Wereldleiders liggen niet wakker van honger

PERSBERICHT

De Wereldvoedseltop slaagt er niet in een antwoord te bieden op het groter wordende hongerprobleem. De meer dan 60 staats- en regeringsleiders die van maandag 16 tot woensdag 18 november in Rome overleggen, komen niet verder dan een reeks vage verklaringen.

Meer dan één miljard mensen worden dagelijks met honger geconfronteerd. Elke zes seconden sterft een kind aan ondervoeding. Daarom organiseert de FAO, de landbouw- en voedselorganisatie van de Verenigde Naties, een wereldtop voor voedselzekerheid in Rome. Sinds het uitbreken van de voedselcrisis in 2007 beloven wereldleiders iets te doen aan het hongerprobleem, maar daar is nog niet veel van in huis gekomen.

Ondertussen leeft al één op zes mensen in chronische honger. Een enorm gevaar voor de wereldvrede en de veiligheid, vindt de FAO. De machtige landen zijn niet overtuigd: Italiaans premier Silvio Berlusconi is de enige regeringsleider van de G8 die de top bijwoont.

Toch is dringende actie tegen honger meer dan ooit nodig. Voor Broederlijk Delen betekent dit het aan banden leggen van speculatie op grondstoffen en landbouwgrond, en vooral investeren in duurzame, familiale landbouw. Directeur Pol De Greve: ‘Twee derde van de armen wereldwijd leven op het platteland. Investeren in duurzame familiale landbouw geeft deze mensen rechtstreeks een inkomen en is de meest efficiënte manier om armoede, en dus ook honger, te bestrijden.’

Investeren in kleinschalige landbouw wordt tijdens de top wel naar voren geschoven als een van de oplossingen, maar concrete voorstellen over hoe dit het beste zou gebeuren blijven achterwege, net als concrete financiële toezeggingen. Daarnaast geloven de rijke landen nog steeds in grootschalige voedselproductie om het hongerprobleem op te lossen: ze willen meer kunstmest, meer pesticiden en minder handelsbelemmeringen.

‘Investeren in grootschalige voedselproductie is niet duurzaam. Dat komt vooral ten goede aan de grote, industriële landbouwers en aan de landbouw- en voedingsindustrie’, zegt Pol De Greve. ‘Zwakkere producenten vallen uit de boot, waardoor de kloof tussen arm en rijk groter wordt en je het hongerprobleem eigenlijk erger maakt.’

Blijven inzetten op industriële landbouw is geen optie, luidt het ook in wetenschappelijke kringen. Honger is geen productieprobleem, maar een probleem van armoede, vooral op het platteland. Een radicaal andere aanpak is nodig om honger uit de wereld te helpen. En daarbij is kleinschalige, ecologische landbouw de enige duurzame optie voor de toekomst.

Daarom ondersteunt Broederlijk Delen rurale gemeenschappen in hun strijd tegen de armoede. Vanuit hun eigen sterkte en mogelijkheden ontwikkelen en voeren ze hun eigen plannen uit. Die plannen worden vaak gedwarsboomd of bemoeilijkt door structuren van onrecht waarop organisaties in het Zuiden niet altijd vat hebben. En dus investeert Broederlijk Delen ook in politiek werk.

Voor meer informatie:
Pol De Greve, directeur van Broederlijk Delen, gsm 0498/25 27 15
Wim Schalenbourg, stafmedewerker Dienst Partnerwerking, Broederlijk Delen, gsm 0486/72 58 87
Karel Ceule, persverantwoordelijke Broederlijk Delen, gsm 0476/330 221

Deel dit artikel