

"We hebben het over een algemene landbouwhervorming, met de confiscatie van gronden die verdeeld moeten worden onder wie ze wil en kan bewerken.

"De regering zegt dat ze een voorstel voor integrale plattelandsontwikkeling heeft. Onze standpunten zullen dichter bij elkaar moeten komen. Alle discussiepunten zijn belangrijk. We gaan met een open mentaliteit naar de gesprekken om alle problemen aan te pakken, ook de pijnlijke, en een oplossing te zoeken."


IPS: Sommigen zeggen dat dit de laatste kans op vrede is. Bent u het daarmee eens?

"In welk conflict ook ter wereld heeft de vrede altijd kansen, Colombia is daarop geen uitzondering. Wat nu gebeurt, is dat er premissen zijn die het optimisme doen toenemen dat er eindelijk een regeling kan komen via dialoog.

"Ik heb de indruk dat de regering momenteel zin voor realisme aan de dag legt. Ze weten dat ze de guerrilla op militair vlak niet kunnen verslaan.

"De dialoog zal problemen kennen, ups en downs, die we met toewijding zullen moeten oplossen, rekening houdend met het uiteindelijke belang, vrede voor Colombia. Dat is de grote bijdrage van de FARC aan ons land en aan de revolutionairen van Latijns-Amerika.

"We vinden dat zelfs vandaag onze (gewapende) strijd gerechtvaardigd is. Maar als de situatie verandert, dan veranderen we ook."


De regionale context speelt niet in het voordeel van de gewapende weg. Waarom blijft u hameren op deze vorm van strijd?

"In het specifieke geval van Colombia blijven alle factoren die aanleiding gaven tot de gewapende strijd aanwezig. Dat er nu een president is die een einde wil maken aan deze oorzaken, is een andere zaak. Hij vindt in de FARC een geldige gesprekspartner, die zegt: 'Als u deze factoren die tot de gewapende strijd hebben geleid, aanpakt en uitschakelt, dan kunnen we daarmee stoppen en overgaan tot een andere vorm van strijd, die open, legaal, politiek is.' Een stabiel en duurzaam vredesverdrag zal tijd vergen.

"We willen een einde maken aan de oorlog, ook al willen de regering en het militaire opperbevel de fysieke uitschakeling van de opstandelingen en zetten ze daarbij alle middelen in. Ze hebben ons klappen toegebracht, maar wij hen ook. Men kan zeggen dat we ons op militair vlak in een patstelling bevinden en dat we een politieke uitweg moeten zoeken.

"Zoals het nu verloopt, kan dit conflict nog twintig of dertig jaar duren. Is dat in he voordeel van het land, van de regio, van Latijns-Amerika? We vinden van niet. En het Colombiaanse volk vindt zeker van niet."



BRON:
IPS
IPS DOOR:

Deel dit artikel