Q & A: De voortdurende 'oorlog tegen Syrië'

syria warprotesters 500x320
[Foto: ©Steve Rhodes via photopin cc]


De aanval met chemische wapens op 21 augustus in Damascus bracht het Syrische conflict opnieuw op de politieke agenda. Wereldwijd regende het verontwaardigde reacties over deze aanval met niet-conventionele wapens die naar schatting 1400 slachtoffers maakte. Bovendien raakten de Verenigde Staten en Rusland op ramkoers.


Terwijl de VS de schuld bij het regime legde, dat een 'rode lijn' overschreed, bleef Rusland zijn bondgenoot steunen. Het verrassende Russisch-Amerikaanse compromis over de vernietiging van de Syrische chemische wapens, wendde echter een Amerikaanse strafexpeditie tegen het regime af en bezwoer de diplomatieke crisis voorlopig. De vraag is hoe het conflict verder zal evolueren. 




1. Wie voerde de aanval op 21 augustus uit?

Experts wijzen in de richting van het regime. Human Rights Watch stelde het verantwoordelijk gezien het een precieze aanval was met raketten waarover het regime beschikt. Wapenexpert Jean-Pascal Zanders bevestigt dat het onwaarschijnlijk is dat de rebellen achter de aanval zaten.

Op 16 september maakte de VN-onderzoeksmissie haar bevindingen bekend en bevestigde het gebruik van sarin. Ze had niet het mandaat om verantwoordelijkheid vast te leggen maar duidde impliciet het regime aan, met bewijsmateriaal als het type en het traject van de raketten en de kwaliteit van het gifgas. Gevraagd naar de verantwoordelijkheid antwoordde VN Secretaris-Generaal Ban Ki-moon dat anderen over de opvolging moeten beslissen. 'Het gebruik van chemische wapens was een zware misdaad en de verantwoordelijken moeten berecht worden.'


 

2. Wat houdt het raamakkoord over chemische wapens in?

Op 14 september bereikten de VS en Rusland een akkoord over de vernietiging van de Syrische chemische wapens. Het Syrische regime ondertekende de conventie over chemische wapens. Het krijgt tot 21 september de tijd om zijn voorraad bekend te maken. De organisatie voor het verbod op chemische wapens moet het akkoord goedkeuren en opvolgen. In november worden VN-experts het land ingestuurd om dit wapenarsenaal, in Syrië of in een buurland, te vernietigen. Medio 2014 moet dit proces voltooid zijn.

Dit is in vredestijd geen sinecure, laat staan in een conflictgebied dat deels onder controle van het regime staat en deels onder controle van rebellen. Experts wijzen er ook op dat de conventie ontworpen is voor landen die hun arsenaal vrijwillig opgeven. Er zijn dus nog grote vraagtekens. Wat als het regime niet alle wapens en opslagplaatsen aangeeft? Wat als een deel van de wapens in handen van de rebellen valt?

Bij niet-naleving van het akkoord zouden er maatregelen kunnen worden genomen onder hoofdstuk VII van het VN-Handvest (dat ook het gebruik van geweld toelaat). De VS, Frankrijk en Groot-Brittannië dringen erop aan om dit in de resolutie die wordt besproken in de Veiligheidsraad vast te leggen. Het is onwaarschijnlijk dat Rusland verder zou gaan dan beperkte sancties.



3. Zal dit een positieve impact hebben op de vijandelijkheden?

Het Syrische regime voelt zich gesterkt door dit akkoord. Het moet weliswaar zijn aanzienlijke chemische wapenvoorraad opgeven, maar het heeft die in principe niet nodig. Zoals oppositieleden betogen, vielen de meeste dodelijke slachtoffers door conventionele wapens. Vlak na het akkoord versterkte het regime onder meer zijn aanvallen tegen rebellen in Damascus.

Bovendien wordt ervan uitgegaan dat president Assad nu zal aanblijven. Zoals Ban Ki-moon reeds benadrukte, is een doorverwijzing naar het Internationaal Strafhof toch nog mogelijk. De rebellen van het Vrije Syrische Leger verwerpen het akkoord omdat het niet verregaand genoeg is en ze het als een manoeuvre zien om tijd te winnen. Ook mensenrechtenorganisaties wijzen erop dat de focus op chemische wapens te beperkt is.




4. Kan dit akkoord een politieke oplossing dichterbij brengen?

Voor het eerst sinds de start van het conflict kozen de VS en Rusland voluit voor de diplomatie. Niet zozeer uit bezorgdheid voor burgers, maar uit eigenbelang.

President Obama kreeg te weinig steun voor een militaire operatie, zowel in de VS als internationaal en deze uitweg beperkt het gezichtsverlies. Rusland kon zich opwerpen als bemiddelaar, ook al gebruikte het drie maal zijn veto in de Veiligheidsraad om het regime te beschermen en leverde het massaal wapens.
Volgens de VS en Rusland kan het akkoord de weg naar een oplossing effenen. De vredesconferentie van Genève, oorspronkelijk gepland in juli, zou in oktober kunnen plaatsvinden.

Toch is het akkoord hooguit het begin van een oplossing en ruim onvoldoende om te kunnen spreken van een doorbraak. Het heractiveren van de rol van de VN, waarbij Rusland en China niet langer dwars liggen, is hierbij cruciaal.

