Netwerken in Afrika: een ooggetuigenverslag van een SADIO-bijeenkomst

Anneleen Van Kelecom is als vrijwilligster bij Bevrijde Wereld voor 1 jaar aan het werk in Burkina Faso. Zij beschrijft haar ervaring van de jaarlijkse bijeenkomst van SADIO, een nog jong netwerk van West-Afrikaanse NGO’s die allen rond voedselzekerheid en organisatieversterking werken. SADIO is een platform voor uitwisseling, voor gezamenlijke vormingen, en gezamenlijk uitgevoerde programma’s op het terrein. SADIO telt een 15-tal lidorganisaties uit 6 landen. Bevrijde Wereld werkt samen met het SADIO-netwerk voor het uitvoeren van programma’s op het terrein.

Na één maand in Burkina’s hoofdstad Ouagadougou heb ik de kans gehad om mij aan te passen aan het klimaat, de drukte van de stad, de eetgewoonten en het niet te onderschatten (overal aanwezige) stof. Nu gaan we richting Koudougou. Op de agenda staan de vergadering m.b.t. het programma PAISA en het bestuursoverleg van het SADIO-netwerk. Ondanks mijn grondige studie vooraf, weet ik niet zo goed wat ik mij bij dit alles moet voorstellen. Afwachten geblazen dus. We trekken te voet naar de burelen van AMB (Action Micro Barrages) waar er naarstig gesleuteld wordt aan de laatste voorbereidingen. Bijgevolg ronden we ons bezoek snel af en wachten we op de aankomst van de andere deelnemers: partners uit Burkina Faso, Senegal, Gambia, Mali, Guinée-Conakry en Guinée-Bissau. ’s Avonds verhuizen we naar het “Centrum Unitas” waar we in alle rust kennis maken met de delegaties uit Mali en Guinée-Conakry. Vier spontane en vriendelijke mannen met wie we al gauw het centrum van Koudougou in trekken om de lokale specialiteiten uit te proberen. Wat Koudougou betreft: het is een zeer rustig stadje van ongeveer één hoofdstraat groot en welgeteld vier (recent aangelegde) verkeerslichten. Het is een verademing na de drukte van Ouaga.

De volgende dag maak ik aan het ontbijt kennis met een vrouwelijke deelneemster uit Senegal. We lachen en spreken bijna tegelijkertijd onze opluchting uit over elkaars aanwezigheid en de hoop dat er toch nog een derde vrouw ons gezelschap komt vervoegen. Later blijkt dat de tweede delegatie uit Mali net als onze Belgische delegatie er in geslaagd is om het ‘gender-principe’ te respecteren en bijgevolg zijn we nu met drie vrouwen en ongeveer een twintigtal mannen. We kunnen aan de slag. We beginnen de dag met een officiële openingsceremonie met wel acht openingsspeeches en de aanwezigheid van de vertegenwoordiger van de gouverneur (die het uiteindelijk zelf -na veel vijven en zessen toch niet bleek te halen). Er zijn heel wat aanwezigen en mijn rol als observator wordt al snel opgeheven als blijkt dat ik mag optreden als vertaler van de spreker uit Gambia.

En dan beginnen de echte werken. Ik zou nu in chronologische volgorde de agenda en de besprekingen kunnen weergeven, maar dat zou geen beeld geven van hetgeen dat mij echt is bijgebleven van deze bijeenkomst. Zoals op zoveel vergaderingen worden er verslagen en voorstellen goedgekeurd, rapporten m.b.t. activiteiten en financiën gepresenteerd, nieuwe budgetten en actieplannen voorgesteld,.... Maar hetgeen wat echt telt is dat men hier samen komt als een netwerk of zelfs als een “familie” zoals zo velen het tijdens de vergaderingen benoemd hebben. Met partners uit wel zes verschillende landen vormt SADIO een uniek netwerk: uiteenlopende verenigingen uit het Zuiden slaan de handen in elkaar om samen te vechten voor voedselzekerheid. Uit mijn eigen ervaringen met ontwikkelingswerk besef ik dat dit allesbehalve evident is. Tijdens de koffiepauze bespreek ik met één van de andere deelnemers de problemen die zich regelmatig voordoen tussen organisaties uit het Zuiden: ze zijn vaak verplicht om met elkaar te concurreren voor de budgetten uit het Noorden. Het SADIO-netwerk slaagt er in om dit te overbruggen en om een 13-tal organisaties te verenigen en te motiveren voor dit samenwerkingsverband.

