‘Hier staan wij, we kunnen niet anders’

(vrij naar Luther en Olmert)

“De Palestijnen hebben geen recht op een staat omdat het terroristen zijn en omdat ze geen staat hebben, zijn ze terroristen”, zo schrijft Ignaas Devisch in een opiniestuk over het geweld- en slachtofferschapsmonopolie dat Israël voor zichzelf opeist.


‘We kunnen niet anders dan een grondoorlog te beginnen’. Deze woorden van premier Ehud Olmert om de grondoorlog in Gaza te legitimeren, doen onwillekeurig denken aan de welbekende woorden van Luther: ‘hier sta ik, ik kan niet anders’. Nog meer dan bij Luther het geval was, verraden de woorden van Olmert het tegendeel van wat ze beweren: juist omdat hij die woorden moet uitspreken, geeft hij aan dat hij wel degelijk anders kon. Israël, bij monde van zijn premier, heeft er immers voor gekozen om een grondoorlog te beginnen, zoals het ervoor gekozen heeft bepaalde gebieden te bezetten, en zoals ook Hamas ervoor gekozen heeft raketten op Israël te lanceren.

Waarom pretendeert Olmert dat hij niet anders kan? Omdat zijn perverse logica hem dwingt dat te doen. Die logica gaat uit van de overtuiging dat Israël Hamas voorgoed moet uitschakelen en pas dan en dan alleen alle inwoners van Israël in veilige condities zullen leven. Stel dat Olmert gelijk heeft, dat hij inderdaad niet anders kan, dan moet hij in principe erkennen dat ook de Palestijnen op dat argument beroep kunnen doen (wat natuurlijk niet zal gebeuren). De inwoners van Gaza hebben op democratische wijze Hamas verkozen, maar bekopen dit met een volledige blokkade van de Gaza strook en uiteindelijk ook velen onder hen, met hun leven, hetzij door ontbering, hetzij door de oorlog. Ook strijden voor ‘veilige condities’. Heeft een volk dat op een hoopje land bijeengehokt zit, zonder voorzieningen of toekomst, niet het recht zich te verdedigen? Nee dus, het zijn immers (haast allemaal) terroristen, zo laat Israël uitschijnen.

En dat laatste is niet eens zo moeilijk te beargumenteren, zij het dat de redenering maar klopt omdat ze zich verschuilt achter een drogredenering. Israël prevaleert de gedachte dat je terrorisme moet linken aan niet-statelijk geweld, gepleegd door individuen zonder staat. Omdat de staat over het geweldmonopolie beschikt, is elke vorm van terrorisme principieel fout en dus te bestrijden. In die zin is elke Palestijn die geweld pleegt inderdaad een terrorist, want er is geen Palestijnse staat. De komst daarvan wordt met geweld door Israël geblokkeerd. De cirkel van de redenering is daarmee rond: de Palestijnen hebben geen recht op een staat omdat het terroristen zijn en omdat ze geen staat hebben, zijn ze terroristen. Helaas hebben we hier te maken met een veel fundamenteler probleem dan dat van de logica. Israël genereert niet alleen wat het pretendeert te bestrijden, het voert ook een blijvende strijd die bij voorbaat het gelijk aan zijn kant heeft bij de media en de publieke opinie: een staat moet zich verdedigen en terroristisch geweld dat het bij die verdediging aanwendt, is altijd en overal legitiem; een terroristische actie is principieel fout en bijgevolg altijd te bestrijden.

Heeft Israël dan niet het recht de veiligheid van zijn burgers te garanderen? Natuurlijk en dat recht wordt hen niet afgenomen. Wel integendeel, als er één land in de wereld dat recht onafgebroken opeist en ook behoudt, dan wel Israël. Omdat de VS elke veroordeling van hun acties via de Veiligheidsraad tegenhouden, neemt Israël altijd al de rechten die het wil en oefent het die uit zoals het wil. Het probleem ligt niet zozeer daar, dan wel in de kwestie dat van de twee strijdende partijen, de ene partij rechten heeft omdat het een soevereine staat is, terwijl het de ander, omdat het ‘slechts’ een volk is zonder staatsrechterlijke status, aan die rechten ontbeert. De vergelijking met David en Goliath is daarom principieel verkeerd en zelfs symbolisch ongepast. In dat Bijbelse, joodse verhaal, ‘mogen’ beide partijen met elkaar in de clinch gaan, terwijl in het conflict in Gaza, de een zelfs geen steen mag toegooien.

De strijd die nu aan de gang is, is daarom in vele opzichten de naam strijd niet waardig. Er zijn namelijk geen twee partijen. Enerzijds heb je een zionistische staat die politieke partijen in zich mag herbergen die van elke Palestijn liever een dode Palestijn maken, ze worden er politiek niet voor op de vingers getikt, laat staan afgestraft. Israël, zo luidt de retoriek, is een democratische staat. Joodse kolonisten mogen bijgevolg gewapend rondlopen want die verdedigen zich, Israël mag hele stukken land afnemen door een muur neer te planten want dat dient de veiligheid – een muur die we uiteraard ook niet mogen vergelijken met deze van een getto want dat zou antisemitisch zijn, enzovoort. Anderzijds is er een volk dat het terroristische Hamas democratisch heeft verkozen, maar daarvoor wordt afgestraft, omdat die organisatie geweld predikt.

Waarom blijft er in de hele wereld één land dat zichzelf een democratie noemt, in staat om wanneer en hoe het wil, geweld te plegen tegen zijn buurlanden? Vanwaar die uitzonderlijke status? Welnu, Israël slaagt er bijzonder goed in om enerzijds de VS blijvend op zijn hand te krijgen zodat zij politiek gezien altijd de dans ontspringen; anderzijds misbruikt het op schandelijke wijze het ‘eeuwige slachtofferschap’ waarin het zich nu al enige tijd hult: wie ook maar één kritisch woord overheeft voor Israël is een antisemiet en dus een schandelijke persoon. Tot op vandaag heeft elke niet-jood blijkbaar een soort van historische en niet af te lossen schuld op zijn conto staan, waardoor zijn kritiek op Israël altijd weer ‘misplaatst’ is.

Ook al is Israël tot op zekere hoogte een democratische staat, het is dat in veel meer opzichten helemaal niet. Het plaatst zich superieur boven alle rechtsregels, zowel intra- als extra-muros, en beschouwt zichzelf als uitverkoren in de meest perverse zin van het woord: het heeft zichzelf verkozen en verdedigt dit op basis van religieuze maar moreel ongeldige en zelfs bijzonde onkiese argumenten. Elkeen die deze argumenten laakbaar vindt, een antisemiet noemen, zoals dezer dagen weer volop gebeurt, is al te makkelijk. Zolang die logica aan zet blijft, heeft het zelfs geen zin te protesteren, niet tegen het geweld door Israël, niet tegen dat van Hamas. Dat zal zo blijven tot beide partijen inzien dat ze wel degelijk anders kunnen dan te staan waar ze nu staan.

Ignaas Devisch

De auteur is als professor filosofie verbonden aan de Arteveldehogeschool en de Universiteit Gent.

Gaza brandt op: http://blog.vrede.be

Deel dit artikel