Europees differentiatiebeleid: dam tegen Israëlische nederzettingengolf

europe-israel-flags

Het federale parlement stemt op dinsdag 8 november 2016 een resolutie over de Belgische rol in het Israëlisch-Palestijns vredesproces. De resolutie roept de federale regering voor het eerst op te werken aan een verdere verdieping van het Europese "differentiatiebeleid" tussen Israël en Israëlische nederzettingen.

Een stap in de goede richting, vindt 11.11.11, dat Belgische en Europese beleidsmakers oproept de explosieve Israëlische nederzettingenexpansie dringend een halt toe te roepen.

De Israëlische nederzettingenexpansie vormt het belangrijkste obstakel voor het Israëlisch-Palestijns vredesproces. Het is een oorlogsmisdaad die ongestoord en in sneltempo verdergaat. Sinds juli 2016 werd de bouw van duizenden nieuwe nederzettingen aangekondigd. Officiële Israëlische data tonen hoe in de eerste zes maanden van 2016 de constructie van nieuwe nederzettingen in de Westelijke Jordaanoever toenam met veertig procent (in vergelijking met de tweede helft van 2015).

De sluipende Israëlische annexatie van de Westelijke Jordaanoever voltrekt zich dag na dag. Die voortdurende uitbreiding van illegale nederzettingen en vernietiging van Palestijnse structuren maken een levensvatbare en aaneensluitende Palestijnse staat onmogelijk.

Sinds de ondertekening van de Oslo-Akkoorden in 1993 groeide de kolonistenbevolking explosief van 262.000 naar 600.000 kolonisten. Sinds het aantreden van de Israëlische Premier Netanyahu in 2009 is een groei merkbaar van 11.000 nederzettingeneenheden. Netanyahu verklaart openlijk dat 'er geen enkele regering is die de nederzettingen meer steunt dan de mijne' en dat hij niet geïnteresseerd is in een Palestijnse staat. Uitgelekte video-opnames toonden eerder al hoe Netanyahu achter gesloten deuren opschept over hoe hij eigenhandig de Oslo-akkoorden torpedeerde.

Differentiatie tussen Israël en Israëlische nederzettingen

De Europese Unie en België herhalen keer op keer dat de nederzettingenexpansie illegaal is, maar verbinden daar geen consequenties aan. België en de EU moeten daarom meerdere versnellingen hoger schakelen om Israël onder druk te zetten om een einde te maken aan de nederzettingenexpansie. Business as usual en herhaling van gefaalde recepten zijn geen optie meer.

Een doorgedreven "differentiatiebeleid" tussen Israël en Israëlische nederzettingen is een belangrijke stap om de prijs van de nederzettingenexpansie te verhogen en zo de mogelijkheid van een betekenisvol Israëlisch-Palestijns vredesproces levendig te houden.

Differentiatie heeft betrekking op een heel scala aan maatregelen om nederzettingen-gerelateerde entiteiten en activiteiten uit te sluiten van de bilaterale relaties tussen Israël en de EU en Europese lidstaten. Het is niet hetzelfde als de Boycott, Divestment and Sanctions (BDS)-beweging omdat het enkel betrekking heeft op de Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied.

De gerenommeerde denktank European Council on Foreign Relations (ECFR) stelt dat differentiatie één van de krachtigste middelen is die de EU tot haar beschikking heeft om de status quo te doorbreken.

Enerzijds is er een duidelijke juridische verplichting voor derde staten om een situatie die illegaal is onder internationaal recht niet te ondersteunen. Daarnaast is er een sterke politieke motivering: een consistent differentiatiebeleid kan de Israëlische kosten-batenanalyse van het behoud van de nederzettingen beïnvloeden en zo de noodzakelijke voorwaarden creëren voor betekenisvolle vredesgesprekken.

'Differentiation disincentives Israel's acquisition of territory and re-affirms the territorial basis of a two-state solution. It also feeds an Israeli debate over national priorities by framing the negative consequences that Israel will face in its bilateral relations if it continues its annexation of Palestinian territory. If the two-state solution is to remain a viable option, then the process of differentiation must be accelerated and streamlined', stelt Hugh Lovatt van de ECFR.

Droogleggen nederzettingen

Aangezien de EU nooit de soevereiniteit van Israël in bezet Palestijns gebied erkende, heeft het een juridische verplichting om deze non-erkenning volledig te implementeren en te verzekeren dat Europese instellingen en bedrijven de Israëlische nederzettingenindustrie niet rechtstreeks of onrechtstreeks steunen.

Lovatt stelt het als volgt: 'Differentiation should not be considered a politically coercive action such as sanctions- but rather as the correct, full and effective implementation of EU and member state legislation.' Dergelijke differentiatie bestaat nu al in beperkte mate. Zo sluiten Europese richtlijnen uit juli 2013 de nederzettingen uit van Europese financieringsmechanismen, en werden in november 2015 richtlijnen uitgevaardigd over de etikettering van nederzettingenproducten.

De Europese Raad van Buitenlandministers riep in januari 2016 ook op tot een verdere toepassing van het differentiatieprincipe. Ook de Europese ambassadeurs in Oost-Jeruzalem zijn voorstander van een verdieping van het Europese differentiatiebeleid. In hun jaarlijkse "Jerusalem Rapport" (december 2015) bevelen ze aan 'to ensure the full and effective implementation of the interpretative notice on indication of origin of goods from the territories occupied by Israel since June 1967, and to examine the development of further EU guidelines on differentiation between Israel and Israeli settlements in other relevant fields.'

Denktank ECFR pleit voor een verdere verdieping van het differentiatieprincipe, en wijst er op dat verschillende Israëlische financiële instellingen en banken rechtstreeks betrokken zijn bij de nederzettingenindustrie in bezet Palestijns gebied. De vraag rijst daarbij of transacties tussen Europese en Israëlische banken voldoen aan de verplichting om geen materiële Europese steun aan de nederzettingen te geven. Met andere woorden: voldoen Europese investeringen in "ongedifferentieerde" Israëlische financiële instellingen aan het Europese differentiatiebeleid, of moeten deze Israëlische instellingen verplicht worden hun banden met de nederzettingenindustrie te verbreken als ze Europese investeringen willen blijven aantrekken?

De VN-Mensenrechtenraad zal in maart 2017 een "zwarte lijst" publiceren van bedrijven die betrokken zijn in de nederzettingenindustrie.

Tijd voor actie

België moet binnen de EU pleiten voor de verdere verdieping van het differentiatieprincipe en hier ook duidelijke publieke standpunten over innemen. Ons land moet zelf ook de Europese richtlijnen uit juli 2013 en november 2015 volledig implementeren, en een duidelijke territorialiteitsbeperking inschrijven in alle bilaterale akkoorden met Israël.

Los van de verdere verdieping van het Europese differentiatiebeleid moet België ook een onmiddellijke bevriezing eisen van de Israëlische nederzettingenexpansie en de vernietiging van Palestijnse voorzieningen in de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem.

Indien Israël hier geen gehoor aan geeft, moet de EU het Associatieakkoord met Israëlopschorten (conform artikel 2 van het akkoord). België moet eveneens een nationaal importverbod instellen op alle producten uit illegale Israëlische nederzettingen en pleiten voor een algemeen Europees importverbod op dergelijke producten (naar analogie met het Europese importverbod op producten uit de door Rusland geannexeerde Krim).

Willem Staes

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels