Strenge nationale wapenwet na amper twee jaar tijd opnieuw ondergraven!

Ter gelegenheid van de 2de verjaardag van de federale wapenwet, ook gekend als de Wet Onkelinx (8juni), hebben CD&V, CDH, PS, Open VLD en MR gezamenlijk besloten dat de controle op lichte wapens in België helemaal niet zo streng hoeft te zijn.


De goedkeuring van de wet Onkelinckx kwam er nochtans vanuit een terechte bezorgdheid voor de volksgezondheid en de veiligheid in de samenleving na de dodelijke raid van Hans Van Themssche in Antwerpen (11 mei 2006). Blijkbaar leeft in de gedachten van de beleidsmakers het idee dat incidenten met lichte wapens niet echt een probleem vormen in een 'geciviliseerd' land als België en verkiezen ze tegemoet te komen aan de kleinere grieven van de wapenlobby.

Schrik niet, maar op de lijst met het grootste aantal wapendoden in ontwikkelde landen van de World Health Organisation uit 2000-2004, staat België nochtans op een zeer onfraaie 5de plaats.
De evidente nummer 1 in deze lijst is de Verenigde Staten, maar qua Europese landen gaan alleen Zwitserland, Frankrijk en Finland, België vooraf. Dit wil zeggen dat er in dit land meer doden vallen ten gevolge van kleine en lichte wapens dan in pakweg Italië, dat nog altijd fel geassocieerd wordt met de maffia, of Australië, waar men tot voor kort een zeer sterke traditie van wapendracht kende. Om de vergelijking nog opmerkelijker te maken, buurland Nederland bengelt helemaal onderaan deze lijst. Zijn de Belgen dan veel gewelddadiger van aard? Uiteraard niet. Er worden hier in vergelijking met Italië bijvoorbeeld veel minder moorden gepleegd met kleine en lichte wapens. Hoe valt dan te verklaren dat er in totaal toch veel meer wapendoden zijn in België? Het antwoord is simpel: hoe meer wapens er ongecontroleerd in omloop zijn, hoe meer incidenten en accidenten er kunnen gebeuren.
Het zijn vooral de accidenten die het verschil maken. In 2001 verklaarde de woordvoerder van de toenmalige minister van Justitie Marc Verwilghen -naar aanleiding van een tragisch incident waarbij een Kalmthoutse schepen per ongeluk een jongetje van zes jaar doodschoot- dat 70% van het wapengebruik met dodelijke afloop in België, het gevolg is van een ongeluk. Met deze kennis op zak lijkt het als beleidsmaker een logische keuze om er voor te zorgen dat er veel minder wapens in de samenleving aanwezig zijn en dat degenen die wel in omloop zijn aan een strenge controle onderworpen worden. De wet Onkelinckx had precies deze zaken voor ogen.

Kroniek van een aangekondigde dood

De moorden in Antwerpen vereisten een snelle goedkeuring van de wet Onkelinckx als een soort politiek signaal naar de publieke opinie toe. Maar onmiddellijk na de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2006 kwamen er vanuit verschillende hoeken al voorstellen om de wet opnieuw te veranderen. In de haast van de goedkeuring waren sommige technische aspecten niet goed uitgewerkt, dus een aantal aanpassingsvoorstellen waren noodzakelijk, maar de meeste voorstellen tot wetswijziging stuurden onverbloemd aan op een versoepeling van de nagelnieuwe wapenwet.
De PS, die verkondigde dat het de verkiezingen verloren had omwille van die wet, nam hierin het voortouw, maar ook politici van de andere partijen, zowel langs Vlaamse als Waalse zijde, werden uitgebreid bewerkt door allerlei drukkingsgroepen, zoals jagersverenigingen, sportverenigingen enzovoort. Sommige van deze groepen waren er zo zeker van dat de versoepeling er ook daadwerkelijk zou komen, dat ze hun leden zelfs openlijk opriepen om zich nog niet te voegen naar de nieuwe regelgeving. Er zou immers wel voor gezorgd worden dat de criteria afgezwakt werden en de wapens uiteindelijk niet ingeleverd hoefden te worden.
Deze mensen werden op hun wenken bediend want afgelopen najaar werd de amnestieperiode wettelijk uitgebreid. Dit maakte het mogelijk om nog even af te wachten en wapens voorlopig zonder enige vergunning bij te houden. Een praktijk die op zich niet echt eerlijk is tegenover alle burgers die zich onmiddellijk geplooid hadden naar de criteria van de nieuwe wet.

