Ban Ki-moon vertrekt met kater over kernwapens

De secretaris-generaal toonde zich teleurgesteld dat de vooruitgang in de richting van vernietiging van kernwapens "in een impasse is beland en dat oude argumenten om het bezit van kernwapens tijdens de Koude Oorlog te rechtvaardigen, zijn teruggekeerd."

Ban Ki-moon vertrekt in december na tien jaar voorzitterschap van de Verenigde Naties. Dat doet hij met grote teleurstelling over het "gebrek aan voortgang als het gaat om de vernietiging van kernwapens."

Ban, een sterk voorstander van een wereld zonder kernwapens, verklaarde afgelopen week tegenover de VN-Veiligheidsraad "dat de ontwapeningsagenda op diverse terreinen is vastgelopen." Zo doet Noord-Korea nog steeds kernproeven en willen de Verenigde Staten hun nucleaire programma voor miljarden dollars moderniseren.

De secretaris-generaal toonde zich teleurgesteld dat de vooruitgang in de richting van vernietiging van kernwapens "in een impasse is beland en dat oude argumenten om het bezit van kernwapens tijdens de Koude Oorlog te rechtvaardigen, zijn teruggekeerd."

Secretaris-generaal Ban Ki-moon dringt er bij alle staten op aan om zich te concentreren op de non-proliferatie van massavernietigingswapens, om te "voorkomen dat de mensenrechten, het milieu en existentiële vernietiging die deze wapens kunnen veroorzaken".

Detectienetwerk

Historisch gezien is de eliminatie van massavernietigingswapens een van de oprichtingsprincipes van de Verenigde Naties. Het was het onderwerp van de eerste resolutie van de Algemene Vergadering van de VN, zeventig jaar geleden.

Nog steeds voeren de VN onvermoeibaar campagne tegen kernwapens, inclusief proliferatie en kernproeven. Het VN-Bureau voor Ontwapeningszaken (Unoda) neemt hierin het voortouw.

Op 29 augustus werd bij de VN de jaarlijkse Internationale Dag tegen Kernproeven herdacht. "Toen het Kernstopverdrag (CTBT) werd aangenomen en opengesteld voor ondertekening in 1996, viel het doek voor meer dan tweeduizend kernproeven", zegt Rebecca Johnson, auteur van "Unfinished Business", een analyse van de CTBT-onderhandelingen die in 2009 werd gepubliceerd door de VN.

Het CTBT is volgens Johnson in verschillende opzichten zeer succesvol geweest. Er zijn sinds 1996 slechts een handvol kernproeven gedaan. India en Pakistan deden dat in 1998 en Noord-Korea deed vier proeven sinds 2006.

Bovendien kwamen uit het steeds geavanceerder geworden wereldwijde verificatiesysteem van het CTBT-kantoor in Wenen (CTBTO) waarschuwingssystemen voor aardbevingen en tsunami's voort. Het systeem detecteerde ook kleine ondergrondse testen door Noord-Korea, zegt Johnson.

Ratificatie

John Hallam, verbonden aan het Human Survival Project en People for Nuclear Disarmament, zegt dat het Kernstopverdrag pas in werking kan treden als het geratificeerd is door 44 regeringen, inclusief die van de Verenigde Staten, India, Pakistan en China. Maar zelfs twintig jaar na de ondertekening in 1996 is dat nog niet gebeurd.

Intussen is er wel een krachtig netwerk van meetpunten opgezet, dat kan controleren of landen zich houden aan afspraken. Dit netwerk is vrijwel volledig operationeel, zegt hij. Het heeft zijn waarde bewezen door zelfs de kleinste test van Noord-Korea te detecteren.

Hoewel de Verenigde Staten tot de eerste ondertekenaars van het CTBT behoren, hebben ze het verdrag nog steeds niet geratificeerd als gevolg van tegenstand in het grotendeels door Republikeinen gedomineerde Congres, zegt Hallam. China, evenals een aantal andere belangrijke landen, zeggen dat ze bereid zijn het verdrag te ratificeren als de VS dat doen.

Kazachstan

Hallam zegt dat een door de VS voorgestelde VN-resolutie over het verbieden van kernproeven, een furieuze reactie heeft opgeroepen van Republikeinse hardliners zoals senator Bob Corker (uit Tennessee). Hij beschuldigt de regering-Obama van machtsmisbruik en het omzeilen van de Amerikaanse Senaat.

Tariq Rauf, directeur Ontwapening, Wapenbeheersing en Non-proliferatie bij het Stockholm International Peace Research Institute (Sipri), zegt dat het eerste nucleaire explosief op 16 juli 1945 tot ontploffing werd gebracht in de woestijn van New Mexico in de VS. In de tussenliggende zeven decennia, deden negen verschillende landen meer dan tweeduizend kernproeven. Daarmee vervuilden ze de oceanen, de atmosfeer en het land, met verwoestende gevolgen voor de gezondheid van miljoenen mensen en het milieu.

De Wetenschappelijke Commissie inzake de Gevolgen van Atoomstraling van de VN (Unscear), en het Internationale Rode Kruis en de Rode Halve Maan, hebben wetenschappelijke studies gepubliceerd over de gevolgen van straling van kernproeven.

Kazachstan, dat te maken heeft met de gevolgen van deze straling voor mensen en het milieu, nam in 2009 het initiatief om 29 augustus uit te roepen tot de Internationale Dag tegen Kernproeven.

De Sovjet-Unie deed tussen 1945 en 1989 op de testlocatie Semipalatinsk in Kazachstan 456 kernproeven. Die leverden blijvende genetische schade op bij de bevolking in de buurt en maakten duizenden hectares landbouwgrond onbruikbaar voor toekomstige generaties, zegt Rauf.

Andere landen die testen uitvoerden, zijn de Verenigde Staten (1030), Frankrijk (210), China en het Verenigd Koninkrijk (ieder 45), India en Pakistan (ieder 6), Noord-Korea (4) en Israël (vermoedelijk 1).

IPS DOOR:

Meer

 

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels