FAO en Brazilië blazen landhervorming nieuw leven in

Na 27 jaar organiseert de internationale gemeenschap nog eens een conferentie over landhervorming. Honderden miljoenen mensen kunnen er beter van worden, maar veel regeringen branden zich liever niet de vingers aan het politiek gevoelige onderwerp. Gastland Brazilië maakt al sinds de jaren 80 werk van de herverdeling van landbouwgrond, maar moet ook nog een lange weg afleggen.


De vijfdaagse conferentie, een initiatief van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN (FAO), begint vandaag (6 maart) in het Zuid-Braziliaanse Porto Alegre. De bijeenkomst moet maatregelen oprakelen die “bevroren raakte door de neoliberale hegemonie en structurele aanpassingen die geen ruimte lieten voor openbare initiatieven”, zegt Caio França, adviseur van het Braziliaanse ministerie van landbouwontwikkeling.

Wereldwijd lijden 852 miljoen mensen honger, schat de FAO, en driekwart daarvan leeft op het platteland. Miljoenen arme boeren hebben geen grond of akkers die maar een voorschoot groot zijn. Ze missen de kennis of de middelen om goede oogsten binnen te halen, en krijgen vaak weinig voor hun producten.

De oplossing lijkt eenvoudig: herverdeel het grondbezit en help arme landbouwers beter te boeren. Maar de praktijk blijkt moeilijker. De belangen van grootgrondbezitters, mijnbouwondernemingen en stedelingen wegen zwaarder door dan die van de arme boeren.

Brazilië biedt een goed voorbeeld. Het gastland van de conferentie hoeft zich op het eerste gezicht niet te schamen. De voorbije tien jaar heeft het land meer dan 600.000 arme gezinnen landbouwgrond verschaft. Door het nul-hongerprogramma en andere initiatieven van president Luiz Inácio Lula da Silva ging het Braziliaanse beleid nog meer aandacht besteden aan de armoede op het platteland. Er kwamen meer leningen voor kleine boeren, technische bijstand en opleidingen.

Maar de Braziliaanse boeren- en landlozenbeweging klaagt dat alles veel te traag gaat. Meer dan vier miljoen Braziliaanse boerengezinnen hebben nog helemaal geen grond. Grootgrondbezitters hebben een sterke lobby in het Braziliaanse parlement die initiatieven die te ver gaan, makkelijk kan afremmen.

Als de internationale conferentie een sterk actieprogramma oplevert, krijgt de Braziliaanse regering een extra wapen in handen om dat verzet te breken. Die strategie maakt een kans. Internationaal gezien is de aandacht voor de plattelandsproblematiek in elk geval gegroeid door de grotere nadruk die donorlanden leggen op armoedebestrijding en door de discussies over de liberalisering van de landbouwhandel.

Naast de Brazilianse regering zullen ook de sterke Braziliaanse boerenbewegingen proberen hun stempel te drukken op de conferentie. In een park in Porto Alegre hebben bovendien 5.000 kleine boeren hun tenten opgeslagen om in een parallelle bijeenkomst een eisenprogramma uit te werken.

Eén van de symbooldossiers die de Braziliaanse boerenbeweging op tafel wil gooien, is de grootschalige productie van houtpulp voor de papiernijverheid. Kleine boeren worden verdrongen door de grote Braziliaanse en buitenlandse bedrijven die reusachtige boomplantages aanleggen om de pulpfabrieken te voeden. “Mensen eten geen eucalyptus”, is een van de boutades waarmee de voorstanders van een verregaande herverdeling van landbouwgrond en de bescherming van kleine boeren voor hun standpunten werven. (PD)

Deel dit artikel