G20 Graag stabiele voedselprijzen, monsieur Sarkozy

De Franse president Sarkozy bereidde zich de laatste tijd niet enkel voor op de komst van zijn nieuwe spruit, maar ook op het voorzitterschap van de komende G20-topbijeenkomst in Parijs. Op 22 en 23 juni zitten de landbouwministers van de 20 grootste economieën ter wereld rond de tafel om het probleem van stijgende voedselprijzen, prijsvolatiliteit en voedselspeculatie te bespreken.

 

President Sarkozy plaatste het onderwerp in het hart van de agenda. Niemand kan om de feiten heen: de stijgende voedselprijzen hebben het afgelopen half jaar 44 miljoen mensen extra in extreme armoede geduwd.

Naast ondermeer de extreme weersomstandigheden van het afgelopen jaar die oogsten deden mislukken en de populariteit van biobrandstoffen die maakt dat landbouwgrond niet langer voor voedsel kan gebruikt worden, is de stijgende speculatie op voedselgewassen een belangrijke oorzaak achter de prijsvolatiliteit. Op de internationale landbouwbeurs in Chicago kunnen landbouwprijzen op slechts enkele uren tijd wel 10 procent verschillen, de prijs van bijvoorbeeld tarwe kan op één dag tijd schommelen van 27 tot 45 euro.

Het effect van speculatie op de prijsvorming maakt de fluctuaties van landbouwgrondstoffen extreem beweeglijk. De FAO verwacht voor het komende jaar nog meer periodes van aanbodschokken. Met als gevolg een nóg verdere stijging van de prijzen. En het ziet er niet naar uit dat ze even snel weer zullen dalen. De Europese Commissie waarschuwde al dat de voedselprijzen tien jaar lang hoog zullen blijven. Ruim 70 landen in Azië en Afrika bevinden zich in een 'gevarenzone', want de prijsstijgingen leiden tot sociale onrust, zoals we eerder dit jaar al in Tunesië, Egypte, Algerije en Jemen zagen.

De producenten van ons voedsel kunnen vaak weinig meeprofiteren van de stijgende voedselprijzen in de winkel. Boeren in Noord en Zuid klagen dat het, naast de speculanten, vooral de tussenhandelaren en de retailers zijn die met de winsten gaan lopen. Door de machtsconcentratie op de markt is de onderhandelingsmacht van deze tussenhandelaren veel groter. Zij willen de prijs aan de boer zo laag mogelijk houden, terwijl landbouwers hun productiekosten net zien stijgen door hogere olie- en brandstofprijzen.

Boeren in het Zuiden, die niet kunnen rekenen op inkomenssteun of sociale vangnetten, blijven ook nog steeds netto-consumenten van voedsel, dus als ze geen extra inkomsten uit hun producten kunnen halen, komen ook bij hen de prijsstijgingen hard aan. Hogere of onvoorspelbare prijzen betekenen dat een groter stuk van hun inkomen daaraan moet besteed worden. Vaak wordt al 60 tot 80 procent van het gezinsinkomen aan voedsel besteed. Vrouwen en kinderen hebben vaak het ergst te lijden omdat de mannen in vele gezinnen nog altijd voorrang krijgen.

De Franse landbouwminister Bruno Lemaire is optimistisch dat er een akkoord uit de bus zal komen. Hij verklaarde "niet te willen ontgoochelen", de geschiedenis mag zichzelf immers niet herhalen. Frankrijk stelt voor om instrumenten in het leven te roepen die de financiële markten beter reguleren, en om een transparant datasysteem over voedselstocks en landbouwprijzen op te zetten. Benieuwd of landen als de Verenigde Staten en China er ook zo over denken.

Daarnaast blijven extra investeringen in de landbouwsector dringend nodig, zegt de Franse landbouwminister. Na jaren van onderinvestering, groeit internationaal de consensus dat landbouw dé hefboom is voor ontwikkeling en om honger en klimaatverandering te bestrijden. Alleen moeten nog meer beleidsmakers ervan overtuigd worden dat dit enkel kan via een duurzame landbouw. En dit betekent dat meer investeringen nodig zijn in kleinschalige, familiale landbouw wereldwijd. Want dat landbouwmodel zorgt voor meer werkgelegenheid op het platteland, is ecologisch gezien beter voor bodem, klimaat, en biodiversiteit, en is bovendien productiever dan het klassieke agro-industriële landbouwmodel. Ook Bill Gates riep om die redenen in een toespraak voor beleidsmakers in Washington op om kleinschalige boeren in ontwikkelingslanden te ondersteunen en hen een weg naar de markt te bieden.

Samen met boeren wereldwijd verwachten we van deze G20 top meer dan vage beloftes. Zonder maatregelen die de markten laten werken voor boeren en consumenten, blijven we ons van crisis naar crisis slepen en is de strijd tegen honger bij voorbaad verloren. In de woorden van Professor Olivier De Schutter, Speciaal VN-Rapporteur voor het Recht op Voedsel: "Honger is geen technisch, maar een politiek probleem."

Saartje Boutsen, Vredeseilanden

(foto: World Economic Forum)

Deel dit artikel