Q&A: situatie in het Syrische Idlib

Er komen nog steeds tienduizenden burgers op straat bij massademonstraties tegen Hayat Tahrir al Sham en het Assadregime

Op vrijdag 14 september 2018 vindt in Istanbul een Syrië-top plaats tussen Rusland, Turkije, Duitsland en Frankrijk. Leiders van deze vier landen zullen het er onder meer hebben over de militaire escalatie in Idlib, een provincie in Noordwest-Syrië waar een nieuw bloedbad dreigt voor drie miljoen Syriërs.

1. Hoe ziet de situatie in Idlib eruit?

Sinds begin augustus 2018 werden in Idlib tientallen burgers gedood bij luchtaanvallen door Rusland en het Syrische leger. Na een pauze van drie weken werden deze aanvallen op 4 september 2018 hervat. Minstens vier ziekenhuizen en andere civiele infrastructuur werden sinds begin september aangevallen. Amnesty International documenteerde minstens 13 Syrische aanvallen met clustermunitie en vatenbommen tussen 7 en 10 september 2018.

Idlib is de laatste van de vier "de-escalatiezones" die in mei en september 2017 in Astana (Kazakstan) werden afgesproken tussen Rusland, Turkije en Iran. Turkije stelde zich sindsdien, onder dit "Astana-proces", verantwoordelijk voor de uitvoering van de de-escalatiezone in Idlib. Het installeerde tussen oktober 2017 en mei 2018 twaalf militaire observatieposten doorheen de provincie, die bemand worden door meer dan 1.000 Turkse soldaten.

Idlib is ook het voornaamste bolwerk van Hayat Tahrir al Sham (HTS), een aan Al Qaida gelieerde terreurgroep. Volgens de VN bevinden er zich naar schatting 10.000 HTS-strijders in Idlib. Ze zijn er de sterkste militaire actor en controleren ongeveer zestig procent van de provincie. Zowel de VN als Amnesty International beschuldigen HTS en andere rebellen van oorlogsmisdaden. Rusland maakt zich ook grote zorgen over drone-aanvallen, uitgevoerd door HTS, tegen zijn militaire basis in Hmeimim.

Op 30 augustus 2018 stelde de Syrische buitenlandminister Muallem dat het Syrische leger 'all the way' zal gaan om heel Idlib 'te bevrijden van terrorisme'. De VN stelt echter duidelijk dat de aanwezigheid van HTS-terroristen geen excuus kan zijn voor een nietsontziend offensief. 'In Idlib zijn er meer baby's dan terroristen', aldus de speciale VN-adviseur voor humanitaire zaken in Syrië Jan Egeland.

Turkije focuste de afgelopen maanden dan weer op de vorming en training van een eengemaakt "Nationaal Bevrijdingsfront" van Islamitische strijders, die op termijn HTS uit Idlib zouden moeten verdrijven en een aanval van het Assadregime moeten afslaan. Volgens Turkse media liet het Turkse leger de afgelopen weken extra militair materiaal aanrukken en ontplooide het 20.000 pro-Turkse Syrische strijders in Idlib.

Turkije probeert daarnaast een wig te drijven tussen verschillende facties binnen HTS. Het wil een deel van de HTS-strijders overtuigen de wapens neer te leggen, om zo de terreurgroep van binnenuit te verzwakken. Op 31 augustus plaatste Turkije HTS ook op zijn lijst van terreurorganisaties.

Om de situatie nog complexer te maken, hebben HTS en het door Turkije gevormde "Bevrijdingsfront" wel aangekondigd te zullen samenwerken in geval van een Syrische-Russische aanval op Idlib.

2. Hoe reageren burgers en burgerorganisaties in Idlib?

Ondanks alle geweld blijven talloze burgerorganisaties en activisten actief in Idlib en komen nog steeds tienduizenden burgers op straat bij massademonstraties tegen HTS en het Assadregime.