Volgens de vredesbeweging steunt elke degelijke wapenwet op het principe dat alle kleine en lichte wapens verboden zijn, tenzij je een goede reden hebt om er wel één te dragen. Dat kan een beroep of een hobby zijn, maar de concrete criteria moeten dan duidelijk door de beleidsmakers worden vastgelegd.
Verder moet in een goede wapenwet een degelijk registratie- en controlemechanisme vervat zitten, om een zo accuraat mogelijk beeld te hebben van de wapens die wel in omloop zijn.
Dit hele idee steunt dus op een vergunningsplicht. De wet Onkelinckx voorzag in een vergunning die elke vijf jaar vernieuwd moest worden, maar de termijn van deze hernieuwing is van in het begin een hevig punt van discussie geweest in de commissie die de voorstellen tot wetswijziging behandelde. Als het aan de vredesbeweging lag mocht die termijn nog verkort worden, maar of het nu om de drie jaar, om de vijf jaar of om de tien jaar is, het gaat erom dat de eigenaar van een geregistreerd wapen op geregelde tijdstippen moet kunnen aantonen dat hij het wapen nog steeds in bezit heeft en dat hij nog altijd aan de wettelijke criteria voldoet om het bij te houden.
Het spreekt vanzelf dat de hele registratie- en vergunningsplicht een maat voor niets is als de vergunningen eenmalig uitgereikt worden en daarna nooit meer gecontroleerd. Het kan zijn dat de eigenaars na verloop van tijd niet meer aan de criteria voldoen (gestopt met de hobby, mentale problemen,...) of ze kunnen hun volledig legaal verkregen wapens totaal ongestoord doorverkopen aan gelijk wie. Vergeet niet dat alle wapens aangeboden op de illegale wapenmarkt ooit perfect legaal geproduceerde en aangekochte exemplaren waren. Een vergunning voor het leven of voor onbepaalde duur ondergraaft dus eigenlijk alles wat men in de eerste plaats met de vergunningsplicht wil bereiken.
Tot onze grote verbijstering is het nu net op dit punt dat de tegenstanders van een strenge wapenwet hun slag hebben thuis gehaald. België reikt vanaf nu vergunningen van onbepaalde duur uit!

Een andere verontrustende wijziging is dat mensen die een wapen erven, ex-sportschutters en ex-jagers vanaf nu ook hun wapens gewoon thuis mogen bewaren op voorwaarde dat er geen munitie in huis is. 'Passief wapenbezit' heet dat. Maar het is zo gemakkelijk om aan munitie te geraken (dit is immers niet onderhevig aan registratieplicht), dat zo'n passief wapen van de ene moment op de andere in een dodelijk tuig kan veranderen.
Voor mensen die emotioneel gehecht zijn aan een wapen dat ze geërfd hebben of verzamelaars, zijn er zeker andere praktische oplossingen aan te reiken. Zo kan het wapen echt 'passief' of permanent onbruikbaar gemaakt worden door een kleine technische ingreep (de loop kan bvb. opgevuld worden met lood,...). Het gaat er ons dus niet om de mensen hun pleziertjes af te pakken Onder weliswaar bepaalde voorwaarden konden verzamelaars, sportschutters en jagers hun bezigheden gerust verderzetten onder de wet Onkelinckx. Toch kozen de hogergenoemde partijen ervoor de stemmen van deze actieve drukkingsgroepen veilig te stellen voor de volgende verkiezingen, ten koste van de veiligheid van de meerderheid van de bevolking.
Maar vergis u niet. De meerderheid van de bevolking is niet gediend met de versoepelingen die zijn doorgevoerd in de federale wapenwet en ze moeten in dezelfde verkiezingen eveneens een stem uitbrengen.

Vrede vzw, Pax Christi Vlaanderen, Vredesactie
Vrede DOOR:

Deel dit artikel