IPS: Bijna alle houtkap in DRC Congo is illegaal


congo illegal logging worldwildlife
[Foto: ©Worldwildlife.org]


BRUSSEL, 2 april 2014 - Bijna alle houtkap in de Democratische Republiek Congo is illegaal, stelt een nieuwe studie van de Britse denktank Chatham House. De werkelijke oogst ligt maar liefst acht maal hoger dan de officiële cijfers doen vermoeden.



Het rapport stelt vast dat amper 10 procent van de industriële houtkap in Congo op een onafhankelijke manier gecontroleerd wordt. Bovendien gebeurt het overgrote deel van de houtkap in het land op een kleinschalige, illegale manier. Een complexe wetgeving en zwakke overheid bieden overtreders vrij spel. De oogst ligt daardoor in werkelijkheid vele malen hoger dan de officiële cijfers doen vermoeden.

"Onze analyse, die zich beperkt tot stammen en verzaagd hout, toont aan dat in 2011 de werkelijke oogst in de DRC (2,4 miljoen kubieke meter) acht maal zo hoog lag als de officiële oogst (0,3 miljoen). Het verschil van 2,1 miljoen kubiek meter is dus illegaal gekapt, buiten officiële licenties om. Dat betekent dat minstens 87 procent van de houtkap in de DRC in 2011 illegaal was", stelt het rapport, dat zich baseert op bestaande gegevens en interviews met deskundigen.

Zwak bestuur


"De reactie van de overheid tegenover illegale houtkap is erg zwak en ligt in lijn met het algemene zwakke bestuur in het land", stelt Chatham House. "Een gebrek aan politieke wil en corruptie worden door de meeste deskundigen als grootste boosdoeners gezien."

Het land beschikt weliswaar een boswet uit 2002, maar daarin ontbreken enkele belangrijke elementen, waardoor achterpoortjes ontstaan. Daarnaast is er een groot gebrek aan transparantie en zijn er nauwelijks middelen om de wet op het terrein af te dwingen. Als er al in een inbreuk vastgesteld wordt, zijn de boetes te laag om overtreders op andere gedachten te brengen, zeggen de auteurs.

 

 

Lokale bevolking


Raoul Monsembula, directeur van de milieuorganisatie Greenpeace in de DRC, is niet verrast door de cijfers in het rapport. "Jammer genoeg komt geen van deze indrukwekkende statistieken als een verrassing voor mij", zegt hij."Ik werk al meer dan een decennium in de DRC en heb de illegale en vernietigende houtkap met eigen ogen gezien. Ik heb gezien hoe bedrijven in straffeloosheid intacte bosgebieden vernielen en hoe de lokale bevolking de grootste prijs betaalt."

Monsembula wijst er op dat het rapport ook een waarschuwing bevat voor de houthandelaren in Europa: "Het stelt dat het momenteel weinig waarschijnlijk is dat om het even welk hout uit de DRC voldoet aan de Europese richtlijnen."

Net als de auteurs van het rapport pleit Monsembula daarom voor een sterkere reactie van de overheid. Het huidige moratorium op nieuwe vergunningen voor industriële houtkap moet gehandhaafd worden, vindt hij, en nieuwe vergunningen mogen pas gegeven worden als het wettelijk kader op punt staat en afgedwongen kan worden op het terrein.


Deel dit artikel