Volgens lokale bronnen werd er op 31 augustus 2018 in minstens 121 steden en dorpen gedemonstreerd, onder het motto "verzet is onze keuze". Dit was geen unicum: het afgelopen jaar vonden op verschillende plaatsen in Idlib demonstraties, stakingen en andere vormen van burgerlijk verzet plaats tegen elke vorm van extremisme.

Burgerorganisaties blijven ondertussen ook, in extreem moeilijke omstandigheden, hun werk verderzetten. Onder hen ook organisaties die deel uitmaken van SHAML, het Syrische NGO-netwerk waarmee 11.11.11 actief samenwerkt en ondersteunt. Zo beheert Women Now for Development nog steeds een netwerk van vrouwencentra in Idlib. Andere organisaties houden zich onder meer bezig met humanitaire projecten en publieke sensibiliseringscampagnes.

3. Wat staat er op het spel?

Een grootschalig militair offensief in Idlib zou kunnen leiden tot een humanitair bloedbad zonder weerga en zou een nieuwe vluchtelingengolf richting Turkije en Europa op gang kunnen trekken.

Er leven in totaal drie miljoen burgers in de provincie, waaronder één miljoen kinderen. De Verenigde Naties waarschuwen daarom dat een militaire aanval zou leiden tot een humanitaire ramp 'van een nog niet eerder geziene schaal' in de Syrische oorlog. Hooggeplaatste VN-medewerkers stellen dat een aanval op Idlib 'wreder kan zijn dan elk eerder gevecht in de meest wrede oorlog van onze generatie'.

Volgens VN-schattingen zouden minstens 800.000 burgers op de vlucht moeten slaan als gevolg van een militair offensief. Dit zou een enorme impact hebben op Turkije, dat nu al 3,5 miljoen Syrische vluchtelingen huisvest. In de eerste week van september 2018 alleen sloegen volgens de VN al bijna 40.000 personen op de vlucht.

Onder de drie miljoen inwoners van Idlib bevinden zich ook 1,4 miljoen Syriërs die eerder al ontheemd werden bij militaire offensieven in andere provincies. Idlib vormde de afgelopen jaren immers vaak het sluitstuk van de "surrender or die" belegeringstrategie van het Syrische regime, waarbij honderdduizenden Syriërs (gedwongen) verplaatst werden uit onder meer Aleppo, Ghouta, Deraa en Daraya. Idlib wordt niet toevallig door de VN omschreven als een 'dumping ground'.

4. Hoe moet het nu verder?

Voor Turkije en Europa staan er vitale belangen op het spel. De Turkse en Europese diplomatie draait dan ook op volle toeren. De mogelijke contouren van een akkoord lijken ook duidelijk: een nieuw staakt-het-vuren (inclusief de mogelijke ontplooiing van waarnemers), volledige toegang voor humanitaire organisaties, een einde aan drone-aanvallen op de Russische basis in Hmeimim en gedeelde controle over de strategisch belangrijke M5-snelweg.

Tijdens een speciale Top in Iran (7 september 2018) slaagden Rusland, Iran en Turkije er echter niet in om tot een akkoord te komen over een staakt-het-vuren. Europese landen, Frankrijk en Duitsland voorop, moeten dan ook alles uit de kast halen om de situatie in Idlib te de-escaleren.

Europese landen moeten, samen met Turkije, maximale druk uitoefenen op Rusland en Iran en duidelijk maken dat een bloedbad in Idlib ernstige gevolgen zal hebben voor de toekomstige bilaterale relaties met Europa. Rusland, dat de afgelopen weken actief internationale steun zocht voor zijn voorstellen betreffende heropbouw en de terugkeer van vluchtelingen, heeft Europa immers nodig voor zijn politieke project in Syrië. De Russische President Poetin heeft Turkije eveneens nodig om het "Astana-proces" in leven te houden.

Tegelijk moet Europa aan Turkije duidelijk maken dat het onaanvaardbaar is dat Turkse grenswachters op Syrische vluchtelingen schieten. Syrische vluchtelingen die het geweld in Idlib ontvluchten hebben recht op opvang in Turkije. Europese landen kunnen hiervoor ook extra humanitaire middelen ter beschikking stellen.

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels