Nieuws van het Afrika Europa netwerk augustus 2013


Ghanees verzet tegen Amerikaanse biotechnologie
Een Ghanese NGO zet zich af tegen Amerikaanse druk op Ghanese landbouwers om genetisch gemodificeerde organismen (ggo's) te importeren.

Begin juli organiseerde de Amerikaanse ambassade in de Ghanese hoofdstad Accra een bijeenkomst over biotechnologie. Food Sovereignty Ghana (FSG), een organisatie die ijvert voor meer transparantie over het gebruik van ggo's, weigerde echter deel te nemen aan de bijeenkomst omdat ze niet openbaar zouden verlopen. De organisatie stelt dat het van het grootste belang is dat het grote publiek de voor- en tegenargumenten ten opzichte van de introductie van ggo's in de Ghanese landbouwmarkt kent en kan overwegen. De groep roept op tot een moratorium op de import, kweek en verkoop van ggo's in Ghana. De oproep kwam er nadat bekend werd dat Amerikaanse ggo-onderzoekers in mei toestemming kregen om proeven uit te voeren met genetisch gemodificeerd katoen in het noorden van het land. Daarmee is het de vierde keer dit jaar dat de Ghanese regering toestemming geeft voor dergelijke veldproeven.

De VS voeren wereldwijd een actieve lobbycampagne om het gebruik van ggo's te promoten. Volgens een rapport van Food & Water Watch probeert het land via zijn hulpprogramma USAID Ghana al sinds 2004 richting ggo-teelt en import van Amerikaanse ggo-zaden te sturen. Zo organiseerde het in 2007 een conferentie in het land om politieke wil voor ggo-import op te wekken en werden tussen 2007 en 2009 jaarlijkse richtlijnen doorgestuurd naar VS-ambassades waarin wordt opgeroepen 'het gebruik van landbouwkundige biotechnologie aan te moedigen'. Voorstanders van de implementatie in Ghana stellen dat ggo-gewassen grotere oogsten opleveren en minder vatbaar zijn voor ziektes. Tegenstanders van ggo's wijzen op mogelijke gevaren voor de volksgezondheid van ggo's. Bovendien creëert de invoering van ggo-gewassen een wurgende afhankelijkheidsrelatie tussen boeren en de multinationals die de zaden en bijbehorende bestrijdingsmiddelen verkopen.

Kanayo Nwanze, voorzitter van het International Fund for Agricultural Development (IFAD), stelde tijdens een toespraak in juli dat biotechnologie een nuttige aanvulling kan betekenen op bepaalde oogstproblemen en in de strijd tegen armoede, maar dat verbeteringen in de financiering, infrastructuur en de algemene benadering van Afrikaanse landbouw een nog grotere impact zullen hebben. Volgens Nwanze zou het invoeren van betere irrigatietechnieken alleen al verantwoordelijk kunnen zijn voor een stijging van vijftig procent in de Afrikaanse landbouwopbrengst. (Bron: MO, 25/7/2013)

 


Land grabbing voor olie
Aangezien de opbrengsten van conventionele manieren om olie te winnen teruglopen, verschuift de aandacht naar andere manieren van oliewinning. In de DR Congo en Madagascar treffen bedrijven voorbereidingen voor oliewinning uit teerzand. Zowel lokale als Europese NGO's wijzen op de catastrofale gevolgen die dit kan hebben op het milieu en op de armste bevolkingsgroepen.

In Congo wordt een groot gedeelte van een tropisch regenwoud bedreigd door oliewinning. Nu al is duidelijk dat de lokale bevolking zal worden overgeplaatst als de plannen doorgang vinden. Oliemaatschappijen onderzoeken ook op Madagascar of oliewinning uit teerzanden rendabel te maken is. Dit ondanks het unieke ecosysteem van het eiland. In beide landen heerst wijdverbreide armoede. Dat maakt de bevolking extra kwetsbaar, aangezien zij nauwelijks in staat is te begrijpen wat op het spel staat. Het is ook een groep die voor haar bestaan grotendeels afhankelijk is van kleine landbouw. Eigendomsrecht is vaak onduidelijk, waardoor zij het risico lopen ontheemd te raken. In Madagascar heeft een aantal NGO's zich inmiddels verenigd in een alliantie om op te komen voor de rechten van de locale bevolking. Zij hebben reeds contact met NGO's in Europa die op EU-niveau lobbyen.

 

 

AEFJN België DOOR:

Deel dit artikel