Jongerenactivist Yves Makwambala getuigt over de crisis in Congo

Jongerenbewegingen zoals La Lucha worden geconfronteerd met een steeds kleiner wordende democratische ruimte, maar zijn een essentieel onderdeel van een democratische samenleving

Yves Makwambala is één van de bekendste Congolese jongerenactivisten. Op 15 maart 2015 werd hij samen met Fred Bauma in Kinshasa gearresteerd tijdens een bijeenkomst van een dertigtal pro-democratie activisten uit verschillende Afrikaanse landen waar ze ervaringen uit wisselden rond het thema 'jongeren en burgerschap'. Na talloze acties en demarches, onder andere van minister van Buitenlandse Zaken Reynders en resoluties van het Belgische en Europese Parlement, werd hij op 19 augustus 2016 vrijgelaten, na meer dan 17 maanden cel. Zijn gevangenschap heeft zijn engagement enkel kracht bijgezet, en hij blijft zich inzetten voor meer democratie en meer gelijkheid in Congo.

Op 5 februari bracht hij bij 11.11.11 een getuigenis over de actuele situatie in zijn land. Die werd ook opgepikt door de krant De Standaard.

Naar aanleiding van zijn bezoek maakte 11.11.11 een overzicht van de belangrijkste aandachtspunten in Congo.

Wat is er aan de hand in Congo?

Het uitblijven van presidentsverkiezingen en het aanblijven van President Joseph Kabila heeft de Democratische Republiek Congo in een diepe crisis gestort.

Het tweede en laatste mandaat van de Congolese president liep af in december 2016, maar omdat de verkiezingen steeds worden uitgesteld blijft Kabila aan de macht. Tijdens protesten in september en december 2016 vielen tientallen doden en honderden gewonden.

De Katholieke Kerk bemiddelde een politiek akkoord tussen de regering, de oppositie en het middenveld op 31 december 2016. Het akkoord bracht hoop op een inclusieve overgangsregering die zich vooral zou richten op het organiseren van verkiezingen die ten laatste in december 2017 moesten plaatsvinden.

Het akkoord bleef echter dode letter. De Katholieke Kerk, middenveldorganisaties en een groot deel van de politieke oppositie voelden zich bekocht.

Onder leiding van het door de Katholieke Kerk gesteunde Comité Laïc de Coordination (CLC) riepen de politieke oppositie, middenveldorganisaties en jongerenbewegingen eind 2017 massaal op om vreedzaam te betogen om democratische verkiezingen, respect voor de grondwet, mensenrechten en een einde van de corruptie en de ongelijkheid in Congo te eisen.

Het regime reageerde voorspelbaar: met geweld. Ze legde het internet- en telefoonverkeer plat, schoot met scherp op de betogers en vaardigde een arrestatiebevel uit tegen de leden van het CLC. Opnieuw vielen er doden en talloze gewonden. Het CLC kondigde aan dat het op de ingeslagen weg verder zal gaan en de bevolking opnieuw zal oproepen om te betogen.

De krachtmeting tussen de kerk en de president belooft dé politieke strijd van 2018 te worden, waarbij de uitkomst bijzonder onvoorspelbaar is.

Mensenrechten

De Verenigde Naties en mensenrechtenorganisaties documenteerden sinds het begin van de crisis in 2016 een drastische stijging in het aantal mensenrechtenschendingen.

Op 24 januari 2018 maakte de VN bekend dat het in 2017 6.497 mensenrechtenschendingen documenteerde, een stijging van 25% ten aanzien van 2016. De Congolese autoriteiten zouden volgens de VN bovendien verantwoordelijk zijn voor 1,176 buitenrechtelijke executies, een verdriedubbeling op twee jaar tijd.

De media, middenveld en oppositie worden geconfronteerd met een steeds kleiner wordende democratische ruimte. Zo liggen er vandaag vier wetten voor in het Congolese parlement die, indien goedgekeurd, zware restricties zouden plaatsen op de vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vereniging en vergadering.

Kritische middenveldorganisaties zoals het CLC en jongerenbewegingen zoals La Lucha zijn echter een essentieel onderdeel van een democratische samenleving. Ze houden de machthebbers een spiegel voor en vragen hen rekenschap af te leggen voor wantoestanden. Hun strijd om meer transparantie en participatie van de bevolking in de politieke besluitvorming is een belangrijk onderdeel van het groeiproces van de jonge Congolese democratie.

De pogingen om dit kritische middenveld het zwijgen op te leggen zijn aanvallen op de democratie zelf.

Corruptie

Onder meer omwille van de politieke crisis heeft het land te kampen met een zware economische crisis en stortte de Congolese munt in elkaar. Maar terwijl de Congolese bevolking de prijs betaalt van het slechte bestuur en de economisch malaise blijven de hoofdverantwoordelijken van de crisis grote rijkdommen vergaren. 

Zo zouden president Kabila en zijn familie volgens een onderzoek van het Amerikaanse persagentschap Bloomberg en de New York University zo'n 80 bedrijven in de telecommunicatie-, bank-, landbouw-, toerisme-, en mijnsector bezitten.

