2015 was dodelijk jaar voor milieuactivisten

Vorig jaar vonden 185 milieuactivisten de dood tijdens het uitoefenen van hun werk, het hoogste aantal sinds 2002. Dat zegt de internationale waakhond Global Witness.

Het cijfer betreft allemaal officieel bevestigde doden: 185 activisten in 16 landen die vanwege hun activiteiten op het vlak van de bescherming van het milieu de dood vonden. Milieu- en mensenrechtenorganisatie Global Witness spreekt van een stijging van 59 procent ten opzichte van 2014.

Illegale houtkap en landrechten

Wereldwijd werden de activisten vermoord terwijl ze optraden tegen illegale houtkap, zich verzetten tegen de productie van palmolie en andere industriële ontwikkelingsprojecten, of voor de landrechten van hun gemeenschap opkwamen. Volgens campagneleider Billy Kyte, de auteur van het rapport, is dit de hoogste dodentol sinds 2002, het jaar dat Global Witness vermoorde activisten begon te tellen.

Meeste doden in Brazilië

Het land waar de meeste doden vielen, is Brazilië met 50 bevestigde doden onder milieuactivisten.

"Het aantal doden kan nog veel hoger liggen dan de 185 slachtoffers", zegt Kyte, omdat "er veel regio's zijn van waaruit we geen informatie krijgen omdat er mediarepressie geldt zoals in China, Centraal Azië en bepaalde delen van Afrika."

Samenwerking tussen industrie en overheid

In de Filipijnen vonden 33 activisten de dood, waaronder 25 inheemse Lumad die oppositie voerden tegen mijnbouw in de regio Mindanao.

Onder de doden waren drie leiders van de Lumad: Emerito Samarca, Dionel Campos en Bello Sinzo. Campos en Sinzo werden "publiekelijk geëxecuteerd voor de ogen van hun gemeenschap", zegt Kyte. "De daders werden geïdentificeerd en maakten deel uit van een paramilitaire groep die voor de mijnbouwbedrijven in de regio werkt."

"Mensen van die paramilitaire groepering werden later gezien terwijl ze aan het drinken waren met leden van het Filipijnse leger", zegt Kyte om situaties van samenzwering tussen industrie en overheid te benadrukken.

Westerse investeringen

Maar ook globale economische krachten spelen mee in het hoge dodenaantal, zegt Kyte. "In het westen is de vraag naar dergelijke producten groot, maar zelden vragen we ons ook af vanwaar die wel komen."

Westerse investeringsprojecten die het niet al te nauw nemen met de landrechten of de rechten van de inheemse bevolking, zijn volgens Kyte een andere oorzaak voor het hoge aantal doden in 2015. Als voorbeeld verwijst hij naar de Nederlandse en Finse ontwikkelingsbanken die de Agua Zarca-dam financierden, een waterkrachtproject in Honduras.

Voor de bouw moest een rivier wijken die erg belangrijk is voor de inheemse Lenca-gemeenschap. Milieuactiviste Berta Caceres, zelf Lenca, die vorig jaar de prestigieuze Goldman Environmental Prize won, werd na jaren van bedreigingen in maart van dit jaar vermoord.

Nadat enkele weken later ook haar collega Nelson Garcia vermoord was teruggevonden, schortten zowel de Nederlandse FMO als het Finse Finnfund hun betalingen aan dit project op. 

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels