Ministerconferentie WTO in Hong Kong: Lidstaten moeten slecht voorstel over geneesmiddelen verwerpen

Intal en Geneeskunde voor de Derde Wereld scharen zich achter een internationale oproep aan de leden van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) om geen slecht akkoord af te sluiten in verband met patenten op medicijnen. Spijtig genoeg hebben de rijke landen er al voor gezorgd dat er maar één voorstel op tafel ligt tijdens de ministerconferentie in Hong Kong: één dat de toegang tot geneesmiddelen geen zier vooruit helpt.

Van 13 tot 18 december wordt in Hong Kong de zesde ministerconferentie van de Wereldhandelsorganisatie gehouden. Eén van de problemen die daar zullen besproken worden is de beperking die het akkoord over de intellectuele eigendomsrechten (Trade Related Intellectual Property Rights of TRIPS) oplegt aan de invoer van medicijnen. Het gaat meer bepaald om de in- en uitvoer onder zogenaamde dwanglicenties. Volgens internationale gezondheidsactivisten en ngo's doen de arme landen er goed aan om de voorstellen van de rijke landen niet te aanvaarden.

Volgens TRIPS moeten alle lidstaten van de Wereldhandelsorganisatie patenten erkennen, ook op levensnoodzakelijke producten als geneesmiddelen. Het spreekt voor zich dat hiermee vooral de multinationals gediend zijn. De overgrote meerderheid van de commercieel belangrijke patenten is immers in hun handen.

In principe laat het akkoord aan arme landen wel toe om bepaalde maatregelen te nemen om medicijnen beschikbaar te maken voor hun burgers. In de praktijk betekent TRIPS echter een belangrijke rem op de beschikbaarheid van nieuwe medicijnen, zoals AIDS-remmers, in arme landen en vooral in landen die zelf niet de capaciteit hebben om medicijnen te produceren.

De verklaring over TRIPS en volksgezondheid

Ter gelegenheid van de vierde ministerconferentie van de WTO in 2001werd daarom een verklaring aangenomen over “TRIPS en volksgezondheid” waarin het recht erkend wordt van elk land om voorrang te geven aan de volksgezondheid over de patentrechten van de multinationals. In principe staat het akkoord toe dat een land een zogenaamde dwanglicentie oplegt: een multinational moet dan een lokale firma het recht geven om een bepaald geneesmiddel te produceren voor de lokale markt.

Daarmee zijn de grote landen als India of Brazilië wel geholpen, maar niet de vele andere arme landen die zelf niet de capaciteit hebben om deze geneesmiddelen te produceren. Zij kunnen het medicijn immers ook niet invoeren uit een ander land waar dwanglicenties van kracht zijn want die mag het product niet exporteren. De verklaring over “TRIPS en volksgezondheid” beloofde een oplossing voor dit probleem tegen eind 2002.

De Verenigde Staten en de Europese Unie verzetten zich echter tegen elke oplossing die aan de monopolies van hun multinationals zou raken. Het duurde tot 30 augustus 2003 vooraleer de arme landen zich moesten neerleggen bij een compromis. Het akkoord van 30 augustus maakt de uitvoer van medicijnen onder dwanglicenties mogelijk maar legt verlammende voorwaarden op. Tot op vandaag, meer dan twee jaar later, kon nog geen enkel land van deze zogenaamde oplossing gebruik maken.

Omdat het akkoord zoveel ingewikkelde voorwaarden oplegde, kwam een groep van Afrikaanse landen met een tegenvoorstel dat het heel wat eenvoudiger maakt om de handel te regelen van medicijnen die onder dwanglicenties geproduceerd worden. Dit voorstel komt van die landen die de nood aan goedkope medicijnen dagelijks aan de lijve ondervinden en kon op brede steun rekenen onder de ontwikkelingslanden. Voor de Verenigde Staten en Europa was het echter onaanvaardbaar.

Een permanente schijnoplossing

De rijke landen willen van de ministerconferentie in Hong Kong gebruik maken om van de zogenaamde “oplossing van 30 augustus” een permanent amendement te maken van het TRIPS akkoord. In de voorbije twee jaar heeft deze “oplossing” vooral bewezen onwerkbaar te zijn. Toch zou deze schijnoplossing nu een deel worden van het hele TRIPS akkoord waardoor het bijna onmogelijk wordt om er nog iets aan te veranderen.

Op deze manier halen de rijke landen volledig hun slag thuis. Voor hen kan dit hoofdstuk dan volledig afgesloten worden. Het probleem is immers opgelost. Het zal hen een zorg zijn dat de zogenaamde oplossing in de praktijk de zieken in de Derde Wereld niet aan medicijnen helpt.

Een groep van internationale ngo's, waaronder Oxfam International, Christian Aid en Third World Network, roept daarom de WTO lidstaten op om dit voorstel te verwerpen. Intal en Geneeskunde voor de Derde Wereld hebben zich bij deze oproep aangesloten.

“We mogen niet vergeten dat de levens van miljoenen mensen ervan afhangen of er een mechanisme gevonden wordt dat de beschikbaarheid van medicijnen verzekert,” zeggen de ngo's in een verklaring. “Als het mechanisme van 30 augustus 2003 ondoeltreffend is dan moeten de WTO leden terug naar de onderhandelingstafel om een beter mechanisme uit te denken,” voegen ze eraan toe.

De redenering van de ngo's lijkt logisch maar deze hele geschiedenis illustreert goed hoe in de WTO een andere logica geldt. De belangen van de multinationals krijgen er voorrang op die van miljoenen zieken. Voorstellen die tegen de economische grootmachten ingaan worden handig op een zijspoor gezet en aan arme landen wordt de mogelijkheid ontzegd om zich te ontwikkelen.

Vandaar dat de ministerconferentie van Hong Kong gepaard gaat met massale volksprotesten. De arme boeren en arbeiders van de Derde Wereld hopen immers dat hun regeringen dankzij de druk van de straat zullen kunnen weerstaan aan de chantage van de rijke landen en geen akkoorden zullen ondertekenen die de WTO nog verder in hun nadeel keren. Voor ons is TRIPS, net zoals de andere WTO-akkoorden, een ingewikkelde kwestie maar voor hen is het eenvoudigweg een zaak van leven en dood.

Deel dit artikel