Inzet van Boekarest-top: de NAVO als mondiale veiligheidsorganisatie

Van 2 tot 4 april vindt de 22ste NAVO-top plaats. Verschillende dossiers liggen op tafel. Topprioriteit is en blijft Afghanistan waar de NAVO moet slagen om geloofwaardig te zijn voor het toekomstproject: een globale veiligheidsorganisatie die moet optreden tegen een complex netwerk van veiligheidsdreigingen in deze ‘brutale wereld’.

Voor Roemenië is het een van de belangrijkste momenten uit de geschiedenis. Van 2 tot 4 april houdt de NAVO in de hoofdstad Boekarest haar 22ste top sinds de oprichting van het militair bondgenootschap in 1949. Het wordt een van de grootste NAVO-mediacircussen ooit waarop naast de 26 NAVO-lidstaten, ook nog eens 23 leden van het ‘Partnership for Peace’ (PfP) aanwezig zullen zijn, goed voor enkele duizenden officiële genodigden en nog eens zoveel journalisten. Zij komen samen in het Casa Poporului (Volkshuis, de benaming die nog steeds door de Roemenen wordt gebruikt), een immens complex van 64.800 m² gebouwd tijdens het regime van Ceausescu. Met een budget van 30 miljoen dollar wordt er voor deze top niet op een Euro gekeken. In alle opzichten dus een megalomane top.

De NAVO omschrijft dergelijke topbijeenkomsten van staatshoofden zelf als belangrijke ‘verbindingsplaatsen’ om de strategische richting van de transatlantische activiteiten te evalueren en te herdefiniëren. In het verleden zijn er beslissingen getroffen rond zaken als het strategische beleid, vertrokken er uitnodigingen naar nieuwe leden, lanceerde men allerlei nieuwe initiatieven en kwamen er partnerships met niet-NAVO- landen. De vorige top dateert van november 2006 in Riga.

Op de jaarlijkse ‘veiligheidsconferentie’ te München sprak NAVO-secretaris-Generaal Jaap de Hoop Scheffer over vier belangrijke sleutelfactoren die in Boekarest moeten aangepakt worden.(1) Het gaat om het welslagen in Afghanistan, de integratie van de Balkan in de Euro-Atlantische structuren met een uitnodiging tot lidmaatschap voor ‘nieuwe democratieën’, de interactie en samenwerking met andere spelers zoals de VN, de EU, de Wereldbank en de NGO’s en tenslotte de aanpak van een hele reeks van ‘nieuwe dreigingen’ waaraan ‘onze bevolking’ blootstaat. “De verspreiding van massavernietigingswapens, maar ook van rakettechnologie, terrorisme, cyber aanvallen en de kwetsbaarheid van onze energiebevoorradingslijnen vormen collectieve uitdagingen en we moeten zorgen voor collectieve antwoorden daarop” aldus de Hoop Scheffer. Het valt op hoe energietoevoer in toenemende mate geformuleerd wordt als een militaire kopzorg.

Afghanistan
Afghanistan blijft veruit de belangrijkste prioriteit en meteen ook het grootste zorgenkind. Met de ISAF-operatie staat of valt het concept en de geloofwaardigheid van de NAVO als mondiale politieagent. Het is vooral dat wat de grote inzet is in Afghanistan. Maar het loopt daar allerminst van een leien dakje. Meer dan zes jaar na de aanvang van de oorlog zijn de eerder verslagen Taliban meer dan ooit terug op het strijdtoneel en tonen ze zich als een te duchten tegenstander. Het aantal aanslagen is in de loop van 2007 sterk gestegen evenals het aantal slachtoffers. De Taliban controleren misschien geen steden, maar daarbuiten staan ze in verschillende regio’s sterk en kunnen ze ook rekenen op een zekere populariteit bij een deel van de bevolking. Opium is goed voor bijna 60 procent van de totale inkomsten van het land en ook dat is gezien de grote inspanningen van onder meer de ISAF-troepen niet echt iets om over naar huis te schrijven. Met een productie van 6.000 ton in 2006 is de opiumproductie nog nooit zo hoog geweest (een bijna verdubbeling ten opzicht van 2000, een jaar voor de invasie).(2) Op bestuurlijk vlak kan er evenmin bezwaarlijk van grote vooruitgang worden gesproken in een land waar de corruptie een ernstig obstakel is geworden in de sociaal-economische ontwikkeling.(3)

De ISAF-operatie in Afghanistan zorgt voor spanningen tussen enerzijds die landen die de grootste bijdrage leveren op vlak van troepenaantal en deelname aan gevechtssituaties (VS, Groot-Brittannië, Canada en Nederland) en anderzijds landen als Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en Griekenland die ofwel voorbehoud aantekenen op deelname aan gevechtssituaties of er niet toe in staat zijn. De VS zijn al een tijdje bezig om deze landen ertoe te bewegen meer inspanningen te leveren. België is alvast overstag gegaan met zijn engagement om vier F-16 vliegtuigen en bijhorend personeel in te zetten onder meer ter ondersteuning van grondtroepen in gevechtsituaties. Ook Polen en Frankrijk zouden bereid zijn meer troepen te leveren, wat niet wil zeggen dat ze erg happig zijn om deze in te zetten in robuustere gevechtssituaties. Duitsland houdt de boot af en vindt dat het al genoeg doet. "De Britse bevolking moet er zich van bewust zijn dat we twee wereldoorlogen verloren en we hebben een verschillende houding ten opzichte van soldaten, oorlogen en bloed”, zo stelde de woordvoerder van het Duitse ministerie van Defensie in een interview met BBC. In NAVO-kringen weigert men te spreken over een crisis tussen de bondgenoten. Daar heet het dat iedereen het belang inziet van de missie in Afghanistan. Maar de twijfel blijft of dit eerder diplomatie is die de interne verdeeldheid over de aanpak in Afghanistan moet doen verbergen. In Boekarest zal de balans worden opgemaakt over in welke mate landen bereid zullen zijn om echt gevechtstroepen te leveren.

Balkan
Ook hoog op de agenda staat Kosovo, waar de NAVO een 16.000 man sterke KFOR-macht heeft gestationeerd. De eenzijdige afscheiding van Kosovo van Servië (overigens in strijd met VN-resolutie 1244) heeft voor onenigheid gezorgd niet alleen met Rusland maar ook binnen de NAVO. De NAVO is er nu beducht voor dat Kosovo een effect zal hebben op de regio zoals een dreigende afscheiding van het door Serviërs bewoonde noorden van Kosovo, het streven van de Albanese minderheid in Macedonië naar aansluiting bij de Albanese volksgenoten in Albanië en Kosovo of nog de Bosnische Serviërs waar al evenzeer gedroomd wordt van aansluiting, maar dan bij Servië. Hoe de discussie daarover ook verloopt, de Balkan blijft een kruitvat en dat maakt dat de NAVO daar nog een tijdlang zal blijven. Verder is het de ambitie om een aantal andere Balkan-landen - Kroatië, Macedonië en Bosnië-Herzegovina – in Boekarest een uitnodiging te bezorgen om lid te worden van de NAVO.
Maar ook rond andere dossiers kunnen discussies hoog oplopen. Zo heeft Oekraïne al laten blijken dat het in de toekomst evenzeer graag lid wil worden van de NAVO. Dat zal voorspelbaar hevige reacties losweken van de Russische president Poetin die nu al op zijn tenen loopt over de bouw van een antirakettenschild in Tsjechië en Polen. De Russische ambassadeur bij de NAVO, Dmitri Rogozin is er blijkbaar niet erg gerust op en waarschuwde: “het is ontzettend belangrijk dat we geen verrassingen krijgen op de NAVO-top in Boekarest die de Rusland-NAVO-samenwerking kunnen bemoeilijken.”

De NAVO in een ‘brutale wereld’
Een laatste opvallende discussie die er staat aan te komen op de top is energieveiligheid. Het volgende citaat uit de toespraak van NAVO-secretaris-Generaal de Hoop Scheffer spreekt voor zich: “Deze eeuw zal voor een groot deel draaien rond energie. Energie is een thema waarrond de NAVO een proces is opgestart om de toegevoegde waarde ervan te definiëren. Je hebt me eerder al gehoord over de bescherming van gevoelige energie-infrastructuur. De NAVO draagt zeker niet de eerste verantwoordelijkheid rond energieveiligheid. De NAVO is geen economische organisatie, maar er is zeker en vast een toegevoegde waarde te definiëren en je kan er zeker van zijn dat energieveiligheid ook op de agenda van de top in Boekarest zal staan.”(4)

