Meer Afrikaanse landen gaan vooruit in strijd tegen honger

Steeds meer Afrikaanse landen boeken aanzienlijke vooruitgang in de strijd tegen extreme honger en armoede. Het gaat onder meer om Ghana, Liberia, Malawi, Rwanda, Sierra Leone en Zuid-Afrika.

Dat meer Afrikaanse landen terrein winnen op extreme honger en armoede, blijkt uit gegevens van ActionAid International en uit onderzoek van Acord, de Association for Cooperative Operations Research and Development, een autoriteit op het vlak van voedselzekerheid in Afrika.

In Ghana bijvoorbeeld is het aantal mensen dat in voedselonzekerheid leeft de laatste vijftien jaar gedaald van 34 naar 8 procent. In Sierra Leone is de landbouwoppervlakte sinds het einde van de burgeroorlog in 2002 gevoelig gestegen, waardoor het aantal mensen met honger met bijna 10 procent is gezakt.

Investeren in landbouw

"De Afrikaanse landen die vooruitgang geboekt hebben in het voeden van hun bevolking, hebben dat vooral gedaan door te investeren in kleinschalige boeren, die samen goed zijn voor meer dan 90 procent van de Afrikaanse landbouwproductie", zegt de Keniaanse landbouwonderzoeker Nancy Mumbi.

De Rwandese landbouw is de laatst vijf jaar met gemiddeld 4,5 procent gestegen, zegt George Nderi, marktanalist in Nairobi. "De landbouw draagt ongeveer 36 procent bij tot het bruto binnenlands product, de hoogste bijdrage in Oost-Afrika."

Malawi streeft er sinds 2005 naar minstens 10 procent van zijn begroting aan landbouw te besteden. Kenia besteedde vorig jaar 4 procent van zijn begroting aan landbouw, dit jaar sprong dat naar 9 procent. Ghana geeft net zoals Rwanda mestsubsidies aan boeren.  Senegal doet dat ook en heeft de ambitie om tegen 2015 zijn hele bevolking voedselzekerheid te bieden.

Droogtegevoelig

"Het is opmerkelijk dat ook sommige droogtegevoelige landen het aantal mensen met voedselonzekerheid hebben doen dalen", zegt Nderi. "In Ethiopië bijvoorbeeld is het aantal mensen met voedselonzekerheid het laatste jaar gedaald van 5,2 naar 3,2 miljoen mensen, een vermindering van de ondervoeding in het land met 32 procent."

Volgens cijfers van de Ethiopische overheid stierf in 1990 nog 20 procent van de kinderen jonger dan vijf, vandaag is dat teruggevallen tot 8,8 procent.

Andere landen die merkbare vooruitgang boeken, zijn Algerije, Marokko, Egypte, Tunesië, Botswana en Gabon.

Het is een stap in de goede richting, maar er valt nog veel te doen, zegt Ousainou Ngum, directeur van Acord. "Afrikaanse landen moeten hun investeringsbeleid nog meer afstemmen op landbouw en voedselproductie. De voedselcrisis op het continent is een gevolg van onsamenhangend beleid. Als leiders hun beleid niet goed coördineren, zullen miljoenen Afrikanen blijven sterven door voedseltekorten."



BRON:
IPS

Deel dit artikel