Willen we als Belgen werkelijk blijven rijden op voedsel tot 2030?

Ontbossing voor palmolie in Indonesië

11.11.11, Bond Beter Leefmilieu, FIAN Belgium, Oxfam-wereldwinkels en Oxfam-solidariteit vinden dat het vandaag aan België is 'om zijn verantwoordelijkheid te nemen en vanaf 2020 geen gebruik meer te maken van de "eerste generatie" biobrandstoffen'.

De Europese Commissie, het Europees Parlement en de Europese Raad kwamen vorige week (14 juni) tot een beslissing over de aanpassing van de regels rond biobrandstoffen. Ondanks lichte vooruitgang, blijft het mogelijk om tot 2030 te rijden op voedselgewassen.

Willen we als Belgen werkelijk blijven rijden op voedsel tot 2030?

Dat is slecht voor het klimaat, de bossen, de biodiversiteit en de voedselzekerheid. Momenteel worden jaarlijks in België 400.000 ton plantaardige oliën en 600.000 ton bieten en granen in onze tank gedaan. Het is nu aan België om zijn verantwoordelijkheid te nemen en vanaf 2020 geen gebruik meer te maken van deze 'eerste generatie' biobrandstoffen.

Volgens de beslissing wordt het gebruik van biobrandstoffen op basis van voedselgewassen afgebouwd vanaf 2023. Maar het kan nog wel tot 2030 (voor maximum 7%). Die beslissing is veel minder ambitieus dan wat het Europees Parlement vroeg. Europa laat met deze beslissing ruimte aan de lidstaten om al dan niet palmolie en andere voedselgewassen in de tank te doen.

 

Valse oplossing

Wat ooit de heilige graal leek, is ondertussen lang achterhaald. Biobrandstoffen op basis van voedselgewassen zijn allesbehalve effectief in het bestrijden van de klimaatverandering. Een studie van de Europese Commissie zelf bevestigt dat 'biodiesel' op basis van plantaardige oliën afkomstig van palmolie, soja of koolzaad tot driemaal meer broeikasgassen uitstoten wanneer je indirecte effecten zoals ontbossing voor landbouwgronden meerekent. Het is dus een valse oplossing die enkel werkt op papier. Ondertussen wordt bijna de helft van de jaarlijks 6,5 miljoen ton geïmporteerde palmolie in de Europese Unie (EU) gebruikt als brandstof.

De massale productie die daarvoor nodig is, zorgt ook voor andere problemen zoals grootschalige schendingen van arbeidsrechten op plantages, ontbossing, landroof en een verlies van biodiversiteit, om er maar enkele te noemen. Dag in, dag uit zijn onze partners op het terrein in de weer om deze problemen op palmolieplantages vast te stellen en aan te kaarten. Ook bij de productie van zogenaamde 'duurzame palmolie' worden deze praktijken systematisch vastgesteld en zelden aangepakt. Alleen palmolie als grondstof bannen is daarvoor geen oplossing. Koolzaad en soja zullen dan de basis worden van biobrandstoffen en palmolie zal deze gewassen vervangen in onze voeding.

 

België hinkt achterop

Lidstaten kunnen er dus voor kiezen extra broeikasgassen te blijven uitstoten in naam van het klimaat. Het intensieve lobbywerk van palmolieproductielanden Indonesië en Maleisië - samen goed voor 85% van de productie - leverde resultaat op. Verschillende lidstaten stonden op de rem, waaronder België. Zo pleitte België voor de langst mogelijke deadline (2030) en was ons land geen voorstander van een ban op palmolie, zoals voorgesteld door het Europees Parlement. Het was vooral de houding van de lidstaten die leidde tot deze makke beslissing, zowel de Europese Commissie als het Parlement wilden namelijk meer doen.

Ook in andere Europese klimaat- en energiedossiers kiest België steeds vaker voor de makkelijke weg, konden we de voorbije weken vaststellen. Voor ons land liever geen verhoging van de hernieuwbare energiedoelstellingen of de klimaatdoelstellingen voor 2030. Al onze buurlanden pleiten samen met onder meer Zweden, Spanje en Portugal voor die verhoging. Een verhoging waarover zo goed als iedereen het eens is om de doelstellingen van het Akkoord van Parijs te kunnen behalen. Ze kijken naar ons om de coalitie te vervoegen, maar België blijft stil.

 

Vanaf 2020 kan België dus niet meer schuilen achter Europa

Dat hoeft niet te verbazen. België slaagt er niet in om een degelijk klimaatbeleid op de rails te krijgen. Een gebrek aan politieke wil, visie en samenwerking zorgt ervoor dat onze uitstoot sinds 2014 stijgt, dat we bijgevolg onze 2020-doelstellingen niet halen en ons land een zeer slechte plaats kreeg toebedeeld op de recente ranking van Climate Action Network. 

Hetzelfde geldt voor ons transportbeleid. België is één van de landen met het meeste auto's per inwoner en het hoogst aantal gereden kilometers in Europa. Deze vaststelling leidt echter niet tot een beleid om het gebruik van brandstoffen te verminderen, integendeel. België kiest ervoor dit te stimuleren, in de vorm van salariswagens. Dat is niet alleen een ramp voor het klimaat maar raakt ook aan onze gezondheid en levenskwaliteit.

 

Niet meer schuilen achter Europa

Vanuit maatschappelijk oogpunt is er geen reden om verder te gaan met zogenaamde 'eerste generatie' biobrandstoffen. En ook vanuit politiek standpunt is er geen argument meer. De Europese beslissing bevat immers een belangrijk element: lidstaten kunnen vanaf 2020 zélf bepalen hoeveel voedsel ze in de tank doen. Dat is een verschil met het huidige beleid, waarbij de lidstaten een verplicht percentage krijgen opgelegd om de transportdoelstellingen te behalen.

Vanaf 2020 kan België dus niet meer schuilen achter Europa om dit destructieve beleid te verantwoorden, zoals de afgelopen tien jaar het geval was. Ons land is nu aan zet, de verantwoordelijkheid ligt bij de federale regering. Laat de beslissing om vanaf 2020 niet langer te rijden op voedsel een verkiezingsbelofte van alle partijen zijn.

Bogdan Vanden Berghe, Directeur 11.11.11; Mathias Bienstman, Beleidscoördinator Bond Beter Leefmilieu; Florence Kroff, Coördinatrice FIAN Belgium; Thomas Mels, Hoofd Politiek, Zuid en Jongeren Oxfam-wereldwinkels; Brigitte Gloire, Beleidsmedewerker Klimaat en Duurzame Ontwikkeling Oxfam-solidariteit.

11.11.11 DOOR:

'Willen we als Belgen werkelijk blijven rijden op voedsel tot 2030?' verscheen op 25 juni op knack.be.

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels