Gaza in onze media

De kwestie van de nederzettingen is de laatste maanden niet meer uit het nieuws weg te branden. Dat heeft uiteraard te maken met Sharons terugtrekkingsplan uit Gaza. In meer dan één opzicht is dit, zoals we van Sharon al nog gezien hebben, een meesterlijk plan. De Israëlische premier is er in geslaagd om de internationale journalistieke (en politieke) wereld 'om de tuin te leiden'.


De focus van de berichtgeving ligt immers op de 'controverse' van het Gaza-terugtrekkingsplan en niet op de illegaliteit van de nederzettingen. In de Israëlische pers is de operatie al in de meest beladen termen bediscussieerd en geanalyseerd, daarbij gevolgd door de hele wereld die er als het ware van overtuigd is geraakt, dat Israël balanceert op de rand van een burgeroorlog.

In de mainstream pers lijkt het er bovendien op dat Sharon ernstige pogingen doet om tot vrede te komen door moedig en royaal land af te staan aan de Palestijnen ondanks het verzet in eigen rangen. Kranten van mediamagnaten als Rupert Murdoch doen er graag een schepje bovenop. Op 14 juli 2005 bijvoorbeeld luidde de kop van een artikel in zijn Britse The Daily Telegraph: 'Danger on two fronts for Sharon's peace plan'.

Voor alle duidelijkheid: de terugtrekking is geen voorbode voor vrede, maar de prijs die de Israëlische regering moet betalen voor de VS-steun aan het Israëlische plan om grote stukken van de Westelijke Jordaanoever te behouden. Dat is geen verborgen politieke agenda. In een interview met Le Monde (27 juli 2005) windt Sharon er geen doekjes om: "Het akkoord dat ik met president Bush heb gesloten staat ons toe om de zones die een grote strategische waarde hebben en de dichtbevolkte zones, de grote nederzettingen, in stand te houden." Ook op het terrein is duidelijk dat wat in Gaza wordt ontmanteld in mum van tijd wordt bijgebouwd op de Westelijke Jordaanoever. Een week voor het vertrek uit Gaza keurde het ministerie van Huisvesting de bouw van 72 nieuwe woningen goed in de kolonie Betar Illit. Volgens officiële cijfers zijn er sinds begin dit jaar 235 nieuwe woningen gebouwd in de kolonies van de Westelijke Jordaanoever, de meeste daarvan in de buurt van Jeruzalem. Terwijl alle aandacht naar Gaza gaat heeft de Israëlische regering een beslissing bevestigd om de muur in Oost-Jeruzalem af te werken. Ongeveer 55.000 Palestijnse inwoners van Jeruzalem zullen volledig afgesneden worden van hun stad. In Jeruzalem wordt er ook volop onteigend. Dit jaar zijn er 55 Palestijnse huizen met de grond gelijk gemaakt, voor 64 huizen zijn de orders klaar om tot afbraak over te gaan. Volgens het Israëlische Comité tegen Huizenvernietiging, wacht 10.000 andere huizen in Oost-Jeruzalem hetzelfde lot. Israël heeft enkele maanden geleden aangekondigd dat er 3.500 wooneenheden in Oost-Jeruzalem worden bijgebouwd. Eens voltooid zal rond wat nu nog Palestijns Jeruzalem is volledig ingesloten zijn door Joodse nederzettingen en Jeruzalem als hoofdstad van een toekomstige Palestijnse staat nog meer bemoeilijkt worden.

Elke journalist die zijn job ernstig neemt en bijdrages over de Gaza en aanverwante produceert kan niet omheen deze feiten. Ze liggen er als het ware voor het rapen. Een dosis achtergrondkennis, een kleine zoektocht naar betrouwbare bronnen, en het wat grondiger uitpluizen van de persberichten maken dat het zelfs niet noodzakelijk is om een dure correspondent ter plaatse in dienst te nemen. Toch is het verschrikkelijk hard zoeken naar stukken als de bewuste aankondiging van de nochtans betekenisvolle grootschalige uitbreidingen in Oost-Jeruzalem of de daar onlangs goedgekeurde onteigeningen, de bouw van splinternieuwe nieuwe nederzettingen, het stelen van grond en het plaatsen van al die feiten tegen de achtergrond van het internationaal recht. In de plaats daarvan bezondigen journalisten zich aan - zoals Lode Delputte het in De Morgen van 13 augustus 2005 treffend verwoordde - aan 'emo-journalistiek. in het ochtendprogramma, 'Voor de Dag' op Radio 1 van 16 augustus sprak Roger De Knijf over 'hartverscheurende taferelen' toen hij het over de verwijdering van de kolonisten uit hun huizen had. Dergelijk 'emo-talk' is niet gemakkelijk aan Palestijnen besteed, die nochtans voortdurend worden geconfronteerd met evacuaties en huizenvernietigingen.

Met de bronnen zit het al dikwijls niet goed. Veel kranten hebben uit besparingsoverwegingen vooral bezuinigd op hun redactie buitenland, met als gevolg minder eigen werk en dus meer overnames. Veel westerse kranten, TV- en radiostations baseren hun berichtgeving dan ook grotendeels op artikels van de grote persagentschappen zoals AP (VS) en Reuters (Brits). Uit diverse studies weten we dat media voor buitenlands nieuws de waterdragers vormen van de eigen regering. Een aantal Belgische kranten beschikt trouwens helemaal niet over een behoorlijke buitenlandredactie, wat de kans groter maakt voor manke berichtgeving.

De Standaard gaat uit de bocht

Het feit dat de 'kwaliteitskranten' wel over een buitenlandredactie beschikken is geen garantie voor behoorlijke verslaggeving. De berichtgeving in De Standaard over de Israëlische bezettingsoorlog (die nooit zo wordt genoemd) illustreert heel goed hoe lamentabel de informatievoorziening kan zijn. Dit vlaggenschip van de Belgische pers heeft de afgelopen jaren zware besparingen doorvoerde op zijn redactie.

Een telling leert dat er sinds begin juli, (van 1 juli tot en met 16 augustus), 26 artikels, 3 opiniestukken, 1 commentaarstuk en 1 'analyse'-stuk aan het 'Palestijns-Israëlisch' conflict zijn gewijd. Het gaat over een periode waar de terugtrekking uit Gaza belangrijk nieuws is. Dat blijkt duidelijk uit het feit dat van de in totaal 31 redactionele stukken 27 gaan over het Gaza-plan en de discussies die dat teweegbrengt in Israël en elders. De grote meerderheid van de gewone artikels zijn overgenomen stukken van de internationale persagentschappen Reuters en AP. In geen enkel van deze artikels wordt het internationaal recht genoemd, wat je logischerwijs zou kunnen verwachten over nederzettingen die volgens het internationaal recht illegaal op bezet gebied zijn gebouwd. Op het ene analysestuk na wordt de terugtrekking ook helemaal niet in een bredere context geplaatst. Slechts in een viertal artikels zijn er korte passages gewijd aan de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. In het commentaarstuk (19/07) maakt Peter Vandermeersch zich er in één zin vanaf als hij stelt dat de terugtrekking uit de Gaza de consolidatie betekent van de bezetting op de Westelijke Jordaanoever. Het artikel op 20 juli eindigt als volgt: "Ook de meeste Palestijnen begroeten de terugtrekking, maar vrezen dat premier Sharon de kleine joodse nederzettingen in Gaza - met 8.500 kolonisten - opgeeft om daarna de grote nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, met 240.000 joodse kolonisten, nog steviger in handen te houden." In dit overgenomen Reuters-bericht schrijft de journalist dat de Palestijnen 'vrezen' dat Sharon de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever in handen wil houden. Dat is op zijn zachtst gezegd een 'understatement' van de werkelijkheid. Zelfs de Israëlische autoriteiten laten, zoals al gesteld, open en bloot verstaan dat er aan de overgrote meerderheid van de nederzettingen in 'Judea' en 'Samaria' niet geraakt wordt. Een artikel op 13 augustus, geen eigen werk maar overgenomen uit het Nederlandse NRC, gebruikt zelfs kritiekloos begrippen van kolonisten, zoals in de volgende zin: "Yesha, een organisatie van 250.000 kolonisten in Judea, Samaria en Gaza, heeft de strijd om de Gaza-nederzettingen verloren" (eigen cursief). De subkop van het artikel luidt : "de Israëlische exodus uit Gaza", een al even geladen term die doet denken aan wat de joden is overkomen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Soms gaat het zeer ver. Volgende passage is geen uitzondering: "Naar aanleiding van het rapport heeft de Israëlische minister van Huisvesting, Yitzhak Herzog (Arbeidspartij), premier Ariel Sharon opgeroepen onmiddellijk over te gaan tot de ontmanteling van alle illegale joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, om het vredesproces met de Palestijnen niet in gevaar te brengen. Op grond van de zogenoemde Routekaart naar Vrede moet Israël de ruim honderd buitenposten die kolonisten sinds 1993 hebben opgezet, ontmantelen. Sharon heeft herhaaldelijk beloofd dit te zullen doen, maar tot nu toe zijn nog maar enkele buitenposten afgebroken. Volgens de regering stonden juridische obstakels de ontmanteling van meer buitenposten in de weg. De kolonisten zetten de illegale nederzettingen op om Palestijns gebied te verbrokkelen en zo de stichting van een Palestijnse staat te dwarsbomen." (De Standaard, 14 maart 2005). Dit van het Amerikaans persbureau AP overgenomen artikel spreekt voortdurend over illegale nederzettingen of buitenposten en geeft de expliciete indruk dat de andere nederzettingen legaal zijn. De meeste grote nederzettingen zijn immers voor 1993 gebouwd en zijn evenzeer illegaal.

Voor een iets grondigere belichting van de context van de nederzettingen in De Standaard, moeten we teruggaan naar 13 april 2005 om nog eens een behoorlijk stuk over de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever te lezen, maar opnieuw geen enkele vermelding van de illegaliteit op grond van het internationaal recht. De lezer die zich over de Israëlische bezettingsoorlog wil informeren via De Standaard zal slecht geïnformeerd zijn en dat omdat de krant uit besparingsoverwegingen beroep doet op grote, dikwijls bijvooroordeelde persagentschappen. Dat het anders kan bewijst de krant zelf. Op 30 april bijvoorbeeld besteedt de krant veel redactionele ruimte aan Israëlische vredesactivitsten - op bezoek in ons land - die hun regering kritisch op de rooster leggen. Het gaat jammer genoeg over uitzonderingen die de regel bevestigen.

Ludo De Brabander

Vrede DOOR:

Deel dit artikel