Dit wil niet zeggen dat het allemaal vanzelf gaat en dat er zich geen conflicten voordoen, maar wel dat de motivatie bij éénieder enorm groot is om oplossingen te zoeken en samen als netwerk te evolueren. En i.v.m. die conflicten en spanningen: die waren bij momenten zeer duidelijk aanwezig. Ik verbaas me nog altijd over de openlijke manier waarop die spanningen in de vergaderingen aan bod kwamen. Openlijk werden bepaalde problemen aangehaald, werd er fel gediscussieerd, en werd het ene vurige discours opgevolgd door het andere. Maar na overleg, bezinning en opnieuw overleg kwam er wel altijd een oplossing uit de bus en kon er achteraf gelachen worden met de vurige discussie of volgde er een verontschuldiging voor bepaalde uitspraken in het heetst van de strijd. Als ik deze openheid achteraf bespreek met een deelnemer uit Senegal, benadrukt hij dat dit voor de “geest” van het SADIO-netwerk enorm belangrijk is: “wij willen dat dit allemaal tijdens het overleg aan bod kan komen om te voorkomen dat er tussendoor geroddeld wordt”. Deze openheid zegt veel over het SADIO-netwerk.

En wat nog meer zegt: de aanwezigheid en de participatie van twee nieuwe organisaties die officieel als lid aanvaard zullen worden tijdens deze bijeenkomst, de permanente aanwezigheid van vertegenwoordigers van WaterAid als nieuwe Noordpartner, mijn aanwezigheid en de vertegenwoordiging van Bevrijde Wereld tijdens al deze discussies. Dit laatste maakt duidelijk dat Bevrijde Wereld niet enkel gezien wordt als een “bailleur de fonds” aan wie men alleen de positieve elementen mag tonen. Bevrijde Wereld realiseert iets wat niet evident is in deze context: door haar manier van werken met deze partners slaagt Bevrijde Wereld er in om een gelijkwaardige relatie te creëren tussen zichzelf als Noordpartner en de aanwezigen als Zuidpartners. Of zoals het verwoord werd door één van de aanwezigen die al langer vertrouwd is met BW: “Bevrijde Wereld is geen kleine organisatie, maar een grote organisatie, omdat ze groot is van geest.”

Daarnaast wordt deze gelijkwaardige manier van samenwerken ook mogelijk gemaakt door de capaciteiten, de specifieke kennis en knowhow die aanwezig is bij de organisaties in het Zuiden. Uit de inhoud van de discussies komt dit voor mij duidelijk naar voren: ze weten waar ze mee bezig zijn en meer. Er gaat een enorme energie uit van dit netwerk. Tijdens deze zesdaagse worden er dan ook heel wat ideeën en plannen voor de toekomst geformuleerd die het engagement van de deelnemers duidelijk maken. Voor hen is dit netwerk van kapitaal belang. Het gaat hier om mensen met verschillende achtergronden, persoonlijkheden en ideeën, maar dat weerhoudt hen er niet van om samen sterk te staan in het SADIO-netwerk. Tijdens de discussies is er dan ook ruimte voor éénieder, zelfs voor die minderheid van vrouwen waarover ik het voordien had. Zelf draag ik door mijn vertaalwerk bij tot de participatie van de mensen uit Gambia en dat doet deugd.

De week vliegt voorbij en de gesprekken beperken zich niet tot de formele momenten: er worden enorm veel ideeën uitgewisseld en dit alles creëert een “rijkdom” die moeilijk onder woorden te brengen is. De week wordt afgerond met een korte daguitstap en het vertrek van de meeste delegaties. Nieuwe bijeenkomsten zijn al vastgelegd en bijgevolg houdt het afscheid een nieuwe belofte in. En zo komen we aan het einde van deze missie die mij persoonlijk (als nieuweling in dit alles) enorm veel heeft opgeleverd. De puzzelstukken die ik voordien terug vond in verschillende documenten vielen pas in elkaar door de werkelijke contacten met de mensen achter dit alles. Deze contacten leverden me niet alleen duidelijkheid op, maar ook een gevoel van rijkdom om dit alles en het privilege om hier op één of andere manier deel van uit te mogen maken. Bedankt!

Anneleen

Solidagro DOOR:

Deel dit artikel