We duwen de verlichtingswaarden de zee in

Demonteerbare gebouwen in het vluchtelingenkamp op Nauru

Het stuit 11.11.11-directeur Bogdan Vanden Berghe tegen de borst dat steeds meer Europese politici de harde vluchtelingenaanpak in Australië als voorbeeld nemen.

Voor wie de woorden 'Australisch model' exotisch in de oren klinken, dit is de realiteit op het terrein: 1.350 mensen, onder wie veel kinderen, zitten al jaren vast in gruwelijke omstandigheden op de eilanden Nauru en Papoea-Nieuw-Guinea (zie DS 29 september). Families worden gescheiden. Kinderen tussen zeven en twaalf jaar ondernamen de voorbije jaren zelfmoordpogingen door zichzelf in brand te steken, scheermesjes in te slikken, zich op te hangen en niet meer te eten. Verkrachting en seksueel geweld, ook door de bewakers, komen veel voor.

In juni pleegde een Iraanse asielzoeker in Nauru zelfmoord nadat zijn herhaalde vragen om psychische hulp onbeantwoord waren gebleven. In augustus nog stak een meisje van twaalf zichzelf in brand. Bijna vijftig aanvragen voor medische verzorging op het vasteland worden actief geblokkeerd door de Australische overheid.

Dit is de gruwel die door de bepleiters van dit model in Europa wordt verheerlijkt. Als ze de feiten al niet ontkennen, omschrijven ze bovenstaande situaties als 'korte pijn'. Een opzienbarende manier om de humanitaire kost te bagatelliseren.

Negen jaar doorbijten

Even terugspoelen, hoe kwamen die mensen op Nauru terecht? De basis voor het Australisch model ontstond in 2001. MV Tampa, een Noors vrachtschip, redde 438 mensen voor de Australische kust. Toenmalig premier John Howard besloot het schip niet toe te laten in Australië. In minder dan drie maanden werd een detentiecentrum opgericht op de eilandstaat Nauru en kwam er wetgeving om 'pushbacks' mogelijk te maken. Alle asielzoekers worden er meteen naar 'offshore processing centres' gebracht op de eilanden Nauru, Manus (in Papoea-Nieuw-Guinea) en Christmas Island gebracht.

Sinds 2013 schrapt Australië elke kans op asiel vanuit deze centra. Met andere woorden: ook mensen die effectief recht hebben op asiel onder het internationaal recht, komen het land nooit meer in. Daarnaast wordt het leger ingezet om vluchtelingenboten terug te drijven tot buiten de territoriale wateren. Allemaal in naam van het te vermijden aanzuigeffect.

Illustratief is het verhaal van Said Imasi uit de Westelijke Sahara, vandaag verblijvend op Christmas Island. Imasi wordt al negen jaar vastgehouden en doorliep zowat de hele keten van Australische detentiecentra. Negen jaar: is dit wat we verstaan onder 'even doorbijten'? De werkgroep detentie van de VN noemt zijn vasthouding illegaal en vraagt zijn onmiddellijke vrijlating. De zaak ligt op dit moment bij het Hooggerechtshof. Geen wonder dat dit beleid de Australische overheid op talloze veroordelingen van de Verenigde Naties kwam te staan.

Tussen 2013 en 2016 kostte het 'Australische model' meer dan 7 miljard dollar, per asielzoeker meer dan 300.000 dollar per jaar

Tot voor kort werd deze Australische schande alleen door extreemrechtse lieden bewierookt. Geert Wilders en Vlaams Belang, die het model al lang promoten, krijgen vandaag gezelschap van mainstream politici. Ze hebben het in hun hoofd gehaald dat je deze opeenstapeling van mensenrechtenschendingen naar Europa kunt kopiëren.

Alleen al wettelijk lukt dat niet. De aanpak zou botsen met het Europees en internationaal recht, zo bevestigde de Europese Commissie deze zomer nog.

Daarnaast bestaan er ook heel wat praktische bezwaren. De buitengrenzen van de EU spreiden zich over acht landsgrenzen en over de Middellandse Zee, die op sommige plaatsen maar enkele kilometers verwijderd ligt van derde landen. Dan is er de omvang van het aantal vluchtelingen. Het hoogste aantal aankomsten ooit in Australië werd opgetekend in 2013: 20.587. Onvergelijkbaar met Europa, dat in 2015 een vluchtelingenstroom van meer dan een miljoen verwerkte. Van januari tot september dit jaar meer dan 100.000.

Voor wie vooral de centen telt, geef ik ook graag een economisch argument mee. Tussen 2013 en 2016 kostte het systeem de Australische overheid 7 miljard dollar. De kostprijs per individuele asielzoeker wordt geschat op ruim 300.000 dollar per jaar. Uitgerekend voor Europa zou dat dit jaar al neerkomen op 30 miljard dollar. Dat geld zouden we ook kunnen besteden aan, ik zeg maar iets, echte toekomstperspectieven voor de regio's van afkomst.

Het grootste bezwaar is dat een overname van het Australische model een ferme versnelling geeft aan de race to the bottom die aan de gang is rond de opvang van vluchtelingen. Op korte termijn resulteert die misschien in minder bootvluchtelingen, maar het Europese voorbeeld zal – mogelijk nog minder humaan – vlot opgepikt worden door landen in Noord Afrika en de landen ten zuiden daarvan. Nu al zien we gewelddadige massadeportaties van vluchtelingen en andere migranten uit landen als Algerije, politiegeweld in Marokko en harde repressie in landen als Niger, met meer doden in de woestijn tot gevolg. Vluchtelingen zullen steeds meer voor een gesloten deur komen te staan.

Niet terugkeren naar 1939

Ik zou willen zeggen dat zo'n geslotendeurenbeleid ondenkbaar is in Europa, maar dat is het juist niet. Lang voor de MV Tampa in Australië was er hier de St. Louis. Op 13 mei 1939 vertrok die boot met 937 vluchtelingen vanuit Hamburg. Aan boord vooral joodse vluchtelingen op de vlucht voor het Duitse nazisme. Overal ter wereld werden ze teruggeduwd. Na meer dan een maand rondvaren keerde het schip gedwongen terug naar Europa. Naar Antwerpen. 254 passagiers kwamen later om in de Holocaust.

Onder andere dit drama leidde tot de oprichting van het VN-Vluchtelingenverdrag in 1951. De hoeksteen van dat verdrag is de bescherming tegen refoulement. Landen sturen geen mensen terug naar plaatsen waar hun veiligheid in het gedrang is. Het Australische model legt een bom onder dit principe. Hoe dit te rijmen met de waarden van de verlichting is mij een raadsel.

11.11.11 DOOR:

Deze opinie verscheen in De Standaard op 1 oktober 2018. 


Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels