Recht op voedsel moet altijd primeren op landinvesteringen


Brussel, Rome, 18 oktober 2011 - Gisteren startte in Rome de 37ste sessie van het VN-Comité voor Voedselzekerheid (CFS). Op de agenda staan de onstabiele voedselprijzen, gender, voedselzekerheid en voeding, en investering in de landbouw. Het was de bedoeling om tijdens de openingssessie nieuwe vrijwillige maatregelen goed te keuren inzake landeigendom maar de onderhandelaars slaagden er niet in om de gesprekken af te ronden.

CIDSE, de internationale koepel van katholieke ontwikkelingsorganisaties, is tevreden met de inspanningen die tot dusver geleverd zijn maar roept de beleidsmakers tegelijk op om de onderhandelingen zo snel mogelijk af te werken zodat de maatregelen kunnen uitgevoerd worden. De 'Voluntary Guidelines on the Responsible Governance of Tenure of Land, Fisheries and Forests' hebben als doel de landeigendom van kleinschalige voedselproducenten te vrijwaren. Dit is dringend nodig om hen te beschermen tegen land grabbing, een praktijk die de jongste jaren fors is toegenomen.

Jo Dalemans, beleidsmedewerker Rurale Ontwikkeling van Broederlijk Delen, legt uit: 'De onderhandelingen over de vrijwillige richtlijnen zijn belangrijk in de strijd tegen honger omdat het instabiele landbezit van lokale gemeenschappen één van de structurele oorzaken is van voedselonzekerheid. De beleidsmakers moeten proberen de onderhandelingen zo snel mogelijk af te ronden om de landrechten van de kleine boeren te beschermen.'

CIDSE en andere spelers van de civiele maatschappij die deelnamen aan de onderhandelingen in Rome benadrukken niettemin de positieve stappen die al gezet zijn. De tekst van de vrijwillige maatregelen is voor bijna drie vierde goedgekeurd, waaronder kritische punten zoals de erkenning en bescherming van het gewoonterecht inzake landbezit, bosbehoud en visserij, en de bescherming van mensenrechtenverdedigers tegen criminalisering. Verschillende controversiële vragen o.a. met betrekking tot investering in de landbouw blijven echter onbeantwoord.

Lieve Herijgers, directeur van Broederlijk Delen, beklemtoont: 'Het land hoort toe aan wie het bewerkt. De erkenning van het recht van kleine boeren en lokale gemeenschappen om hun eigen land te bewerken is een belangrijke stap naar voedselzekerheid. Hun recht op voedsel moet immers altijd primeren op landinvesteringen.' 

Het probleem van landbeheer wordt steeds nijpender. Sinds 2001 werden in ontwikkelingslanden maar liefst 227 miljoen hectaren grond (ongeveer gelijk aan de oppervlakte van West-Europa) verkocht of verhuurd. De meeste van deze transacties situeren zich de voorbije 2 jaar, en het leeuwendeel vond in Afrika plaats.

De toename in land grabbing is gelinkt aan de voedselprijzencrisis van 2007 en 2008. Hierdoor kregen investeerders en overheden plots interesse in landbouw omdat ze zich bewust werden van het winstpotentieel. De vraag naar voedsel en hout, opslag van koolstof en de zoektocht naar grondstoffen vormen samen met de richtlijnen over biobrandstoffen in de ontwikkelde landen de hoofdoorzaken van land grabbing. De investeerders zijn nationale elites, buitenlandse bedrijven en internationale overheden, zoals de olierijke staten en China die de voedselzekerheid van hun eigen bevolking willen veilig stellen.

Voor meer info
Jo Dalemans, beleidsmedewerker Rurale Ontwikkeling, Broederlijk Delen – gsm: 0486.66.75.10
Karel Ceule, persverantwoordelijke, Broederlijk Delen – gsm: 0476.33.02.21

Noot aan de redactie
CIDSE is een internationale koepel van katholieke ontwikkelingsorganisaties die samenwerken voor een wereld van gerechtigheid en zonder armoede. Broederlijk Delen is hier actief lid van. www.cidse.org
The Voluntary Guidelines for the Responsible Governance of Tenure of Land, Fisheries, and Forests
CIDSE Advocacy Newsletter 'Just Food' special, oktober 2011

Broederlijk Delen DOOR:

Deel dit artikel