Ook al leidt het geen twijfel dat het regime geen legitimiteit meer heeft door de grootschalige schendingen van het internationaal recht, toch rept het Russisch-Amerikaanse plan niet over bestraffing van de verantwoordelijken. Een duurzame politieke oplossing is enkel mogelijk als de internationale gemeenschap via de Veiligheidsraad een wapenbestand kan opleggen en als de Veiligheidsraad rekenschap vraagt door verantwoordelijken voor oorlogsmisdaden, van alle strijdende partijen, voor het Internationaal Strafhof te brengen.


syria no war photopin 500x320

[Foto: Steve Rhodes via photopin cc]



5. Betekent dit dat de VS voorgoed afzien van een militaire operatie?

President Obama stelde de stemming in het Congres, gepland op 10 september, uit. In tegenstrijd met de bepalingen van het VN-Handvest, betoogt zijn administratie dat ze het recht heeft om ook zonder een akkoord binnen de VN-Veiligheidsraad militaire actie te ondernemen. Dit omwille van Amerikaanse belangen, zoals het tegengaan van het gebruik van chemische wapens.

Binnen de internationale gemeenschap bestaat er echter een consensus dat het gebruik van geweld enkel legitiem is in geval van zelfverdediging of na een akkoord binnen de VN-Veiligheidsraad. Er zijn juristen die betogen dat een humanitaire operatie, volgens het principe van de 'Responsibility to Protect', ook legitiem kan zijn zonder een akkoord van de Veiligheidsraad, maar hierover bestaat grote terughoudendheid op internationaal vlak.




6. Hoe staan de Syriërs tegenover militaire actie?

De voorstanders van president Assad zijn natuurlijk tegen militaire actie gekant. Ze zien dit als een imperialistische daad van de VS, opgestookt door Israël, om het regime te verzwakken en zijn geopolitieke belangen te verdedigen. Ze menen veelal dat het regime weinig te verwijten valt.

De meningen onder tegenstanders van het regime zijn verdeeld. Veel vluchtelingen in het buitenland menen dat een militaire actie, hoe beperkt ook, het regime zou kunnen verzwakken, terwijl het nu straffeloosheid geniet. Toch aarzelen veel activisten over de wenselijkheid van militaire actie en pleiten ze voor grotere humanitaire inspanningen.

Veel Syriërs zijn ook verbolgen over de argumentatie van de VS. Ze begrijpen niet waarom 100.000 doden door conventionele wapens geen reden tot ingrijpen is en het gebruik van gifgas wel. 'Is het geoorloofd om burgers te doden via scuds, straaljagers en granaten?' Een andere reactie is cynisme: 'We worden elke dag met de dood geconfronteerd. Die Amerikaanse bommen kunnen we er nog wel bij hebben.'




7. Waarom legt de Syrische oppositie niet meer gewicht in de schaal?

De Syrische oppositie is erg verdeeld. De officiële politieke oppositie, verenigd in de Syrische Nationale Coalitie, geniet weinig steun in het land.

De gewapende oppositie raakt ook steeds verder verdeeld. Het Vrije Syrische Leger, officieel onder leiding van Salim Idris, bestaat de facto uit verschillende fracties die geen centrale gezagsstructuur hebben. Al worden er stappen vooruit ondernomen om die structuur uit te bouwen, op het terrein is de chaos groot.

Rebellen maken zich ook steeds vaker schuldig aan schendingen van het internationaal recht. Een recent VN-rapport documenteert oorlogsmisdaden van zowel het regime als de gewapende oppositie.

Bovendien winnen extremistische groepen aan invloed. Het Nusra Front en the Islamic State in Iraq and al-Sham, gelieerd aan al Qaeda, zijn de meeste extreme groepen en hebben vooral invloed in het noorden.

Experts zoals Charles List menen dat er onder de honderden verschillende groepen heel wat zijn die Syrië willen transformeren in een streng islamitische staat. Hij wijst erop dat de groeiende invloed van extremisten Westerse landen afschrikt om wapens aan de oppositie te leveren. Maar veel Syrische oppositieleden wijten de radicalisering aan de afzijdigheid van Westerse landen en beschouwen haar als een gevolg van de gebrekkige steun aan de oppositie.


Brigitte Herremans, medewerker Midden-Oosten Broederlijk Delen-Pax Christi


Infofiche Syrië in september 2013
  • Aantal vluchtelingen: 2 miljoen
  • Aantal intern verplaatste personen: bijna 5 miljoen
  • Nodige hulp (Syria Humanitarian Assistance & Response Plan en Regional Refugee Plan): 3,28 miljard  Euro
  • Verkregen fondsen voor humanitaire hulp: 1,45 miljard gekregen (44% van wat nodig is)



Bronnen:

  • Q&A: Syrian chemical weapons, BBC website, 14 september 2013
  • Attacks on Ghouta, rapport Human Rights Watch, 10 september 2013
  • Wat vinden Syriërs eigenlijk van interventie?, Marjolein Wijninckx, gastblog Nasama, 31 augustus 2013
  • OCHA Syria Crisis page 
  • OCHA Syria Humanitarian Response page 

Broederlijk Delen DOOR:

Deel dit artikel