Op enkele maanden van deze belangrijke NAVO-top publiceerden vijf voormalige top-officieren van NAVO-landen een rapport met de titel: ‘Towards a grand strategy for an uncertain world’.(5) Daarin worden de “complexe opkomende mondiale veiligheidsuitdagingen” onder de loep genomen. De conclusie luidt dat er nood is aan een nieuwe transatlantische strategie die een betere integratie van militaire en niet-militaire capaciteiten vergt. Zij stellen dat een getransformeerde NAVO, in nauwe samenwerking met de EU, moet fungeren als de centrale instelling voor de toekomstige veiligheidsarchitectuur, een democratische alliantie die het moet opnemen tegen dreigingen van een “in stijgende mate brutale wereld”. Op lange termijn moet er een ‘directoraat’ komen bestaande uit de VS, de EU en de NAVO dat de samenwerking moet coördineren in de gemeenschappelijke transatlantische belangensfeer. De relaties met landen als China (via het oppotten van dollars) en Rusland (afsluiten van gastoevoer) worden in essentie eenzijdig problematisch gezien en het is in eerste instantie ‘onze veiligheid’ die in gevaar komt. “Een Iraans nucleair wapen zou het einde kunnen betekenen van het Non-proliferatie Verdrag (NPT) en zo het regionale conflict kunnen doen omslaan in een globale crisis”. Waarom dat wel problematisch is en de opbouw van het eigen kernarsenaal of het bestaan van een Indisch of Israëlisch kernwapenarsenaal (telkens evenzeer in overtreding met het NPT-verdrag) niet, is onduidelijk, maar het past wel in een wereldvisie waar we vooral aan onze welvaart en veiligheid denken ook al gaat dat ten koste van de ander.

Extreme standpunten worden niet geschuwd. Taboes evenmin: “Het Westen moet bereid zijn om terug te grijpen naar een preventieve nucleaire aanval om een halt toe te roepen aan een ‘imminente’ verspreiding van nucleaire en andere wapens”, zo staat er nog. Daarmee nemen de gepensioneerde generaals een gelijkaardig standpunt in als het Pentagon van Bush. Of nog: “het gebruik van geweld zonder toestemming van de VN-veiligheidsraad” omdat “onmiddellijke actie nodig is voor de bescherming van een groot aantal mensen”, is een refrein dat we al kennen van Kosovo of Irak.

Veel van de zaken die in het rapport staan zullen wellicht de beslissingsfase niet bereiken, ook niet op de nakende NAVO-top. Maar er zitten wel heel wat denkbeelden en -pistes in die populair zijn in westerse politieke kringen. Ook hier veel aandacht voor energieveiligheid. De OPEC houdt de prijzen artificieel hoog en de ‘soft instruments’ van de EU zullen niet volstaan om te zorgen voor energieveiligheid. Samenwerking met de NAVO, die als “instrument voor energieveiligheid kan worden ingezet”, is nodig. En zo staan er nog dingen in die erg parallel lopen met wat NAVO-woordvoerders en leidende westerse politici daarover de jongste maanden zeggen.

Het document van deze gepensioneerde generaals kreeg opvallend veel aandacht van het Pentagon en doet nu de ronde in Europa waar het wordt voorgesteld als een beleidsdocument dat input moet geven aan de top in Boekarest. Het is duidelijk dat vanuit verschillende hoeken de voorbereiding is gestart voor een nieuwe fase in de geschiedenis van de NAVO, namelijk de NAVO als globale veiligheidsorganisatie die geleidelijk aan de plaats moet innemen van de Verenigde Naties.

Ludo De Brabander

Dit artikel verschijnt in het volgende nummer van Uitpers (maart 2008)

Noten

(1) De speech van 9 februari 2008 is te lezen op de website van de NAVO (http://www.nato.int/docu/speech/2008/s080209a.html)
(2) Bilal Sarwary. Inside an Afghan opium market, BBC, 27 augustus 2007 (http://news.bbc.co.uk/1/hi/world/south_asia/6957238.stm)
(3) Zie o.a. de informele VN-discussiepaper ‘Fighting corruption in Afghanistan. A Road Map for strategy and action’, 16 februari 2007 (http://www.unodc.org/pdf/afg/anti_corruption_roadmap.pdf)
(4) Speech van de Hoop Scheffer op 10 januari 2008 (zie : http://www.nato.int/docu/speech/2008/s080110a.html)
(5)  http://www.csis.org/component/option,com_csis_events/task,view/id,1468

Vrede DOOR:

Deel dit artikel