Nationale mars voor het water wordt vuurproef voor nieuw kabinet in Peru


Van één tot tien februari worden er in heel Peru activiteiten gerealiseerd, inclusief een protestmars naar en door Lima, waarin de erkenning van het recht op water wordt geëist door duizenden demonstranten uit het hele land. De protesten betekenen de vuurdoop voor de regeringsploeg van premier Valdes, dat sinds zijn aantreden voor meer controverse dan politieke rust heeft gezorgd, door omstreden uitspraken en autoritaire optredens van de premier.

De grootschalige protesten tegen het mijnproject Conga in Cajamarca leidden in december 2011 tot een nieuw kabinet en een stevige koerswijziging van de regering Humala, onder leiding van de oud militair en zakenman Oscar Valdes Dancuart. Deze kwam al snel in aanvaring met de regionale president en de leiders van de protesten in Cajamarca, omdat hij volhield dat het omstreden mijnproject er hoe dan ook moest komen.

Ook de feestdagen en jaarwisseling brachten nauwelijks politieke rust voor de regering van Ollanta Humala. Aanhangers van Alberto Fujimori startten een media campagne voor een humanitaire amnestie voor de oud-dictator, overblijfselen van de terroristische beweging Lichtend Pad probeerden als politieke beweging erkend te worden zonder afstand te nemen van de gewelddadigheden die zij eerder begingen, en vice-president Omar Chehade moest opstappen om zijn betrokkenheid bij een corruptieschandaal.

Valdes zelf droeg bij aan de controversen en conflicten door zijn waardering voor "de effectiviteit en het pragmatisme" van de eerste regering Fujimori uit te spreken, te stellen dat de grote veranderingen die Ollanta Humala tijdens zijn campagne beloofde onmogelijk zijn, en dat de conclusies van de Waarheidscommissie over de burgeroorlog overdreven zijn door de "dramatisering van de slachtoffers".

Vooral de linkervleugel van de nationalistische regeringsalliantie Gana Peru heeft haar onvrede laten blijken over de sympathieën van Valdes voor Fujimoristische standpunten. Enkele parlementsleden dreigden zelfs met afscheiding.

 


Nationale mars voor het water

In deze context begon op één februari in Cajamarca de Nationale Mars voor het Water. Dit initiatief komt direct voort uit het verzet tegen het Conga-project, waar nationale organisaties als CONACAMI, de politieke beweging Tierra y Libertad, de politieke partij Nieuw Links van regionaal president Gregorio Santos en basisorganisaties uit verschillende delen van het land zich bij aangesloten hebben.

De mars vraagt de Peruaanse regering het recht op water te erkennen, mijnbouw in de hoge bergen waar rivieren ontspringen onmogelijk te maken, een moratorium voor mijnconcessie uit te spreken, en het gebruik van kwik en cyanide bij metaalwinning te verbieden.

Hoewel deze agenda niet ingewilligd zal worden door de regering Humala, zou de mars wel eens een impact op het toekomstige Peruaanse politieke debat kunnen hebben.

Enerzijds is de verdeling van, en toegang tot, water steeds vaker bron van conflict tussen mijnbedrijven en lokale bevolkingsgroepen, maar ook tussen regio´s, tussen stad en platteland, en tussen arme en rijke wijken. Peru zal bovendien steeds harder getroffen worden door het broeikaseffect, met steeds schaarser water in de dichtbevolkte kustregio en de Andes tot gevolg.

De protestmars zet daarmee een cruciaal thema op de politieke agenda, dat in de toekomst steeds belangrijker zal worden. Het valt bovendien te voorzien dat andere sociaalecologische conflicten in de komende maanden zullen oplaaien.

Anderzijds zullen ook de politieke verhoudingen in het land worden beïnvloed door de mars. President Ollanta Humala en premier Valdes zullen moeten besluiten of zij al dan niet hard op zullen treden tegen de mars, en of ze bereid zijn concessies te doen aan zijn agenda. De linkse vleugel van de regeringsalliantie zal moeten besluiten of zij zich met de protestanten en hun agenda solidariseren, met een mogelijke afscheiding van de regeringscoalitie of een gebrek aan legitimiteit bij hun kiezers tot gevolg.

De ontmoeting tussen sociale leiders en organisaties uit verschillende delen van het land kunnen processen van samenwerking op gang brengen, waardoor verschillende conflicten rond water en mijnbouw sterker met elkaar verbonden raken. En de politieke beweging Tierra y Libertad, en politieke leiders Gregorio Santos en Marco Arana winnen aan publieke zichtbaarheid en relevantie in het Peruaanse politieke landschap.

 



Water ook voor Broederlijk Delen van groot belang!

Ook binnen het programma van Broederlijk Delen speelt toegang tot water een grote rol. De hoge provincies van Apurimac en Cusco worden sterk getroffen door de klimaatsverandering en op sommige plekken door verwoestijning. Bovendien is er een enorme aanwezigheid van mijnbouwprojecten.

In sommige provincies is meer dan tachtig procent van het territorium in concessie gegeven aan mijnbedrijven. Ook grootschalige irrigatieprojecten aan de kust, met water uit de bergen, en waterenergieprojecten kunnen de toegang tot water van de bevolking in gevaar brengen.

Het programma van Broederlijk Delen in Peru beoogt daarom bij te dragen aan ruimtelijke ordeningsprocessen die een duurzaam gebruik van de natuurlijke hulpbronnen mogelijk maken, de rechten van de lokale bevolking (inclusief op toegang tot water) ten opzichte van megaprojecten garanderen, en een diverse en participatieve lokale economie stimuleren waar ruimte is voor grote ontwikkelingsprojecten zo lang deze niet de lokale landbouw, veeteelt en volksgezondheid in gevaar brengen.

Raphael Hoetmer

Deel dit artikel