Op weg naar Ruyigi

We verlaten de stad en rijden de heuvels in. Onderweg zien we fietsers die aanhaken aan vrachtwagens die hen de berg optrekken. Nadien sjezen ze aan een rotvaart de helling af. Levensgevaarlijk.

Plots valt me een monument op langs de kant van de weg. Er staat op te lezen ‘Plus jamais ça (dat nooit meer)’. Ik vraag de chauffeur om even te stoppen. Het  monument werd opgetrokken ter nagedachtenis van de tientallen scholieren van Tutsi-origine die in oktober 1993, aan het begin van het conflict, in een benzinestation werden opgesloten en levend verbrand. Ik loop rond tussen de ruïnes en denk aan de gruwel zich hier heeft afgespeeld. Onvoorstelbaar.

relais

Vrijwilligers die families begeleiden

Net voor Ruyigi laten we Serafine, een van de vrouwen die geopereerd werd aan fistula, achter aan de weg. Ze zal van daaruit naar haar huis lopen. De 29-jarige vrouw vertelde me dat ze haar eerste kind verloor tijdens de bevalling waarbij ze fistels opliep. Zonder kind en met fistula durfde ze niet terug naar haar man. Gelukkig werd ze opgevangen door haar ouders. Haar man heeft ondertussen al een andere vrouw. ?Ik hoop toch opnieuw te kunnen trouwen en minstens één kindje te krijgen?,zegt ze. Vrolijk zwaait Serafine ons na. Ik hoop het beste voor haar.

Aangekomen in Ruyigi springen we meteen na de lunch de auto weer in. Er wacht ons een druk programma. We gaan de families bezoeken met één of meer kinderen met een handicap die door Handicap International geselecteerd werden om geholpen te worden. Het programma voor gemeenschapsgerichte revalidatie is nog maar een paar maanden geleden van start gegaan. We rijden over wegen vol putten de heuvels in. Het landschap is schitterend. Onderweg passeren we verschillende groepen joggers, een verplichte nationale sportactiviteit op vrijdag. Onze eerste halte is een dorpje dat op een grote heuvel ligt. Bij de grote kerk staan tientallen mensen ons al op te wachten. Het zijn de vrijwilligers die de families begeleiden. Even een foto, iedereen de hand schudden en we moeten alweer op weg naar onze volgende afspraak. De hele namiddag bezoeken we verschillende families.

renners

Joggen is een een verplichte nationale sportactiviteit op vrijdag

Begeleidster Rufine is over het algemeen tevreden over de vooruitgang die op korte tijd geboekt werd. Kinderen met een handicap die bij haar eerste bezoek verwaarloosd en soms naakt in een hoekje lagen, treffen we nu frisgewassen en in propere kleren aan. Bij elk bezoek worden de vorderingen en aanbevelingen van de begeleiders in een speciaal schrift genoteerd dat door de families zorgvuldig bewaard wordt. De huisjes waarin deze mensen wonen, bestaan uit niet meer dan een stal voor de dieren vooraan, een of twee slaapkamers en een ruimte om te koken. Behalve een primitief bed, zijn er geen meubels. De meeste mensen leven van de opbrengst van hun lapje grond. Geld voor medische zorgen of medicijnen is er doorgaans niet. Alle hulp is hier zeer welkom, dat is duidelijk.

Op de terugweg gaan we nog even langs het opvangcentrum voor albinokinderen. Fotograaf Dieter, die eerder een reeks maakte over albino?s in Tanzania, wil er graag wat beelden schieten, maar we krijgen geen toestemming. Meer dan een snapshot aan de toegangspoort zit er niet in. Sinds er enkele weken geleden een bende is opgepakt die albino?s vermoordde vanwege het bijgeloof dat hun ledematen bepaalde krachten bezitten, worden de kinderen erg afgeschermd.


BRON:
http://nl.handicapinternationalblog.be

Deel dit artikel