Gambiaanse bevolking verarmt in sneltempo na spectaculaire muntappreciatie

Gambia, de kleinste economie van het Afrikaanse vasteland, beleeft woelige economische tijden. In nauwelijks drie maand tijd steeg de lokale munt, de dalasi, met 25%. Een 'appreciatie' heet dat in economisch jargon. Voor een euro ontving je in juni nog 35 dalasi, nu zijn dat er nog slechts 27. Een hoogst opmerkelijke evolutie, want ondertussen zijn de prijzen op de lokale markt niet gezakt, ondanks herhaalde oproepen van president Jammeh. Ook het inkomen van de doorsnee Gambiaan bleef hetzelfde. Het ontwikkelingsland Gambia verarmt dus in sneltempo. De appreciatie-operatie wordt gesteund door de overheid, maar naar precieze reden van de muntappreciatie blijft het gissen. Het wantrouwen bij de bevolking is groot. Het verhaal van een muntappreciatie die duidelijk niét geapprecieerd wordt door de Gambiaanse bevolking.

 



Tidjan heeft een wisselkantoortje in het centrum van Serrekunda, een stadje in het toeristische hart van Gambia. Zijn wisselkantoor is niets meer dan een klein, snikheet kamertje met een bed en een klein bureautje. De decoratie bestaat uit een handvol vergeelde voedbalaffiches aan de muur. Tidjan probeert te overleven via de kleine marges die hij boekt tussen de aan- en verkoopprijs van vreemde valuta. “Momenteel is er een enorm wantrouwen bij mijn klanten. Elke dag krijgen ze minder en minder dalasi voor hun euro’s. Ze weten niet meer of ze moeten verkopen of wachten, in de hoop dat de koers stabiliseert. Ikzelf heb al grote verliezen gemaakt. Toen de euro in een paar weken tijd van 36 naar 30 dalasi zakte, had ik net 1000 euro in kas. Ik besloot even te wachten met de verkoop van de euro’s, in de hoop dat de koers weer zou stijgen naar 32 of 33 dalasi. Ondertussen is de koers gezakt naar 25 gezakt, en heb ik dus al 200 euro verloren. Dat is goed voor een dubbel maandloon in Gambia.”

De merkwaardige klim van de Gambiaanse dalasi
De centrale bank van een land bepaalt de waarde van de nationale munt aan de hand van de hoeveelheid buitenlandse valuta die ze in voorraad heeft. De sterkte van een munt wordt namelijk bepaald door de wisselkoers tegenover andere munten, zoals de euro of de dollar. Wanneer een munt ‘apprecieert’, stijgt de waarde, omdat er meer vraag naar is. De appreciatie van een munt kan gevolg zijn van een positieve handelsbalans – wanneer er meer wordt geëxporteerd dan geïmporteerd. Ook wanneer er vanuit het buitenland een aanzienlijke hoeveelheid kapitaal binnenstroomt - door toerisme, of wanneer vanuit het buitenland er fors wordt geïnvesteerd.

In het geval van de Gambiaanse dalasi lijken geen van deze scenario’s echter van toepassing. Een plotse injectie van buitenlands kapitaal via toerisme of investeringen lijkt bijzonder onrealistisch. De Gambiaanse economie is vooral gericht op import. Op wat pindanoten na, exporteert het land vrijwel niets. Bovendien gebeurde de forse appreciatie van de dalasi in het midden van de zwakste economische periode van het jaar: het regenseizoen. Tijdens het regenseizoen zijn vrijwel alle hotels gesloten, en dus zijn er weinig of geen toeristen met vreemde valuta in het land aanwezig. Het regenseizoen zorgt er bovendien voor dat ook de meeste andere economische sectoren op een laag pitje draaien. De totaal onverwachte, maar fikse waardestijging van de dalasi doet vermoeden dat er meer aan de hand is.

Op de één of andere manier moet een grote hoeveelheid geld het land zijn binnengekomen. Er wordt gefluisterd dat een enorme hoeveelheid dollars vanuit Nigeria het land is binnengekomen. Naar verluidt zou het gaan om een grote witwasoperatie met Nigeriaans fraudegeld. Anderen spreken over Colombiaanse drugkartels die Gambia gebruiken als tussenstation voor hun inkomsten uit de cocaïnehandel in Europa. Een andere mogelijkheid bestaat erin dat de dalasi kunstmatig werd opgewaardeerd, zonder dat de centrale bank meer vreemde valuta in kas heeft. De Gambiaanse centrale bank zelf geeft geen commentaar bij de spectaculaire opwaardering van de dalasi.

Wat ook de oorzaak ook is van de steile klim van de Gambiaanse munt, weinigen hebben er vertrouwen in dat de appreciatie het gevolg is van de goed boerende Gambiaanse economie. Die situatie zorgt voor heel wat wantrouwen tussen bij handelaars en zakenmensen. Als gevolg van de waardestijging met 25%, zouden de prijzen op de lokale markten moeten dalen met een kwart. De Gambiaanse handelaren vertrouwen het zaakje niet en weigeren hun prijzen te laten zakken. Tot grote frustratie van president Jammeh, die de handelaars via de nationale televisie elke dag aanmaant om hun verkoopprijzen te doen dalen. Deze eigenaardige situatie – een versterking van de munt zonder aanpassing van de prijzen en de inkomens – heeft uiterst nefaste gevolgen voor de economie van het land.

Kwart minder inkomsten
Gambia is grotendeels afhankelijk van inkomsten uit Europa. Met de appreciatie van de munt krijgt men van de ene dag op de andere een kwart minder dalasi voor dezelfde hoeveelheid euro’s. Geldwisselaar Tidjan vertelt: “Ik wissel vaak voor Gambianen die moeten overleven met de euro’s die hun familieleden opsturen vanuit Europa. Die mensen verliezen nu een kwart van hun inkomsten. Als ze wisselen via een transferbureau zoals Western Union, dan moeten ze nog eens tot 20% transferkosten betalen. Voor elke 100 euro die wordt opgestuurd vanuit Europa, ontvangen ze nu amper 50 euro. Heel wat families hebben het extra moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen.”

Ook NGO’s en internationale organisaties beleven harde tijden in Gambia. Ook zij hebben plots een kwart minder inkomsten.

Ondertussen doen importeurs wél gouden zaken. Zij kopen goederen aan in (goedkoper geworden) dollars of euro’s, en verkopen in Gambia voor evenveel dalasi als voorheen, met woekerwinsten als gevolg. De president dreigt er ondertussen mee zelf goederen te gaan importeren als de malafide importeurs hun prijzen op de binnenlandse markt niet laten zakken.

Bart Casier (Regionaal Coördinator voor Bevrijde Wereld in West-Afrika)

www.bevrijdewereld.be

Solidagro DOOR:

Deel dit artikel