Couscouskreten. Stop de economische blokkade van Gaza.

Opinie. 5 oktober 2007. Oxfam-Wereldwinkels – Oxfam-Solidariteit

Op 6 oktober 2007 stelden de Wereldwinkels hun deuren open voor de jaarlijkse klantendag. Dit jaar stond de klantendag in het teken van onze Palestijnse partners en producten. Helaas zal één product binnenkort niet meer beschikbaar zijn: door de economische blokkade van de Gazastrook kan de couscous uit Gaza niet langer uitgevoerd worden.


Sinds midden juni 2007 is de Gazastrook zo goed als afgesloten van de buitenwereld: zowel het goederen- als het personenverkeer liggen lam. Israël heeft alle grensovergangen afgesloten. Rafah, de grensovergang voor reizigers tussen Gaza en Egypte, werd op 10 juni afgesloten. Karni, de grensovergang voor commerciële goederen is gesloten sinds 12 juni. Erez, waar reizigers tussen Israël en Gaza oversteken, is sinds 14 juni dicht en wordt enkel voor humanitaire uitzonderingen geopend. Humanitaire goederen worden met toestemming van Israël in beperkte mate ingevoerd via de grensovergangen Kerem Shalom, Sofa en Erez, maar deze toevoer komt niet tegemoet aan de dagelijkse behoeften van de bevolking.

Commerciële goederen kunnen dus niet meer ingevoerd worden noch kunnen ze Gaza verlaten. In juli waren al 75 % van de bedrijven gesloten: door het verbod op invoer kampen ze met een gebrek aan grondstoffen voor hun productie. De prijzen voor grondstoffen zijn ook enorm gestegen. Duizenden arbeiders in de Gazastrook zijn hun job kwijtgeraakt. Volgens een VN-rapport van 24 september 2007 leeft 87 % van de bewoners van de Gazastrook onder de armoedegrens en is 80 % afhankelijk van één of ander vorm van hulp van de Verenigde Naties – en de aantallen groeien.

Ook de uitvoer van landbouwproducten is volledig stilgevallen. Sinds 12 juni kunnen boeren hun bloemen, groenten en andere producten niet langer aan Israël, de Westelijke Jordaanoever of andere landen verkopen. Voor PARC, een Palestijnse partner van Oxfam-Wereldwinkels en Oxfam-Solidariteit, betekent dat concreet dat 20 ton couscous klaar is om verpakt en naar het buitenland geëxporteerd te worden. Deze couscous kan de grens met Israël echter niet over. 300 families zijn daardoor hun belangrijkste inkomen kwijt – zij zijn slechts een klein deel van de 23000 boeren en 43000 landarbeiders die rechtstreeks lijden onder de vergrendeling van de Gazastrook – volgens cijfers van de VN (24 september 2007). Oxfam-Wereldwinkels zal in de loop van 2007-2008 zonder couscous komen te zitten én loopt een contract mis met een Franse fairtrade organisatie en dus de mogelijkheid om de couscous via België ook naar Frankrijk te exporteren – een unieke kans voor PARC om hun product van eerlijke handel bij een ruimer publiek te brengen.

Oxfam-Wereldwinkels, Oxfam-Solidariteit, Oxfam-Magasins du Monde en de Palestijnse partners staan machteloos tegenover de politieke impasse en de economische achteruitgang die honderdduizenden burgers treft. Eerlijke handel maakt deel uit van onze bijdrage aan de economische ontwikkeling die noodzakelijk is om tot een duurzame oplossing van het conflict te komen. De handel met Palestijnse landbouworganisaties wordt steeds verder bemoeilijkt en nu zelfs onmogelijk gemaakt.

Via de vele projecten van Oxfam en haar Palestijnse partnerorganisaties in sectoren als landbouw, gezondheidszorg en water, worden we elke dag met onze neus op de feiten gedrukt. De steeds verder toenemende beperkingen op bewegingsvrijheid in de bezette Palestijnse gebieden, de socio-economische achteruitgang als gevolg van de jarenlange Israëlische bezettingspolitiek en de totale afgrendeling van de Gazastrook, bemoeilijken in zeer sterk mate projecten voor structurele ontwikkeling en hebben zelfs geleid tot de-development. Noodgedwongen is het aandeel van noodhulp- en rehabilitatieprojecten die door Oxfam en haar partners worden uitgevoerd de laatste jaren enorm toegenomen. De humanitaire crisis beperkt de mogelijkheid voor structurele projecten en maakt dat jarenlange investeringen in duurzame ontwikkeling teniet worden gedaan.

Israël verklaarde op 19 september de Gazastrook tot “vijandige entiteit” en kondigde nieuwe sancties aan tegen de burgerbevolking. Israël dreigt ermee  de levering van elektriciteit, brandstof en andere noodzakelijke goederen en diensten aan banden te leggen. Hiermee lijkt Israël de volgende strategie te voeren: het lijden van de bevolking van Gaza te vergroten om zo de politieke macht van Hamas verder te ondermijnen.

Deze maatregelen zijn volstrekt onaanvaardbaar voor Oxfam-Wereldwinkels, Oxfam-Solidariteit en Oxfam-Magasins du Monde en ze zijn bovendien in strijd met het internationaal humanitair recht. De verklaring dat Gaza een vijandige entiteit is heeft geen enkele status binnen het internationaal recht. Volgens het internationaal recht is Israël immers nog steeds een bezettende macht in de Gazastrook, aangezien het effectieve controle uitoefent over het luchtruim, de territoriale wateren en de grens met Egypte waarlangs geen commerciële goederen mogen passeren. Israël moet de commerciële grensovergangen opnieuw openen – en de Palestijnse leiders moeten hieraan meewerken. Als bezettende macht is Israël ertoe verplicht om de Palestijnse bevolking alle levensnoodzakelijke middelen te garanderen en zowel haar welzijn als haar veiligheid te garanderen. Bovendien is het niet toegelaten een volledige burgerbevolking van anderhalf miljoen mensen te straffen omwille van het geweld van de gewapende groeperingen. Tenslotte mogen basisvoorzieningen en noodhulp niet als pasmunt in een politiek conflict ingezet worden.

De internationale gemeenschap heeft de verantwoordelijkheid om maatregelen te nemen om een grootschalige humanitaire crisis af te wenden en de Palestijnse burgers te beschermen. Als eerste dringende maatregel moet de Belgische overheid druk uitoefenen op Israël en er binnen het Kwartet en de VN Veiligheidsraad voor pleiten om de Karni-grensovergang opnieuw te openen en het personen- en goederenverkeer opnieuw mogelijk te maken.

Meer info: www.oww.be/palestina

Deel dit artikel