Anti-corruptie organisaties spreken over grootschalige corruptie, fraude en witwaspraktijken. Zo bracht de Britse ngo Global Witness aan het licht dat er in de mijnsector ongeveer 750 miljoen dollar aan betaalde belastingen nooit aan de schatkist zijn doorgestort, en dus 'verdwenen' zijn. Per jaar zou de schatkist zo'n 4 miljard dollar aan inkomsten mislopen door corruptie en fraude. Ter vergelijking, voor 2018 bedraagt het budget van de Congolese overheid 5 miljard dollar.

De massale fraude en corruptie is dramatisch voor de ontwikkeling van het land. Het 'verdwenen' geld kan immers niet geïnvesteerd worden in het noodlijdende onderwijs of gezondheidszorg.

Humanitaire crisis: 'Level 3 emergency'

Sinds 2016 ontspoorde ook de humanitair situatie in Congo. In de Kasaï-provincies, Tanganyika en de Kivu-streek flakkerden gewapende conflicten op.

In oktober 2017 kenden de Verenigde Naties Congo de 'level 3 emergency'-status toe. Dat zijn de zwaarste, meest complexe humanitaire crisissen ter wereld. Enkel Syrië, Irak en Jemen zijn van dezelfde categorie.

De cijfers zijn dan ook schrijnend. 10,5 miljoen mensen hebben vandaag nood aan humanitaire hulp, 4,35 miljoen mensen zijn hun huis ontvlucht en 2 miljoen kinderen zijn ernstig en acuut ondervoed.

Ondanks de enorme schaal van de crisis zijn donoren erg terughoudend en is de financiering totaal onvoldoende. In januari 2018 verdubbelde de VN haar schatting van de noden in Congo: van 812,5 miljoen dollar in 2017 tot 1,68 miljard dollar in 2018, het hoogste bedrag ooit voor Congo. Vorig jaar waren slechts de helft van de benodigde middelen beschikbaar.

Het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat er dit jaar genoeg middelen gevonden zullen worden om de dramatische stijging van de noden het hoofd te bieden, ook omdat dit wel een vergeten crisis lijkt die op bijzonder weinig aandacht in de media en de politiek kan rekenen.

Relaties België-Congo

De diplomatieke relatie tussen België en Congo staan sinds enkele maanden zwaar onder druk. De Belgische regering spreekt zich al langer erg kritisch uit ten aanzien van de mensenrechtenschendingen en het uitblijven van verkiezingen in het land.

Op 10 januari 2018 kondigden de ministers van buitenlandse zaken en ontwikkelingssamenwerking Reynders en De Croo aan dat een deel van de bilaterale samenwerking met Congo stopgezet zou worden. De middelen zouden geheroriënteerd worden naar humanitaire hulp en steun voor het middenveld.

De Congolese regering reageerde met tegenmaatregelen. Zo vroeg ze België om het Belgische ontwikkelingsagentschap Enabel te sluiten en kondigde ze aan dat ze het 'Maison Schengen' (dat visa's voor Schengenzone uitreikt) in Kinshasa zullen sluiten.

Met de bilaterale ontwikkelingssamenwerking als inzet vrezen velen dat de Congolese bevolking het slachtoffer zal worden van de escalatie van het diplomatieke conflict.

11.11.11 vraagt België om:

  1. Respect voor de mensenrechten, democratische principes en de strijd tegen corruptie en straffeloosheid als prioriteiten te beschouwen.
    België moet zich kritisch blijven uitspreken, publiek en tijdens bilaterale diplomatieke contacten, bij schendingen van mensenrechten en democratische principes en pleiten voor kordate maatregelen, zowel bilateraal als in EU- en VN-verband, onder meer via individuele sancties voor de verantwoordelijken van de crisis alsook een versterkte dialoog met de Congolese autoriteiten in Europees verband (in lijn met de daartoe voorziene bepalingen in de Cotonou akkoorden).
  2. Sterk in te zetten op de coördinatie en coherentie van de internationale gemeenschap, via intensief diplomatiek overleg met de belangrijkste Europese en internationale partners van Congo om met één stem te spreken en te handelen voor de ondersteuning van het democratische proces en respect voor mensenrechten.
  3. Een onafhankelijk, internationaal onderzoek te eisen om het geweld tijdens de betogingen van september en december 2016, december 2017 en januari 2018 te onderzoeken.
  4. Een drastische verhoging van de humanitaire hulp in Congo te bepleiten bij haar internationale partners en de politieke en humanitaire crisis op de agenda van de Europese Raad, de VN-mensenrechtenraad en andere multilaterale bijeenkomsten te zetten, net als tijdens bilaterale contacten.
  5. Snel een oplossing te zoeken voor de huidige bilaterale programma's van Enabel, die direct ten goede komen aan de Congolese bevolking.
  6. De aangekondigde 25 miljoen euro aan stopgezette middelen voor directe steun aan de Congolese regering daadwerkelijk te heroriënteren naar humanitaire hulp, ngo's en middenveldorganisaties.
11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels