Q&A: Broederlijk Delen en Haïti

Waarom werden de medewerkers van Broederlijk Delen gerepatrieerd?
Toen de omvang van de ramp duidelijk werd, heeft Broederlijk Delen in overleg met haar vaste vertegenwoordiger ter plaatse Gerrit Matton beslist om haar medewerkers te verzamelen en tijdelijk te evacueren. In de eerste plaats is Broederlijk Delen niet gespecialiseerd in reddingswerk, noodhulp of medische hulp en is het daarvoor ook niet uitgerust. Haïti heeft op dit moment het meeste behoefte aan noodhulp: water, voedsel, medische verzorging en onderdak. Dit konden onze medewerkers hen niet bieden. In tegendeel, net als de Haïtianen geraakten onze medewerkers in Haïti snel door hun eigen voedsel- en drankvoorraad, als ze die nog hadden. Ook zij werden dus afhankelijk van het voedsel en het water dat hulpverleners uitdeelden. Bovendien waren onze medewerkers ook zelf slachtoffers van de aardbeving. In tegenstelling tot de hulpverleners die na de aardbeving naar Haïti zijn gegaan. Ze waren erg onder de indruk en hadden tijd nodig om dit te verwerken. De beste plaats om dat te doen was bij hun familie hier in Vlaanderen. In de chaos na de ramp was het op sommige plaatsen in Haïti bovendien erg onveilig. We konden de veiligheid van onze medewerkers (en hun gezin) niet garanderen. Daarom beslisten we om vlug te evacueren. Dat gebeurde met pijn in het hart, maar vanuit de wetenschap dat onze medewerkers zo snel als mogelijk zouden terugkeren. Na hun dramatische ervaringen van de voorbije dagen is het voor hen bovendien erg belangrijk om even op adem te kunnen komen bij hun familie. Zodra de situatie het toelaat, keren de medewerkers terug en zullen ze hun taken spoedig weer opnemen.


Hoe was de situatie gedurende de eerste dagen?
De situatie was ronduit dramatisch. In Port-au-Prince lagen overal lijken, alle infrastructuur was verdwenen, er was geen water, geen elektriciteit, onvoldoende voedsel en de communicatie verliep moeizaam. Ganse zones waren tot puin herleid. Ook een strook ten Zuidwesten van Port-au-Prince, langs Gressier en Léogane naar de stad Jacmel, werd grotendeels verwoest.
De hulpverlening kwam aanvankelijk traag op gang. Vanuit de hele wereld waren reddingsteams onderweg, maar het vliegveld van Port-au-Prince was niet uitgerust om zulke toestroom te verwerken. Tientallen toestellen met medicijnen, voedsel en hulpverleners cirkelden uren rond voor ze konden landen. De wegen tussen de luchthaven en de hoofdstad waren bovendien nauwelijks berijdbaar. Daarom richtten sommige teams zich op de luchthaven van Santo Domingo, de hoofdstad van de Dominicaanse Republiek. Maar deze omweg vertraagde aanzienlijk de aankomst van personeel en hulpgoederen. Het duurt immers drie uur met de auto tot aan de grens en dan nog eens twee uur tot Port-au-Prince. Hulpverleners vanuit de Dominicaanse Republiek kwamen als eersten ter plaatse. De slechte verhoudingen tussen beide landen maakten plaats voor een grote solidariteit.
De vaak straatarme bevolking had weinig voorraad, en als die er was, was ze vaak moeilijk bereikbaar. Al snel leden vele Haïtianen honger en dorst. Het dagenlang wachten wekte veel frustratie op. Intussen zochten de mensen zelf ook met de blote hand naar slachtoffers. Er werd stevig gedrumd voor water en voedsel. In de hoofdstad Port-au-Prince werden opslagplaatsen van het VN-voedselprogramma, winkels en vrachtwagens geplunderd. Het werd een kwestie van overleven en de situatie werd hier en daar onveilig, mede doordat een aantal gevangenen bij de aardbeving konden ontsnappen.


Welke soorten hulp zijn belangrijk?
In eerste instantie heeft Haïti op dit ogenblik echte noodhulp nodig: water, voedsel, onderdak, medische verzorging. Noodhulporganisaties zorgen hiervoor. Vervolgens komt er een fase van wederopbouw en steun op langere termijn.
Broederlijk Delen zelf is gespecialiseerd in structurele hulp. Dat is eigenlijk een ander niveau: het is hulp op lange termijn met een blijvend effect, zoals de uitbouw van eigen voedselvoorziening. Wanneer de eerste noden gelenigd zijn, is het belangrijk om ook deze hulp intensief verder te zetten.
Speciaal voor Haïti is nu het consortium Haïti Lavi opgericht. Giften kan je storten op 000-0000012-12. Het bestaat uit twee niveaus: op het eerste niveau bevinden zich de organisaties die aan noodhulp doen. Op het tweede niveau zal het geld vrijmaken voor structurele hulp. 11.11.11, de koepelorganisatie van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging, is lid van Haïti Lavi. Broederlijk Delen is lid van 11.11.11 en zal van het consortium fondsen ontvangen voor het lange termijnwerk in Haïti.


Onderneemt  Broederlijk Delen ook onmiddellijk iets?
Ja. Broederlijk Delen heeft onmiddellijk 100.000 euro vrijgemaakt voor projecten van wederopbouw. Daarnaast willen we 150.000 euro inzamelen bij het grote publiek. Daarvoor kan je storten op 000-0000092-92 met mededeling ‘0330’.
Deze middelen worden steeds besteed in overleg met onze partnerorganisaties ter plaatse. Deze zijn trouwens al druk bezig met het opmaken van een bilan van de schade en van de noden voor het voortzetten van hun lange termijn ontwikkelingswerk in de gemeenschappen.

Hoe lang is Broederlijk Delen al aanwezig in Haïti?
Broederlijk Delen is al sinds 1961 werkzaam in Haïti, dat is ondertussen dus bijna een halve eeuw. In die periode is hard gewerkt aan vorming van gemeenschapsleiders, die nu bewijzen bekwame initiatiefnemers te zijn. Twee van deze mensen zijn spijtig genoeg in de ramp omgekomen.


Wat is de filosofie van Broederlijk Delen in Haïti?
Broederlijk Delen wil met de partnerorganisaties in Haïti een bijdrage leveren op twee belangrijke gebieden, namelijk duurzame landbouwontwikkeling en versterking van de rurale gemeenschappen enerzijds, en mensenrechten, democratisering en participatief burgerschap anderzijds. Bij dit laatste hoort ook de steun aan sociale communicatie en de werking van volksradio’s die instaan voor de informatie en vorming van de mensen in het binnenland waar geen geschreven pers aanwezig is.

In Haïti leeft 56% van de bevolking in extreme armoede. Een groot deel van deze mensen lijdt aan ondervoeding. Daarom ondersteunt Broederlijk Delen lokale boerengroepen en organisaties die deze boerengroepen begeleiden. Ze geven vorming en stellen werkmiddelen en zaaigoed ter beschikking. Zo kunnen de boeren hun oogst verbeteren, hun verkoop verhogen en van hun opbrengst leven.

In Haïti heerst veel rechtsonzekerheid en straffeloosheid. Vooral de gewone mensen zijn daar het slachtoffer van. Daarom is Broederlijk Delen ook partner van organisaties die de mensenrechten verdedigen, vorming geven en de bevolking correct informeren (via publicaties, radioprogramma’s, ateliers, enzovoort) over hun rechten en plichten als burgers.


Wie zijn de partnerorganisaties van Broederlijk Delen in Haïti?
De partnerorganisaties van Broederlijk Delen in Haïti zijn allemaal lokale organisaties die werkzaam zijn rond duurzame landbouwontwikkeling of mensenrechten. Een volledige lijst vind je op de website.

We weten dat door de aardbeving heel wat gebouwen en infrastructuur van onze partnerorganisaties beschadigd of vernietigd zijn. Gelukkig zijn er onder de directe medewerkers voorlopig geen slachtoffers.


Welke noden formuleren onze partnerorganisaties zelf?
De komende dagen zullen we met hen de schade opmeten. Onze partnerorganisaties zullen ons ook laten weten wat ze nodig hebben om met de wederopbouw te kunnen beginnen. Onze medewerker Gerrit Matton zal zo snel mogelijk terug keren om met hen een concreet masterplan op te stellen.

Zo hopen we onze partnerorganisaties zo vlug mogelijk opnieuw operationeel te kunnen maken. Een groot deel onder hen begeleidt de arme boeren bij de verbetering van hun voedselproductie. In de huidige situatie is dat essentieel. Ook op het platteland is er immers niet veel voedseloverschot en vele mensen trekken van de hoofdstad terug naar het binnenland waar ze bij familie of kennissen hopen onderdak en voedsel te vinden. Daarom is steun en versterking van de productie in het binnenland ook nu noodzakelijk.

De structurele heropbouw wordt in elk geval een werk van lange adem. De verzamelde middelen zullen dan ook besteed worden over een tijdspanne van meerdere jaren.


Waarom is Haïti eigenlijk een van de armste landen ter wereld?
Veel armoede heeft internationale (politieke) oorzaken. Door de huidige westerse import van voedseloverschotten bijvoorbeeld hebben de kleine boeren op Haïti het zwaar te verduren. Goedkope ingevoerde rijst verdringt de lokale productie. Ongebreidelde liberalisering doet het land geen goed.

Maar op Haïti weegt ook de geschiedenis zwaar door. Het is immers al heel lang een kaalgeplukt land. Tot 1804 was het een Franse kolonie, een echt wingewest. Voor de productie van het suikerriet werden veel Afrikaanse slaven ingevoerd. Bij de onafhankelijkheid waren deze niet klaar om een volwaardige staat uit te bouwen. Zij kregen aanvankelijk ook geen hulp of erkenning van het bange Westen en vervielen al spoedig zelf in de gehate meester/slaaf structuren. Bovendien eiste Frankrijk van hen een bijzonder hoge schadeloosstelling, die ze hebben afbetaald met de massale uitvoer van hun natuurlijke rijkdommen. Toen is de volledige kaalkap al begonnen. Tot het begin van de twintigste eeuw heerste er grote politieke instabiliteit waarvan de Verenigde Staten op een bepaald moment gebruik maakte om hun invloed in het Caribische gebied te vergroten. Zij hebben het eiland bezet van 1915 tot 1934. Haïti was nadien echter niet beter op zelfbestuur voorbereid. Corruptie en onbekwaamheid staken weer voor vijftig jaar de kop op, denken we maar aan de periode van de Duvaliers van 1957 tot 1986. Veel hoogopgeleide Haïtianen vluchtten naar het buitenland.

Met het aantreden van de eerste democratisch verkozen president Aristide in 1990 kwam er een historisch keerpunt. Ook al slaagde hij er niet in om het land op goede sporen te zetten, er kwam toch meer participatie vanuit de bevolking. Jammer genoeg blijft Haïti met structurele problemen kampen, waarbij de internationale gemeenschap niet steeds vrijuit gaat. Een hoge onterechte schuldenlast, de verplichte liberalisering en het vaak inhouden van beloofde fondsen maakten echte verandering en ontwikkeling onmogelijk.

Deel dit artikel