Boliviaanse president Morales tussen twee vuren

De regering-Morales heeft het niet makkelijk. De besprekingen over de nieuwe grondwet blijven aanslepen. De vooropgestelde deadline, de nationale feestdag op 6 augustus, werd niet gehaald. Voornaamste struikelblok blijft de grondhervorming, maar ondertussen staat er veel meer op het spel. Grosso modo kan Bolivia ingedeeld worden in twee geografische zones die ook sociaal-economisch en politiek steeds verder uit elkaar groeien. Het MAS van president Morales staat sterk in het hoogland van het arme westen. De oppositiepartijen beheersen de oostelijke departementen  – de laagvlaktes waar enorme gasvoorraden in de bodem steken.

De mogelijke verhuis van parlement en regering naar Sucre verhit ondertussen de gemoederen in La Paz. Het is een nieuw hoofdstuk in het politieke opbod tussen links en rechts. Een opbod dat Bolivia in tweeën scheurt. Twee staatsmodellen staan lijnrecht tegenover elkaar. Het traditionele model, met meer autonomie voor de departementen, wordt geruggensteund door de oppositie. Het alternatief is het etnisch-culturele model, op voorstel van de MAS-partij. De oppositie wil dat het via een referendum tot een keuze tussen beide modellen komt. De regering-Morales stuurt aan op een referendum over enkele deelaspecten, zonder dat nog geraakt kan worden aan de basistekst.

 


Op 6 augustus 2006, de nationale feestdag vorig jaar, gaf de regering-Morales zichzelf een jaar de tijd om een voorstel tot een nieuwe grondwet uit te werken. Met de nieuwe grondwet wou het MAS – de populaire volkspartij van president Morales – elke vorm van discriminatie uitroeien. Vooral de arme bevolking in west-Bolivia zou baat hebben bij de nieuwe grondwet, net als de etnische-indiaanse groepen die al eeuwenlang de hoogvlaktes bewonen.

Tegenstellingen verdelen Bolivia

Het MAS-voorstel voorziet dat landbouwgrond wordt herverdeeld, zodat arme boeren voortaan over een eigendom kunnen beschikken. De regering-Morales wil overgaan tot de oprichting van nieuwe, inheemse regio’s, los van de huidige departementen. Die zouden eigen bevoegdheden krijgen, en afgebakend worden op basis van criteria als taal, cultuur of afstamming. De oostelijke departementen zien hierin een poging van Morales om opnieuw greep te krijgen op de lucratieve gaswinning in het oosten. Een nationaal referendum in 2006 wees uit dat de oostelijke departementen Santa Cruz, Beni, Pando en Tarija meer autonomie wilden, los van La Paz. De westelijke departementen stemden tegen departementale autonomie.

Het MAS en de oppositie raakten het voorbije jaar dus verwikkeld in een heus politiek opbod, waarbij telkens ook de achterban en de media massaal werden gemobiliseerd. Een compromis lijkt verder weg dan ooit, en bovendien werden de economische, etnische, sociale en geografische breuklijnen verder uitgediept. De incidentjes stapelden zich op. Internationale waarnemers wijzen op het gevaar van de politieke wedloop en de tweedeling die het veroorzaakt: “De impasse tussen regering en oppositie heeft Bolivia op de rand van nieuwe instabiliteit en gewelddadig conflict gebracht,” aldus International Crisis Group.

Eerste barsten in steun voor Morales

Een nieuwe grondwet eist dat een tweederde meerderheid het voorstel van Morales steunt, hetgeen impliceert dat de president ook de oppositiepartij Podemos achter zich moet scharen. Net daar wringt al maandenlang het schoentje. Morales moet nu toegevingen doen om een compromis uit de brand te slepen. De linkerflank van Morales’ achterban ziet zo’n gematigde centrumkoers niet zitten. Steeds meer Morales-aanhangers van het eerste uur haken teleurgesteld af. Op die manier komt de president steeds meer tussen twee vuren te zitten, terwijl links en rechts verder radicaliseren.

La Paz versus Sucre

Eind juli protesteerden meer dan een miljoen inwoners van La Paz tegen het oppositievoorstel om regering en parlement definitief over te brengen naar Sucre, een middelgrote stad in centraal-Bolivia. Sucre is het centrum van één van de armste departementen in Bolivia, en wil economisch profiteren van het overbrengen van de regeringszetel. De huidige regeringszetel schept ongeveer 30.000 arbeidsplaatsen in en rond La Paz. Sucre is al lange tijd de officiële hoofdstad – in tegenstelling tot wat velen denken. Het stadje met 200 000 inwoners vormt vandaag de uitvalsbasis van de hoogste gerechtelijke instanties en de grondwetgevende vergadering. Sucre wil daar dus graag ook de activiteiten van het parlement en de regering aan toevoegen, ten nadele van La Paz.

De departementen van het oostelijke laagland steunen de verhuisplannen, ze vinden dat de macht nog te veel in La Paz is geconcentreerd. De oppositie zet de grondwetgevende vergadering onder druk om van Sucre definitief de politieke hoofdstad te maken. De hoofdstad-discussie vormt een nieuwe polariserende factor tussen oost en west, en gooit opnieuw heel wat olie op het vuur bij de achterban van links en rechts in Bolivia.

 

 

Solidagro DOOR:

Deel dit artikel